Stop de wereld

Goed of fout in Sotsji: het heeft bijna de beladenheid van goed of fout in de oorlog. Klievende gewetensvraag. Mag je dat olympiërs aandoen op hun vierjaarlijkse Winterspelen? Zijn zij dan meer dan politici en bedrijfsleiders geacht een moreel mandaat hoog te houden in hun uur van de waarheid? Bas Heijne wil niet weten van scheiding tussen sport en politiek. Het is het standpunt van een intellectueel die zich moeilijk kan inleven in het onmenselijke labeur dat topatleten moeten volbrengen voor een medaille. Of voor een bergetappe in de Tour de France.

Geef de Spelen terug aan de sport.

Niet Sven Kramer of Ireen Wüst, en nog minder Jorien ter Mors hebben Sotsji uitgekozen als heilige graal voor eer en roem. Die verantwoordelijkheid ligt bij het IOC. Over discriminatiewetten, vrije meningsuiting, de graaicultuur van het Kremlin hoor je ze niet, de heren van het fluwelen pluche. Ook de noblesse van de olympische beweging is ten onder gegaan in de miljoenendans van sensatie en commercie. Nu ook nog gemangeld tussen terreurdreiging en homohaat.

Alles is politiek, ook de klassieker Ajax-Feyenoord of de Giro d’Italia. Maar niet in de hoofden van sporters. Met het afschuwelijke leed van Russische holebi’s voor ogen zijn topprestaties op schaats en schans onmogelijk. Wie goud wil in Sotsji moet eerst tegen zichzelf zeggen: stop de wereld, ik wil eraf. En dan maar rondjes rijden, op de limiet van braaklust en stervensnood.

Voor minder zit er geen medaille in.

In dagen van veranderend weer zal ook Jorien ter Mors weleens piekeren over discriminatie en rechteloosheid, over arm en rijk. Nu gloeide ze doodgelukkig als een houtkachel in het Fisht Olympisch Stadion: vlaggendraagster bij de opening van de Spelen. Dat een shorttrackster de Nederlandse equipe mocht leiden in ceremoniële grandeur is bijzonder. Velen willen graag vlaggendrager zijn op Olympische Spelen. Voor het oog van de wereld een land en een volk mogen dragen, ontroert zelfs de kleerkasten van het ijshockey.

Het was weer eens tijd voor een vrouw, zei chef de mission Maurits Hendriks, glazenplafondachtig. Daarnaast: shorttrack kan in Nederland wel een duwtje gebruiken. De discipline verzuipt in de obsessie voor langebaanschaatsen. Overigens combineert Ter Mors in Sotsji shorttrack met de langebaan (1.500 meter).

Ze verdient nu reeds een accolade.

Verlangend kijk ik uit naar de finale ijshockey. Par excellence een sport voor mannen. Televisiesport ook. De vraag is of Rusland de traditie kan inhalen. De VS en Canada zijn al enige tijd superieur aan de Russen. In het verleden waren de wedstrijden tussen de Sovjetunie en Tsjechoslowakije bloedstollend. Politiek als wervelwind op ijs.

De Winterspelen zijn een hoogmis voor de NOS. Ook bij afwezigheid van Mart Smeets zal dat niet anders zijn. Ik lees dat in Sotsji de grote middelen worden inzet. De regie op de schaatsbaan is helemaal in handen van de NOS, met 31 hypermoderne camera’s en zestien superslowmotionmachines die Kramer en Wüst haarscherp in beeld moeten brengen. „Zo scherp dat we in de huiskamers de wimpers van Ireen kunnen tellen.”

Sotsji deed me dezer dagen eventjes denken aan de oorlog in Vietnam. Terwijl de mariniers bij bosjes sneuvelden in de Mekongdelta, liep het thuisfront ostentatief te hoop achter spandoeken tegen de oorlog. Ik heb het gevoel dat de thuisfronten de olympiërs in Sotsji ook wat in de steek hebben gelaten.

De benen deden er nauwelijks toe, de kwaliteit van ijs en sneeuw ook niet. Alles draaide rond Poetin en zijn fout regime.

Mark Rutte draaide mee.

Hugo Camps is journalist, columnist en schrijver.