Waarom Tye

aids

wilde

Stel: je wordt mishandeld door je ouders, verlaat je huis en belandt op straat. Op straat heb je seks met mannen in ruil voor drugs, eten en tijdelijk onderdak. Om je niet bewust te zijn van die ontelbare vreemden waar je seks mee hebt, ga je drugs gebruiken. Voor je het weet raak je verslaafd en verkoop je je lichaam om high te worden. De enige manier waarop je denkt aan dit leven te kunnen ontsnappen, is door aids op te lopen.

Op het eerste gezicht lijkt Tye Fortner (28) een typische jongen die in de getto’s van New York is opgegroeid. Yankeepet, laaghangende broek die over zijn versleten sneakers valt. Zo’n jongen die voor zijn donkerbruine flatgebouw naar wiebelende vrouwenbillen staart en „Hey shorty” roept.

Het is lastig voor te stellen dat Tye niet meer weet met hoeveel mannen hij het bed heeft gedeeld. Of dat hij jarenlang zelf als vrouw verkleed de straten opging. Tijdens de eerste ontmoeting vertelt hij op de bank in zijn appartement in de Bronx, in New York, zijn verhaal. Een paar maanden later kan hij alleen nog maar liggend interviews geven. Rechtop zitten doet te veel pijn.

Tye was 22 jaar oud en dakloos in New York toen hij zich steeds zwakker voelde, met veel buik- en hoofdpijn. Hij prostitueerde zich toen al vijf jaar en was vaak te high van de crack om zichzelf en zijn mannelijke klanten te beschermen met een condoom.

Na een aantal weken verzamelde hij de moed om een hiv-test te laten doen.

„Mijn hele wereld veranderde”, zegt Tye denkend aan het moment zes jaar geleden dat de dokter hem vertelde dat hij geïnfecteerd was met hiv, het virus dat aids veroorzaakt.

„Ik wilde niemand zien of spreken. Ik wilde het liefst dood.”

Tye raakte in een depressie. Hij wist niet hoe hij aan zijn omgeving moest vertellen dat hij nu hiv had. Hij twijfelde of het nog zin had om te leven. Maar gek genoeg zou zijn situatie door hiv een positieve wending krijgen.

Kort daarna kreeg Tye namelijk recht op een uitkering bestaande uit een gratis appartement, 154 euro aan voedselbonnen per maand, 285 euro zakgeld en een gratis zorgverzekering. De stad New York biedt deze bijstand aan mensen met aids, of hiv in combinatie met een andere ziekte. Patiënten zouden hiermee veiliger en langer leven. Afgelopen november telde New York 43.572 mensen die gebruikmaakten van deze bijstand, onder wie 152 tieners van 17 jaar en jonger.

Tye had in eerste instantie alleen hiv. Hij stopte met het slikken van zijn hiv-medicatie, zodat zijn bloed positief zou testen op aids. Dan pas maakte hij aanspraak op de bijstand.

Aids is een gift

Sage Rivera werkt voor Het Amerikaanse Centrum voor Ziekte Controle en Preventie en heeft de afgelopen tien jaar met honderden dakloze LHBT-jongeren (lesbisch, homoseksueel, biseksueel en transseksueel) in New York gewerkt. Hij schrikt er iedere keer weer van als hij jongeren hoort zeggen dat ze dankbaar zijn voor hun hiv- of aidsinfectie. Zij refereren aan het virus als the gift that keeps on giving.

„Ik kan uit mijn hoofd vijf jongens opnoemen die tegen me hebben gezegd: ik zou niet weten wat ik zonder aids zou moeten”, vertelt Sage. „Een jongen van 26 vertelde mij opzettelijk onveilige seks te hebben om het virus te kunnen oplopen. Hij zei, ‘Ik heb hulp nodig en de enige manier waarop ik die blijkbaar kan krijgen is door ziek te worden’.”

Nancy Downing hoort al jaren over jongeren die geïnfecteerd willen raken met hiv en aids omwille van de voorzieningen. Ze is de juridisch adviseur van Covenant House, de grootse daklozenopvang voor jongeren in Manhattan. „Het is misselijkmakend”, zegt ze, „ik weet niet hoe ik het anders kan omschrijven. Het is verschrikkelijk dat jongeren zo ver moeten gaan om de hulp te krijgen die ze nodig hebben.”

Tippelende travestiet

Tye was de oudste in een gezin van negen kinderen en twee aan heroïne verslaafde>> >> ouders. Zijn moeder overleed kort geleden aan een overdosis. Hij werd jarenlang mishandeld door zijn ouders en verhuisde op zijn zeventiende naar New York waar hij in de prostitutie belandde. Al zijn nieuwe vrienden in New York waren ook prostituee en verkleedden zich als travestiet. Daar waren de mannelijke klanten het meest van gediend. Hij vulde zijn lippen met botox en ging ook als vrouw de straten op. Tasha was zijn nieuwe werknaam.

Tasha’s uniform bestond uit een donkerblauwe skinny spijkerbroek, een grijs met blauw bloesje, hoge hakken en een lange zwarte pruik met krullen. Zijn oogleden kleurde hij met paarse oogschaduw en hij plakte verlengende nepwimpers over zijn echte.

Iedere avond stond hij op straat langsrijdende mannen te verleiden. Hij wist precies hoe laat hij op welke hoek moest staan om de politie te vermijden en de rijkste klanten te winnen.

Zijn handtas was gevuld met condooms en wapens, waaronder een hamer, een schroevendraaier en een mes. „Er zijn veel klootzakken die misbruik van je maken en niet willen betalen. Een paar keer werd er een pistool op mijn hoofd gericht.” Zijn wapens hebben vaak zijn leven gered.

Het grootste aantal mannen waar hij op één avond seks mee had was veertien. Het minste dat zij hem betaalden was 38 euro met wat drugs. „Ik kon het ook zonder drugs doen, maar dronken of high was het een stuk gemakkelijker.” Eerst prostitueerde hij zich voor eten en onderdak, maar al snel raakte hij verslaafd aan crack. Zijn geld gig op aan drugs.

Vluchten naar New York

Volgens het meest recente onderzoek zijn er in New York 3.800 dakloze jongeren. Deskundigen zeggen dat het er veel meer zijn, wel 30.000 op de 8,4 miljoen inwoners. Tussen de 25 procent en 40 procent van de dakloze jongeren in New York behoort tot de LHBT-groep. Zij komen uit New York of trekken vanuit andere steden en dorpen in de Verenigde Staten naar de stad, vanwege het homotolerante karakter. Veel jongeren zijn door hun ouders uit huis gezet vanwege hun seksuele geaardheid en hopen in New York veiligheid te vinden.

Uit een onderzoek van de branchevereniging van centra voor dakloze jongeren in de staat New York blijkt dat de meerderheid van de LHBT-jongeren liever op straat woont dan in de daklozenopvang. In de opvang ervaren zij discriminatie en geweld van begeleiders en medejongeren – onder wie veel bendeleden van de Crips, Bloods en Latin Kings.

Daarnaast schieten de voorzieningen in sommige opvangcentra tekort. Zo is van één opvang, Sylvia’s Place, op loopafstand van Times Square, bekend dat jongeren in de keuken van een kerk slapen op kapotte matrassen en tussen de ratten liggen.

Op straat vormen de dakloze LHBT-jongeren een nieuwe familie. Ze noemen elkaar ook broer en zus. Meer dan de dakloze heterojongeren worden zij op straat benaderd door drugsdealers, pooiers en mensenhandelaren. Hoewel er in bepaalde straten nog getippeld wordt, is het internet ook een centrum geworden voor prostitutie. Dakloze jongeren die couch surfen kunnen na een tijdje seks aanbieden voor een slaapplaats. Op websites als rentboy.com bieden jongens zichzelf aan voor geld of onderdak. Jongeren hopen op die manier, voor minimaal één nacht, verzekerd te zijn van een slaapplaats.

Stoppen met medicijnen tegen hiv

Tye ontsnapte aan het straatleven.

„Wanneer je jarenlang iedere dag – herfst, winter, lente en zomer – op straat leeft en er is een manier om van de straat te komen, dan is er eindelijk weer een lichtpuntje in je leven”, zegt hij.

In het begin had Tye geen recht op de bijstand, want hij had slechts hiv en geen aids.

„Ik stopte met het nemen van mijn hiv-medicijnen en ik ging niet meer langs bij mijn dokter.” Ook gebruikte hij meer heroïne en speed en had hij vaker onveilig seks met zijn klanten.

Zijn plan werkte. In 2008 testte hij positief op aids. Nu pas kwam hij in aanmerking voor een appartement, zakgeld en gezondheidszorg. Hiv alleen was niet voldoende.

Nadat hij jarenlang dakloos te zijn geweest, heeft Tye nu eindelijk zijn eigen huis in de Bronx in New York. „Het voelde net alsof ik in de hemel was”, vertelt Tye over de dag dat hij zijn eigen appartement in liep. „Als ik dit appartement niet zou hebben zou ik nu nog steeds in de prostitutie zitten.”

Kort na zijn diagnose werd Tye zo ziek dat hij vier bloedproppen in ieder been had. Hij kon maandenlang niet lopen. „Eerst mocht ik alleen in bed liggen en werden mijn luiers verschoond, vervolgens zat ik in de rolstoel en daarna liep ik een tijdje met een kruk en wandelstok.”

Het bleef voor Tye niet bij aids. In januari 2012 vonden de artsen een tumor in zijn endeldarm. De tumor is nu verwijderd. Na maandenlang nauwelijks te kunnen bewegen is hij nu aan het herstellen en op zoek naar een baan. Het liefst begeleidt hij kansloze jongeren die uit zijn milieu komen.

Zelfmoord na een positieve uitslag

Jongeren kunnen vaak niet inschatten wat de gevolgen zijn van het virus, denkt James Bolas. Hij is hoofd onderwijs van de Empire State Coalition, een non-profit koepelorganisatie van meer dan zeventig dakloze-jongerenorganisaties in de staat New York. „Het is een overlevingsmechanisme”, zegt Bolas. „Zij denken, wat is gemakkelijker? Op straat leven voor de rest van mijn leven of iedere dag een pilletje slikken? Jongeren nemen gemakkelijk korte-termijnbeslissingen, omdat hun hersenen nog niet volledig ontwikkeld zijn. Maar wanneer ze dan toch horen geïnfecteerd te zijn met hiv of aids, komt het hard aan. Er zijn nog steeds jongeren die zelfmoord plegen na het horen van een positieve hiv-uitslag.”

Volgens Bolas is het noodzakelijk dat er meer geld geïnvesteerd wordt in de zorg en begeleiding van dakloze jongeren. Als jongeren een vak leren en een baan vinden, kunnen ze onafhankelijk worden. „Anders zullen de dakloze jongeren dakloze volwassenen worden en de belastingbetaler meer geld kosten door beslag te leggen op, onder meer zorg- en detentie-instellingen.” Het allereerste dat de jongeren volgens James nodig hebben: „Een veilige slaapplaats, waar de deur achter hun rug op slot kan.”

„Je leeft in het moment”, zegt Tye. „En je denkt dat je toch nergens gaat komen, dus je kunt net zo goed high worden en je gevoelens verdoven. Je denkt dan echt: dit is mijn realiteit voor de rest van mijn leven. Soms kom ik mijn bed niet uit, maar over het algemeen heb ik nu veel meer zin in het leven.” Hij is even stil, neemt het laatste trekje van zijn sigaret en werpt een blik op zijn eigen woonkamer. „Ik had nooit gedroomd dat ik het zo ver zou schoppen en nog steeds zou ademen.” <<