Maestro Zedda (86) is de bejubelde koning van Rossini’s ‘Otello’

Gregory Kunde als Otello
Gregory Kunde als Otello Foto Annemie Augustijns

Drie tenoren? Dan denk je aan Carreras, Domingo en Pavarotti, niet aan Rossini’s ooit (vóór Verdi) succesvolle ‘dramma per musica’ Otello. En toch is dé attractie van dat werk Rossini’s curieuze keuze niet te kiezen. Iago, Rodrigo en Otello; de mannen rondom Desdemona zijn allen tenor. Daarmee is Otello de nachtmerrie van elke casting-directeur en zijn opvoeringen schaars. Maar de Vlaamse Opera is middenin een Rossini-cyclus en Otello past uitstekend bij het seizoensthema ‘fatal attraction’ – al zal het vinden van opera’s die niet onder die noemer vallen lastiger zijn .

Rossini-specialist Alberto Zedda – 86 maar één en al zonnige kwiekheid – leidde hier eerder Semiramide (2010) en Il Viaggio a Reims (2011). Hij werd nu onthaald met een luid „Vivo Zedda!” en inderdaad is wat Zedda bereikt– een messcherpe Rossini-stijl vol oorkrullende loopjes –interessanter dan de prima, maar ook wat brave regie van Moshe Leiser en Patrice Caurier.

Otello, legeraanvoerder, mag dan succesvol zijn, door zijn huidskleur blijft hij een outcast. Zijn relatie met Desdemona wordt verstoord door mededingers die zijn jaloezie voeden. Slotbeeld: een stervende Otello met het bloed van Desdemona en zichzelf aan zijn handen, krijgt van rivaal Rodrigo nog een rotschop na. Een vondst is de situering van de tweede akte in een oud koffiehuis, waar eerst nog Afrikaanse muziek (trommels, schalmei) klinkt en waar de vertwijfelde Otello geborgenheid zoekt door ‘gewoon’ weer even kansarme allochtoon te zijn.

De charme van Rossini’s muziek schuilt in de vitaliteit, de schoonheid van de melodieën en de aanstekelijkheid van al die hupse toonladdertjes. Maar in een schurende tragedie als Otello staat Rossini’s levenslust ook in de weg van verregaande empathie met het lot van al die uitstekend gezongen personages. Topattractie is de heldere tenor Gregory Kunde in de titelrol, naast hem zijn er gedroomde roldebuten van Carmen Romeu als Desdemona en, als dier vertrouwelinge Emilia, de jonge Raffaella Lupinacci. One to watch.