Hoe de bank de boortoren uit Boxtel bande

Boxtel zou de ideale plek zijn om te boren naar schaliegas. Boorbedrijf Cuadrilla nam soepel alle hindernissen – op één na. Ruim voor de eerste Kamervraag, en ook ruim voor de eerste demonstratie stond al vast dat er niet geboord ging worden. Een reconstructie.

Vele protestbijeenkomsten en demonstraties in het najaar van 2013 richten zich tegen schaliegas. Bezorgde en boze burgers uit Boxtel en omstreken proberen de politiek ervan te overtuigen dat er in hun regio niet moet worden geboord. Hun protesten lijken effectief: op 19 september laat minister Henk Kamp (Economische Zaken, VVD) weten dat voorlopig in geen enkele gemeente wordt geboord naar schaliegas.

Boxtel haalt opgelucht adem. Uit documenten en gesprekken met betrokkenen blijkt dat boren naar schaliegas al ver voor de protesten helemaal niet kon. De Rabobank in Boxtel had al met succes bezwaar gemaakt en daarmee voorkomen dat de boor de grond in ging.

Boxtel, begin 2010

Gefascineerd kijkt Henk Duyverman naar Klaas Rozema. Diens handen maken een vierkant in de lucht. Als een fotograaf tuurt hij door zijn zelfgemaakte kader. „Ja, dit is een mooie plek voor een boortoren. Niemand die er last van heeft, zo achter die bosjes, en ver genoeg van de huizen.” Duyverman ziet het helemaal voor zich: hier, op bedrijventerrein Vorst in Boxtel, zal niemand klagen over zichtvervuiling.

De geoloog werkt bij het Britse boorbedrijf Cuadrilla Resources. Met collega’s Klaas Rozema en Ken Lowe trekt hij door de kom van Oost-Brabant: langs plaatsen als Sint-Oedenrode, Schijndel, Haaren en Oirschot. Doel: het vinden van een geschikte plek om naar schaliegas te boren.

Op bedrijventerrein Vorst is maar één stukje grond over tussen alle grijze gebouwen, een bij uitstek geschikte plek. Onder de kaplaarzen bevindt zich op slechts 3,5 kilometer een potentiële goudmijn. Hier zit schaliegas.

Na een half uur stapt het team weer in de auto. Ze zijn klaar hier. Terwijl ze het bedrijventerrein afrijden, komen ze langs een gigantische, moderne bunker. Voor de ingang wapperen twee vlaggen van de Rabobank. Dit is het splinternieuwe datacenter, met kwetsbare servers waar via 800 kilometer kabels al het betalingsverkeer van de bank doorheen raast.

Den Haag, 2008 – 2009

Het Nederlandse schaliegasavontuur begint voor Cuadrilla al in 2008. Met een stapel landkaarten onder de arm bezoekt bestuursvoorzitter Mark Miller op 24 juli voor het eerst Den Haag. Vol vertrouwen loopt de Amerikaan het ministerie van Economische Zaken (EZ) binnen. Volgens de geologische gegevens, die hij een paar maanden eerder voor ongeveer 30 euro heeft gekocht bij TNO, is er een redelijke kans dat er schaliegas te vinden is in Noord-Brabant.

Beleid voor schaliegas had EZ niet, maar het ministerie is duidelijk geïnteresseerd. De Groningse gasreserves raken in de komende tien à vijftien jaar uitgeput. Een nieuwe energiebron is van groot belang om Nederlanders de komende dertig tot vijftig jaar warm te houden. De aanvraag voor een opsporingsvergunning wordt een jaar later dan ook toegekend. Van het Rijk mag Cuadrilla boren. Nu moet het bedrijf nog een gemeente zien te vinden waar de Drillmech 220, een 28 meter hoge boortoren, mag worden gebouwd. In Nederland is de staat eigenaar van alles wat zich meer dan honderd meter diep in de grond bevindt. Gemeenten zijn daarentegen de baas over alles wat zich boven de grond afspeelt. Voor de boortoren is een bouwvergunning nodig van de gemeente.

Boxtel, december 2009

Het is krap aan het bureau van Wim van Erp. De wethouder zit met Bart van Mil, ambtenaar van de afdeling Milieu, tegenover drie mannen van Cuadrilla. Topman Miller maakt vooralsnog weinig indruk. De Amerikaan spreekt geen woord Nederlands en zit er volgens Van Erp waarschijnlijk alleen bij om een beetje gewicht te geven aan de zaak. Het gesprek wordt geleid door Duyverman, „de geoloog”, en Rozema, „de man van de vergunningen”.

Als naast de kopjes koffie ook de landkaarten op tafel komen, moeten de forse heren verder inschikken. Zelfverzekerd wijst Duyverman mogelijke boorlocaties aan. Ter illustratie haalt hij een plaatje uit zijn bruine leren aktetas. Dat laat zien hoe de Drillmech 220 erbij staat in Birmingham.

Van Erp luistert geïnteresseerd. De voormalige aardrijkskundeleraar kent de meeste geologische termen die over tafel vliegen wel. Maar dat er gas kan worden gewonnen uit leisteen, is nieuw voor hem.

Duyverman grijpt een tweede keer naar zijn tas. Hij haalt twee stenen tevoorschijn: een massief pikzwart stuk schalie en een poreus stuk zandsteen. „Kijk, Boxtel en Groningen”, zegt de enthousiaste geoloog. „Zie je hoeveel harder schalie is? Heel anders dan in Slochteren moet je de steenlaag openkraken om erbij te kunnen: fracken.

De interesse van de wethouder is gewekt, maar hij ziet ook dat het allemaal niet eenvoudig gaat worden. De plekken die de geoloog aanwijst liggen in natuurgebied of zijn van particulieren. Van Erp wuift die opties al snel weg. Zijn vinger gaat over de plattegrond. Op industrieterrein Vorst is nog een stuk grond vrij naast het imposante datacenter van de Rabobank. Dáár. Of helemaal niet.

Boxtel, december 2009 – april 2010

Het college realiseert zich dat het schaliegasdossier gevoelig kan worden en tilt het besluit over de raadsverkiezingen van maart heen. Bij die verkiezingen verliest het CDA in Boxtel fors – net als in veel andere gemeenten – zodat de partij voor het eerst in twaalf jaar niet in het college komt. Peter van de Wiel, voorman van de lokale partij Combinatie95 is vanaf 13 april – zonder al te veel bestuurlijke ervaring – belast met het schaliegasdossier. De voormalig opleidingscoördinator weet, in tegenstelling tot zijn voorganger, niets van geologie.

Dat het een prominent onderwerp is, wordt meteen duidelijk. Een van de eerste gesprekken die hij in zijn nieuwe functie voert, is met Cuadrilla. Een uurtje daarvoor praat Van Mil de nieuwe wethouder bij. Van de Wiel heeft geen idee wat schaliegas is, laat staan wat de procedures zijn die gevolgd moeten worden en de eventuele risico’s die aan deze manier van gaswinning zitten. Het eerste wat hij in het gesprek met Duyverman, Miller en Lowe zegt, is dan ook: „Voed mij met informatie.”

Voor Cuadrilla komt een proefboring inmiddels steeds dichterbij. Om het Britse bedrijf een Brabants tintje te geven, wordt de vergunning overgezet op een dochteronderneming: Brabant Resources.

Boxtel, vrijdag 23 juli 2010

„We hebben besloten geen medewerking te verlenen aan het verzoek.” Henk Duyverman was niet onder de indruk van de afwijzingsbrief van 8 juli 2010 waarin de gemeente meedeelt dat Cuadrilla „een aanmerkelijk gunstiger bod” op tafel moet leggen. Hij weet dat dit slechts onderhandelingstactiek is.

En dat weten ze op het hoofdkantoor in het Verenigd Koninkrijk ook. Mark Miller besluit daarom twee weken later af te reizen naar Boxtel. Deze gemeente heeft de beste boorplek: de schalielaag zit er relatief dicht onder de oppervlakte, en het gesteente is daar heel zuiver. Cuadrilla wil alles uit de kast halen. En tempo maken. Miller weet dat dat geld kost. „De eerste keer boren naar schaliegas in welk land dan ook kost altijd meer. Daar houd je gewoon rekening mee”, legt Duyverman uit. Eindresultaat: 122.522 euro per jaar huur voor de (gemeente)grond plus eenmalig 150.000 euro voor de Boxtelse gemeenschap.

Dan komt het datacenter van de Rabobank ter sprake. „Problem of Rabobank –› 100%”, onderstreept Rozema in zijn aantekeningen. De bunker, waar Millers collega’s een paar maanden eerder nog nietsvermoedend langsreden, blijkt een punt van zorg voor de gemeente. Voor het datacenter is in 2007 gezocht naar een veilige locatie. Het mocht niet te dicht bij een grote rivier of een spoorlijn komen, en er mochten geen vliegtuigen overvliegen.

Miller laat zich echter niet van zijn stuk brengen: de kans op trillingen is met de nieuwste boorapparatuur minimaal. De heren spreken af dat Cuadrilla contact opneemt met de Rabobank. Vol goede moed vertrekken de mannen van het boorbedrijf.

Een juiste inschatting, blijkt een maand later. Op 23 augustus 2010 komt er een positieve beslissing uit Boxtel binnen op het Britse hoofdkantoor. Nu is het wachten op de bouwvergunning en dan kan de Drillmech naar Boxtel worden verscheept.

Utrecht, woensdag 6 oktober 2010

„Dag Vincent, met Peter van de Wiel van de gemeente Boxtel.” Vincent Lokin weet meteen wie hij aan de lijn heeft. De directeur facilities van Rabobank Nederland heeft de wethouder een keer vluchtig gezien op een receptie. Lokin woont zelf in Boxtel, dan kom je de lokale bestuurders weleens tegen.

„Het college van B en W heeft besloten een vergunning voor proefboring naar schaliegas aan Cuadrilla te verlenen.” Terwijl de woorden van Van de Wiel doordringen, denkt Lokin na. De nieuwe buurman wordt een boorbedrijf. Al die bijzondere veiligheidseisen die aan de locatie van het datacenter waren gesteld, al die afspraken en voorzorgsmaatregelen, en nu dit.

Die gedachte houdt hij echter voor zich. Hoewel Lokin zich voorneemt om Cuadrilla te bellen – en het boorbedrijf een paar maanden eerder zelf het voornemen had de Rabobank te bellen – hebben de toekomstige buren tot april 2011 geen contact.

Als Lokin heeft opgehangen, bespreekt hij het nieuws met onder anderen de vastgoedjurist van de bank. Ze zijn niet gerust op de plannen van de gemeente en Cuadrilla. En dus krijgt Boxtel op vrijdag 2 december, de laatste dag dat belanghebbenden hun standpunt kunnen indienen, aan het eind van de middag een fax van de bank, vol bezwaren en bedenkingen.

Toch legt het College de zienswijze naast zich neer. Ze vertrouwen op Cuadrilla en het ministerie van Economische Zaken. Daarbij wil de gemeente niet op de zaken vooruitlopen. „Ons ging het altijd om een tijdelijke boring om te kijken of er überhaupt schaliegas in Boxtel te vinden is. Afhankelijk hiervan wilden we een nieuwe afweging maken voor daadwerkelijke winning”, legt Van de Wiel het besluit uit om op 11 januari 2011 toch een bouwvergunning te verlenen aan Cuadrilla.

Tot teleurstelling van de Rabobank. Die laat het er niet bij zitten.

’s-Hertogenbosch, 25 oktober 2011

„Dit gaan we winnen”, dacht Frank de Boer voorafgaand aan de rechtszaak. De nieuwe directeur werkt nu iets meer dan een half jaar bij de Nederlandse tak van Cuadrilla in Den Bosch. In de zaak tussen Boxtel en de Rabobank waren hij en zijn collega Henk Duyverman als deskundigen gehoord.

De Boer leest snel het vonnis van zeven pagina’s. Het ging tijdens de zitting op 13 september over de veiligheid en de technische aspecten van een proefboring. Zes weken later is daar in de papieren helemaal niets van terug te lezen. De rechter oordeelt op zuiver procedurele gronden.

Verbaasd leest De Boer dat rechters hebben besloten dat er nu niet geboord mag worden op Vorst. Als reden worden niet het datacenter of eventuele trillingen genoemd. Nee, de boor gaat niet de grond in omdat de tijdelijkheid van de booractiviteiten onvoldoende benadrukt is.

In het kantoor van Cuadrilla legt De Boer de papieren neer. Pas dan beseft hij dat het bedrijf in het dossier ‘Boxtel’ een grote fout heeft gemaakt. Ze hebben een belangrijke speler over het hoofd gezien. Het datacenter is een struikelblok gebleken. „We hadden een goede buur moeten zijn, eerder met elkaar in gesprek moeten gaan. Dan waren we er uitgekomen.”

Epiloog

Het Nederlandse schaliegasdossier begon in 2008 – de commotie pas drie jaar later, toen alle vergunningen al waren vergeven. Omdat nergens integraal beleid lag en geen enkele overheid het overzicht had, heeft Cuadrilla in de beginperiode station na station kunnen passeren in de opmars naar zijn eerste boring in Nederland.

Iedereen deed wat hij moest doen: landelijke en lokale overheid volgden de regels die gelden. Onder de grond de Mijnbouwwet, boven de grond de Wet Ruimtelijke Ordening. Dat zijn allebei wetten die alleen oog hebben voor deelbelangen. Nergens in het proces is formeel ruimte voor een algehele belangenafweging.

Aan het eind van de rit kwam minister Kamp tot de conclusie dat zo’n afweging wél nodig is. Daarom kondigde hij op 19 september 2013 aan een zogeheten structuurvisie op te stellen. Hij neemt nu anderhalf jaar de tijd om te komen met een stuk waarin hij uitsluitsel wil geven óf en waar bedrijven als Cuadrilla kunnen boren naar schaliegas. Intussen wacht het bedrijf af, en betaalt het trouw de huur voor het stuk grond in Boxtel, hoewel de gemeente daar liever van af wil: die heeft zich intussen ‘schaliegasvrij’ verklaard.

Een uitvoeriger versie van deze reconstructie met beelden en onderliggende documenten is te vinden op www.nrc.nl/schaliegas.