Dirigent Gimeno heeft het helemaal

Gustavo Gimeno: droomdebuut
Gustavo Gimeno: droomdebuut Foto Marco Borggreve

Het is de klassieke droomwens: invaller vervangt zieke topdirigent bij wereldberoemd orkest en oogst ovationeel succes. Het gebeurde met Leonard Bernstein in 1943 en Bernard Haitink in 1956. En gisteravond was Gustavo Gimeno de gelukkige. De Spaanse slagwerker verving bij het Koninklijk Concertgebouworkest zijn chef-dirigent Mariss Jansons, die wordt behandeld wegens zijn hartprobleem. Gimeno (38), al enige tijd assistent-dirigent bij het KCO, blijkt een natuurtalent. Hij is lang en slank, hij beschikt over zelfverzekerde rust en vanzelfsprekend gezag. Zijn exacte gebaar is gedecideerd en terzake, zijn linker hand doet wat anders dan zijn rechter.

Met veel flair dirigeerde Gimeno een gevarieerd concert. Sibelius’ mythisch-melancholieke De zwaan van Tuonela klonk in wisselende duistere klankkleuren. In de enerverende Europese première van het Tweede pianoconcert van Magnus Lindberg – een imposant retro-werk dat het toetsenbord in de volle breedte gebruikt – begeleidde hij klavierleeuw Yefim Bronfman in grootse stijl. Het complexe Jeu de cartes van Stravinsky, een staalkaart van muziekstijlen en citaten, was perfect: streng èn lyrisch. De afsluiter was Johann Strauss’ overrompelende ouverture Die Fledermaus, sprankelend en met losjes wapperende handen gedirigeerd. Het publiek in de zaal en zijn collega’s in het orkest waren euforisch. Inclusief Weense danspasjes heeft Gustavo Gimeno het helemaal.