Opinie

Gemeentepolitici, wat een helden

Wie wil er in hemelsnaam nog wethouder of gemeenteraadslid worden? Degenen die zich hebben aangemeld als kandidaat voor de gemeenteraadsverkiezingen op 19 maart zouden wat mij betreft allemaal een nominatie voor een lintje moeten krijgen. Want man, man, man, wat een onaantrekkelijke taak ligt er voor hen klaar.

Voordat u meteen gaat sputteren: ik weet dat tussen die gemeentemensen ook rotte, corrupte en incompetente appels zitten. Dat is de afgelopen jaren op sommige plekken gebleken. Ik stel niet voor dat u en ik ons opstellen als een kritiekloze applausmachine voor gemeentepolitici. Integendeel. Maar zullen we de baanomschrijving even met elkaar doornemen, en dan kijken of u de baan zou begeren? Want dat is het probleem: wie echt wat kan, moet bijna gek zijn om zich aan te melden.

Komt-ie. Autonomie: minimaal. Ondankbare taken: maximaal. Waardering: niet van toepassing. Kans op lijken in de kast van voorgangers zoals verliezen op grondaankopen: groot. Kans op publiekelijke schrobbering: groot. Kans op bedreigingen: groot. Salaris: a) voor wethouders: van 4.381 bruto per maand in de kleinste gemeentes tot 9.098 in de grootste; b) voor raadsleden (geldt als bijbaan): van 228 bruto per maand in de kleinste gemeentes tot 2.138 in de grootste. Zegt u het maar.

Gemeenten krijgen de komende jaren een bak met ondankbare taken op hun bord, waarop tegelijkertijd bezuinigd wordt: de jeugdzorg, een deel van de verzorging van ouderen en gehandicapten, de begeleiding naar werk van jonge mensen uit bijvoorbeeld het speciaal onderwijs.

Het idee is: gemeenten staan dichterbij de mensen en kunnen deze taken dus beter én goedkoper uitvoeren. Omdat politici in Den Haag opportunistisch van aard zijn hebben ze de bezuiniging op deze taken maar meteen ingeboekt. En omdat politici in Den Haag wantrouwend van aard zijn, hebben ze de ruimte voor gemeenten om zelf beslissingen te nemen klein gemaakt. Want het mag natuurlijk niet zo zijn dat in de ene gemeente een hulpbehoevende bejaarde andere voorzieningen krijgt dan in de andere.

Het zijn de komende jaren dus de gemeenten die de mensen hun voorzieningen afpakken. Gezien de moderne gewoonte om persoonlijk aan de voordeur je recht te halen, kunnen gemeentepolitici rekenen op bedreigingen. De dreigers zullen niet zelden weten waar die raadsleden en wethouders wonen. Fijn hè, zo dichtbij je burgers staan.

Hoogleraar staatsrecht Douwe Jan Elzinga voorspelde in NRC dat honderden gemeenten de komende jaren ten onder zullen gaan aan deze „zeer riskante en gecompliceerde operatie” die de begroting van de gemiddelde gemeente met 70 procent zal doen stijgen.

Meer geld, meer taken, minder autonomie. Het resultaat voorspel ik vast: gemeenten worden een kop van Jut voor de landelijke politiek. Vergelijkbaar aan de ervaring van overheidsdiensten als de Belastingdienst en uitkeringsinstantie UWV. Die moeten met steeds minder mensen beleid uitvoeren dat om de haverklap drastisch van koers verandert. Als het goed gaat, hoor je niemand in Den Haag. Als het misgaat, word je publiekelijk terechtgesteld. En aan het einde van de dag loop je over straat en hoor je de burger voor wie je het doet ‘zakkenvuller’ sissen.

Overdrijf ik? Vast. En het salaris is heus niet slecht. Maar als u in uw gemeente een professionele man of vrouw ziet die zich kandidaat heeft gesteld, geef hem of haar een schouderklop. Knuffel die heldhaftigen! Want als ook u en ik hen niet waarderen, dan blijven voor de gemeentepolitiek alleen nog ongeïnteresseerde kneuzen over die het doen voor het geld.

Marike Stellinga schrijft op deze plek elke zaterdag over politiek en economie