Een kind kan verlegen zijn, maar begrijpt je heus wel

Verlegen peuters zeggen weinig, maar begrijpen wel wat er bedoeld wordt. Dat concluderen Amerikaanse onderzoekers uit een grote studie naar verlegenheid bij jonge kinderen, vorige week verschenen in Child Development. De taalproblemen van jonge verlegen kinderen zijn dus minder groot dan wel vermoed wordt.

Nauwelijks praten is een kenmerk van verlegenheid. Verlegen kinderen (zo’n 10 procent van alle kinderen, het gaat hier niet om extreme verlegenheid) spreken weinig op school en vaak ook thuis. Ook zijn ze teruggetrokken. Ze willen wel contact maken met anderen, maar durven niet goed. Dat kan al jong beginnen. Bij baby’s is soms al te zien dat ze zich teruggetrokken gedragen en minder brabbelen.

Toch is niet bewezen dat verlegen kinderen een taalachterstand oplopen. In 25 jaar onderzoek bij verlegen kleuters en schoolkinderen werd vaak geconcludeerd dat ze minder taalvaardig zijn dan hun klasgenoten, maar even vaak dat er helemaal niets aan de hand is. Daarnaast is de vraag wát er dan zou mankeren aan hun taalgebruik. Is alleen hun actieve taalgebruik beperkter, of begrijpen verlegen kinderen ook minder van taal?

Verlegen peuters snappen taal best, concluderen psychologen van de University of Colorado. Ze oefenen minder met taal doordat ze minder spreken, maar dat schaadt hun taalbegrip niet. Hoe de taalvaardigheid zich later ontwikkelt, blijft de vraag.

Het Amerikaanse onderzoek is bijzonder omdat het zo grootschalig is (816 kinderen), omdat er jonge peuters aan meededen (14 tot 24 maanden) en omdat de kinderen meermalen werden getest. Daardoor werd de ontwikkeling van hun verlegenheid en hun taalontwikkeling zichtbaar.

Teruggetrokken peuters van ruim een jaar waren angstig in nieuwe situaties en werden door hun ouders en labwaarnemers als ‘verlegen’ betiteld. Die peuters spraken duidelijk minder en hun taalgevoel ging ook minder vooruit dan dat van hun leeftijdsgenoten. Toch leerden ze bijna even goed instructies volgen als ‘geef me het kopje en de bal’.

Een vergelijkbaar onderzoek werd onlangs in Utrecht gedaan bij oudere peuters met gedragsproblemen. Ook dat vond geen verband tussen verlegenheid en passieve taalvaardigheid. Beide onderzoeksteams willen graag dat verlegen peuters meer gestimuleerd worden om actief taal te gebruiken. Hoe dat uitpakt, is onbekend.