‘Onze democratie is niet die van jullie’

Egyptische minister van Buitenlandse Zaken vraagt het Westen om geduld.

Nabil Fahmy had een hoop uit te leggen gisteren tijdens zijn bezoek aan Nederland. Vlak nadat de Egyptische minister van Buitenlandse Zaken zondag op het vliegtuig stapte – hij deed eerst Italië en Duitsland aan – nam de Nederlandse journaliste Rena Netjes de wijk uit Egypte. Ze was op een lijst geplaatst van journalisten die verdacht worden van terrorisme en riskeerde drie jaar celstraf. In totaal zijn twintig journalisten aangeklaagd, de meesten van Al-Jazeera.

De zaak kwam ter sprake tijdens het bezoek van Fahmy aan de Tweede Kamer en de ontmoeting met zijn Nederlandse ambtgenoot Frans Timmermans. Die drong er bij Fahmy op aan Netjes’ naam te zuiveren en er zorg voor te dragen dat zij haar werk in Egypte kan hervatten. Maar Fahmy zei dat hij niets voor de journaliste kan doen. „De zaak ligt voor de rechter, maar ik ben ervan overtuigd dat ze een eerlijk proces krijgt.”

Het charmeoffensief van Fahmy gaat vooraf aan een vergadering van Europese ministers van Buitenlandse Zaken maandag, waar de uitkomst van het referendum over de Egyptische grondwet aan de orde komt. Er zijn zorgen over de repressie van de Moslimbroederschap en de intimidatie van journalisten. De EU overweegt Egypte meer hulp te geven, maar realiseert zich dat de miljard euro die ze de afgelopen vijf jaar al in Egypte heeft gestopt nauwelijks meer democratie heeft opgeleverd.

In Nederland is geschokt gereageerd op het nieuws over Netjes. Bent uw zich ervan bewust dat de intimidatie van journalisten bijdraagt aan het slechte imago van Egypte?

„We moeten niet op de zaken vooruitlopen. De rechter moet beslissen of er genoeg bewijs is om tot vervolging over te gaan. Ik kan niet beoordelen of ze iets verkeerd heeft gedaan. Maar als je de wet overtreedt, dan word je gestraft. Dat is in uw land ook zo.”

Maar Netjes is niet de enige. In Egypte zijn tientallen journalisten aangeklaagd of gearresteerd.

„Ik weet dat dit gevoelig ligt omdat het journalisten betreft. Maar ook zij moeten zich aan de wet houden. In de meeste landen moeten journalisten een perskaart hebben. Ook in Egypte. De journalisten die u bedoelt, lijken die niet te hebben gehad. Het is de vraag of dit ook voor Netjes gold.”

De bekende Egyptische journaliste Lamis el-Hadidi zei in haar populaire tv-programma: ‘Hoe zijn we terechtgekomen in de situatie waarin journalisten zonder perskaart worden gezien als terroristen?’

„Het enige dat we van pers vragen is dat ze geregistreerd zijn, want die geeft hun rechten en garanties. Als ze verslag doen van een protest kan de politie zien wie journalist is en wie niet.”

Maar een journalist zonder perskaart is toch niet meteen terrorist?

„Nee, dat is een gigantische stap. Dit is iets waar de rechter naar moet kijken, gebaseerd op het bewijs.”

De maandenlange campagne tegen buitenlandse journalisten heeft de xenofobie in Egypte enorm aangewakkerd. Ben u niet bang dat een monster is gecreëerd dat niet kan worden gecontroleerd?

„Een campagne van wie?”

Media en politici.

„We hebben vrije media. We hebben ruim zeventig politieke partijen. We proberen een open samenleving te creëren met vrijheid van meningsuiting. Dan worden soms dingen gezegd die je niet leuk vindt. Maar u doet voorkomen alsof er sprake is van een georganiseerde campagne. Dat is niet waar. Buiten dat ben ik het met u eens. Elke stigmatisering van buitenlanders of etnische groepen is onacceptabel.

„We realiseren ons dat er teveel kritiek is op journalisten en dat dit tot spanningen leidt. De staatsinformatiedienst gaf vorige week een verklaring uit, die stelde dat buitenlandse journalisten welkom zijn en het recht hebben om in Egypte te werken. We zullen ze veiligheid garanderen zodat ze hun werk kunnen doen. We vragen ze alleen zich aan de wet te houden.”

Zelfs toeristen met camera lopen het risico aangevallen te worden omdat mensen denken dat ze journalisten zijn. De gevolgen voor Egypte, dat afhankelijk is van toerisme, zijn groot. Wat doet u hieraan?

„We zullen toeristen ervan verzekeren dat ze welkom zijn. Veiligheid is het allerbelangrijkst, zodat Egypte weer aantrekkelijk wordt voor toeristen en buitenlandse investeerders.”

Egypte krijgt nog steeds hulp van de VS en de EU, die zich in bochten hebben gewrongen om de afzetting van oud-president Morsi geen coup te noemen. Waarom is er dan al maanden een mediacampagne waarin ze ervan worden beschuldigd Morsi te steunen?

„Door de verklaringen van de VS en Europese landen denken de meeste Egyptenaren dat zij de stem van het volk negeren. Het volk ging massaal de straat op om democratie te eisen. Maar de VS en de EU steunen alleen de Moslimbroederschap met de premisse dat wanneer je verkozen bent, je automatisch een democraat bent. Maar er is een verschil tussen verkozen worden en de daden erna.

„Egyptenaren vragen zich af waarom zij niet werden gehoord toen ze de straat op gingen. Veel Europeanen en Amerikanen zeggen dat ze wel degelijk de aspiraties van het volk steunen. Dat mag zo zijn. Maar om de perceptie bij Egyptenaren weg te nemen zullen ze zich sterker moeten uitspreken tegen terrorisme, zonder dat telkens te verbinden aan mensenrechten.”

Egypte krijgt nog steeds hulp van de VS en de EU. Heeft u de indruk dat dit zo blijft, wat uw regering ook doet?

„We zullen van Egypte een democratie maken. We doen dit niet omdat jullie ons hulp geven, maar omdat de Egyptenaren democratie willen. Jullie helpen ons omdat het in jullie belang is dat het goed gaat met Egypte. Jullie zouden meer kunnen doen, door ons te helpen met het opbouwen van instituties en het creëren van banen. Maar jullie moeten onze democratie niet met die van jullie vergelijken, want die is veel verder ontwikkeld.”

Veel Egyptenaren zien legerleider Al-Sisi als een soort superman, die alle problemen zal oplossen. Dit kan slechts tot teleurstelling leiden.

„Het Egyptische volk is de echte superman. Zij hebben twee keer een president afgezet. Zij staan erop dat Egypte een democratie wordt. Zij kampen met al die enorme problemen: onveiligheid, werkloosheid. Zij moeten nu een president en een parlement kiezen die ze vertrouwen bij de aanpak van deze problemen.”