Wie houdt er in Den Haag van Plasterk?

Liefde voor het openbaar bestuur zit in kleine dingen. Daarmee ging Ronald Plasterk afgelopen week in Vrij Nederland de mist in. Het weekblad interviewde hem over integriteit – echt een thema voor een minister van Binnenlandse Zaken. Plasterk vertelt dat het gevaar dat ambtenaren en bestuurders niet-integer handelen toeneemt nu het kabinet veel taken aan lagere overheden overdraagt. Hij zegt: „Hoe gaat dat binnen een gemeente waar elfduizend mensen wonen en waar ambtenaren voorheen voornamelijk verantwoordelijk waren voor het water dat uit de kraan komt?”

Op zo’n moment begint het hoofdschudden bij bestuurders en ambtenaren van die lagere overheden. Weet de minister werkelijk niet dat Nederland daar al sinds jaar en dag waterleidingbedrijven voor heeft? De gemeenten zíjn helemaal niet verantwoordelijk voor het water uit de kraan.

Hij wilde liever naar Financiën

Het is in Den Haag een publiek geheim dat Ronald Plasterk, toen de PvdA weer ging regeren in 2012, liever minister van Financiën was geworden dan minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Hij kreeg ook nog eens VVD-opdrachten mee: gemeentes moesten opschalen, provincies fuseren.

Dinsdag staat de 56-jarige PvdA’er voor een pijnlijke opdracht in de Tweede Kamer. Tot het begin van afgelopen week nam iedereen in de Kamer aan dat het voor hem vaststond dat de Amerikaanse inlichtingendienst NSA belgegevens over in elk geval 1,8 miljoen gesprekken in Nederland had verzameld. Hij had die indruk sinds vorig jaar oktober gewekt, niet alleen in het tv-programma Nieuwsuur, maar ook herhaaldelijk in de Tweede Kamer. Woensdag gaf hij met collega-minister Hennis-Plasschaert van Defensie (VVD) aan de Kamer een andere verklaring: de 1,8 miljoen gegevens, overigens van buitenlandse gesprekken, waren door Nederlandse diensten zelf verzameld en met de Amerikanen gedeeld.

Kamerleden, ook van de ‘vrienden van de coalitie’ D66 en ChristenUnie, gebruikten meteen grote woorden toen ze nog dezelfde dag aandrongen op een debat om Plasterk ter verantwoording te roepen. „We zijn volledig verkeerd geïnformeerd”, zei Gerard Schouw (D66). SP en PVV koersten al op de vertrouwensvraag af: kan deze minister wel blijven?

Vanaf dat moment wist Plasterk: volgende week vecht ik voor mijn politieke leven. Hij zou niet alleen met een goede inhoudelijke uitleg moeten komen. Nu zou ook blijken hoeveel krediet hij heeft opgebouwd als minister van Binnenlandse Zaken, bij coalitie en oppositie. Hij wordt gewogen. Wat is het gewicht van Ronald Plasterk?

Ronald Plasterk is geen Frans Weekers. De vorige week afgetreden VVD-staatssecretaris van Financiën wekte voortdurend ergernis in de Kamer door slecht voorbereide optredens, stuntelige antwoorden en een gebrek aan grip op zijn onderwerpen. Plasterk was sinds zijn aantreden op Binnenlandse Zaken nog niet één keer in gevaar in de Kamer. Zijn probleem is eerder dat hem niet zoveel wordt gevraagd. Afgelopen week zou Plasterk in de Kamer debatteren over de financiële consequenties van de reeks decentralisaties die het kabinet voorbereidt (zoals de jeugdzorg). Het is een van de grootste projecten van het kabinet, en Plasterk is officieel de coördinerende minister. Maar in een half minuutje bepaalde de Kamer dat het handiger was als dat onderwerp werd samengevoegd met een debat over de Wet maatschappelijke ondersteuning, van staatssecretaris Van Rijn. Plasterk? Die hoefde niet op te draven in de Kamer.

Plasterk kreeg bij zijn aantreden een uitgebeend moederdepartement. De politie zit tegenwoordig bij Justitie, collega-minister Blok ‘doet’ wonen en ambtenaren in rijksdienst. Niet dat Plasterk zijn dagen niet vol krijgt. Hij weet bijvoorbeeld elke burgemeester die hij benoemt zo gek te krijgen om op de foto te gaan terwijl die ‘zijn’ gemeente op de kaart van Nederland aanwijst, op Plasterks werkkamer. Het fotootje belandt op Twitter.

Ironisch is dat Plasterk bij kritiek over zijn lichte portefeuille graag verwijst naar zijn verantwoordelijkheid voor de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst. „Elke week, soms wel twee keer, zit ik samen met het hoofd van de AIVD geheime stukken door te nemen”, zegt hij dan. En: „Er is maar één iemand in Nederland die moet beoordelen of die inbreuk op de privacy die de AIVD pleegt bij een persoon of een instelling, terecht is. En dat ben ik dan.”

Hij staat graag in de belangstelling

Misschien is de AIVD ook wel het enige in zijn portefeuille dat Plasterk écht spannend vindt. „Hij vindt dat volgens mij waanzinnig interessant”, zegt Tweede Kamerlid Gerard Schouw (D66). „Maar het lijkt er nu ook op alsof hij geblinddoekt een mijnenveld is ingelopen.”

Het geheime karakter van de inlichtingendiensten botst met wat Plasterk intuïtief graag doet: in de belangstelling staan. En waarmee kan hij dat op Binnenlandse Zaken nu meer doen dan met de ‘geheime dienst’? Bij de woordvoerders openbaar bestuur in de Tweede Kamer – van de oppositie – leven twijfels over de genegenheid van Plasterk voor het openbaar bestuur. Ze vragen zich ook af of hij er de „bestuurlijke intelligentie” voor heeft. Plasterk was in de jaren tachtig bijna twee jaar gemeenteraadslid in Leiden, en rolde in 2007 pas na een lange wetenschappelijke carrière de landelijke politiek in. Moleculaire genetica is andere koek dan argwanende gemeente- of provinciebestuurders. Neem de fusie tussen de provincies Noord-Holland, Utrecht en Flevoland waar hij al anderhalf jaar mee worstelt. Waarom organiseert Plasterk een tour met inspreekavondjes in het land, als je op je vingers kunt natellen dat hij daar alleen maar kritiek te horen krijgt?

Als kandidaat-partijleider legde hij het in de interne verkiezingen ruimschoots af tegen Diederik Samsom – en hij leek daar zelf nog het meest verrast over. Nu kijken ze bij de PvdA het liefst welwillend naar wat hij wel bereikt. Neem die provinciefusie. Voldoende bestuurlijk-politiek intelligent of niet – geen minister van Binnenlandse Zaken kwam de afgelopen jaren zover als Plasterk tot nu toe. Het wetsvoorstel ligt voor advies bij de Raad van State en gaat waarschijnlijk in april richting Tweede Kamer. En ja, hij is misschien een beetje ijdel, maar ach, wie is dat in dit vak niet.

Wat nog meer voor hem spreekt, zeggen ze daar: Ronald is ontzettend loyaal aan zijn partij. In campagnetijd kun je hem overal voor inzetten, óók voor klusjes waar andere Kamerleden hun neus voor ophalen. Videoboodschapjes inspreken: „Ik wil een land waarin rottigheid wordt aangepakt.”

Plasterks loyaliteit en resultaten doen er in het debat dinsdag weinig toe. De coalitie wil geen gedoe: Plasterk houdt steun, als hij geen gekke dingen doet. Bij de oppositie wordt de ijdele Plasterk soms uitgelachen, maar niemand is uit op een persoonlijke afrekening. Zoals Kamerlid Schouw zegt: „Het gaat bij dit soort principiële vragen niet om welk type bewindspersoon je voor je hebt, maar om de feiten.”