Een ruime jas en een broek met het kruis op de knieën

Nieuw skionderdeel bij de Winterspelen trekt niet de doorsneesporter aan. Ze zijn net wat vrolijker dan de andere sporters. Ook al is het parcours buitengewoon moeilijk.

Snowboardster Cheryl Maas tijdens haar eerste run. Zondag zijn de finales in de nieuwe discipline slopestyle.
Snowboardster Cheryl Maas tijdens haar eerste run. Zondag zijn de finales in de nieuwe discipline slopestyle. Foto ANP

Backside one-eighty; switch backside five-forty; frontside three-sixty; backside seven-twenty of backside nine. Bent u er nog? Het is slopestyle-jargon voor de sprongen. Of tricks, zoals de rijders zelf zeggen. Even iets anders dan een rondje 30,1 bij het schaatsen. Slopestyle is een nieuw onderdeel bij de Winterspelen in Sotsji, met nieuwe gezichten en dus ook met een nieuw vocabulaire.

Ze zijn anders dan anderen, die jongens en meisjes van het snowboarden – de deelnemers zijn door de bank genomen erg jong. Ze lijken zelfs niet op de doorsnee olympische sporter in hun toch wat eenvormige kleding. Een snowboarder draagt een jas en een broek. Speciale, dat wel. Maar toch, een ruime jas en een broek, bij voorkeur met het kruis op de knieën. Ze hebben ook allemaal hetzelfde type muts op, met meestal de capuchon wat achteloos op het achterhoofd gedrapeerd. Dat is cool. Want zo zijn snowboarders.

Ook een hechte familie. Wel concurrerend, maar met een tikje minder naijver dan bij andere olympische sporten. Snowboarders gedragen zich net wat vrolijker en uitbundiger dan de andere sporters op de Spelen. Neem Cheryl Maas, de Nederlandse deelneemster bij slopestyle. Zij zegt kort na haar hopeloos mislukte kwalificatieruns dat de teleurstelling al weer is gezakt. Ze krijgt een nieuwe kans. Nou dan?

Wat haar wel irriteert, is het parcours, waar ze maar geen vat op kan krijgen. De moeilijkheidsgraad is dusdanig hoog en het aantal trainingsruns dermate gering dat ze onmogelijk haar tricks onder controle kan krijgen. Ze kan haar bord waxen wat ze wil, maar het lukt maar niet. Dan weer te traag, dan weer te snel. Ze had sterk het gevoel onvoorbereid de kwalificatieruns te moeten rijden. Kijk, als ze wordt uitgeschakeld bij normale omstandigheden, so be it. Maar ze heeft in Sotjsi nog niet het beste van zichzelf kunnen laten zien.

Het begon al bij aankomst, vorige week. Het parcours bleek aanzienlijk lastiger dan Maas gewend is. Niet alleen zij schrok zich een hoedje, alle deelnemers moesten even slikken. Terwijl snowboarders wel het een en ander gewend zijn. Vooral die laatste drie hellingen voor de finish, die zijn hóóg. Na een aantal flinke valpartijen en een gebroken sleutelbeen van de Noor Torstein Horgmo, een favoriet voor goud, werd de piste ijlings aangepast. Het is minder gevaarlijk, maar nog steeds heftig.

Het levert spectaculaire beelden op, vooral bij de mannen met hun vele draaiingen en rotaties. De Amerikaan Charles Guldemond zei tegen The New York Times zich geïntimideerd te voelen. „Vooral op de laatste helling heb je het gevoel te worden gelanceerd, zo lang hang je in de lucht.”

De vrouwen springen wat minder hoog dan de mannen. Maar dan nog zijn er al velen gevallen. Met de Finse Merika Enne als grootste slachtoffer. Zij kwam bij de training hard op haar hoofd terecht en kon de kwalificatierun amper rijden. Ze hoopt zondag voor de finale te zijn opgeknapt. Vrijdag volgde een nieuw slachtoffer. De Oostenrijker Adrien Krainer stuiterde, leek niet zwaar gewond, maar werd toch per helikopter afgevoerd.

De vrolijke Nieuw-Zeelandse Rebbeca Torr spreekt openlijk van een onveilig parcours. „Maar dat is bij de X-Games [Amerikaans evenement met extreme wintersporten] ook het geval. Alleen daar zijn de hellingen minder hoog en het parcours beter gebouwd. Ondanks de aanpassingen is dit wel erg gevaarlijk.” En lachend vervolgt ze haar weg. Want snowboarders mokken niet. Daar is het leven veel te mooi voor, toch?