Donkerbruine celloklanken

Het Nederlandse compositie-erfgoed blijft problematisch. Muziek van dode Nederlanders wordt sporadisch uitgevoerd maar haalt zelden de canon. Aan dat lot lijkt de net voltooide cd-serie ‘Dutch Cello Sonatas’ weinig te veranderen. Hoe plichtsgetrouw pianist Frans van Ruth en celliste Doris Hochscheid ook tientallen cellosonates uit 1900-1950 hebben afgestoft, componisten als Dirk Schäfer en Daniel van Goens zijn er niet populairder op geworden. De zesde en laatste cd biedt een verklaring. De sonates van onder meer Piet Ketting en Ignace Lilien getuigen van vakmanschap. Maar pakkende melodieën blijken onder Nederlanders geen specialisme; het kleurpalet bevat veel donkerbruin. De sonate van Ketting laveert tussen mysterie en dwaalzucht. Maar het verzonken pizzicato in Orthels Tweede sonate verdient herhaald luisteren, evenals de stralende Sonate van Hendrik Andriessen.