Dijsselbloem houdt vast aan hogere buffers voor banken

Minister wil strengere regels invoeren dan EU-norm

Minister Dijsselbloem van Financiën (PvdA) wilde gisteren geen millimeter wijken. Met leden van de Tweede Kamer ging hij in debat over de plannen van het kabinet om banken veiliger en stabieler te maken. Gedurende dat debat maakte hij nog eens glashelder duidelijk: banken kunnen hoog en laag springen, het kabinet houdt vast aan zijn plannen om banken te verplichten vanaf 2018 minimaal 4 procent eigen vermogen aan te houden.

De banken hadden zich voorafgaand beklaagd over die zogeheten leverage ratio van 4 procent, een van de belangrijkste voorstellen van het kabinet om tot een veiligere bankensector te komen. Op Europees niveau is momenteel namelijk afgesproken dat banken maar 3 procent eigen vermogen moeten aanhouden. Als voor Nederlandse banken strengere regels worden gehanteerd, schaadt dat hun concurrentiepositie, zeggen de banken. Chris Buijink, voorzitter van de brancheorganisatie NVB, noemde het plan afgelopen zondag in televisieprogramma Buitenhof „onverstandig”.

Dijsselbloem wil er echter niet van weten. „3 procent is niet echt ambitieus”, stelde hij. Bovendien, de concurrentiepositie van Nederlandse banken zou er helemaal niet op verslechteren Ze zouden de concurrentiestrijd er juist béter door kunnen voeren. Banken met hogere buffers gelden als financieel veiliger, en kunnen dus goedkoper aan financiering komen op de kapitaalmarkt, aldus Dijsselbloem.

In de Kamer lijkt zich een ruime meerderheid af te tekenen voor hogere buffers dan volgens de Europese Unie nodig zijn. SP, Groenlinks, D66, CDA, PvdA zijn voor. Maar de vraag is of Dijsselbloems plannen voor die partijen ver genoeg gaan. Wouter Koolmees van D66 noemde de 4 procent „nattevingerwerk” en vroeg de minister te onderzoeken wat de ideale hoogte van de buffer nu was. Coalitiepartner VVD is er overigens tegen. Die wil niet dat Nederland vooruitloopt op Europa. Of dat werkelijk gaat gebeuren, is nog de vraag. Op Europees niveau staat het percentage nu op 3 procent. Maar in 2016 besluit de EU of dat misschien niet toch hoger moet. Dijsselbloem zegt zich hard te gaan maken in Brussel voor 4 procent voor alle banken in Europa. Als dat gebeurt staan de VVD en de banken wel achter het plan, zeggen zij.

Verschillende banken hebben gewaarschuwd dat de hogere eis een gevaar vormt voor de kredietverlening. Als ze meer geld opzij moeten zetten om hun bank veiliger te maken, is er minder geld beschikbaar voor het verstrekken van hypotheken en bedrijfskredieten. Dat zou een rem zetten op het economisch herstel.

Maar Dijsselbloem maakte gisteren gehakt van die redenering. „Die is echt veel te kort door de bocht.” Dijsselbloem zei dat banken genoeg mogelijkheden hebben om hun buffers te verhogen zonder aan balansverkorting te doen, zoals dat heet. Ze zouden minder winst aan aandeelhouders kunnen uitkeren, of mindere hoge salarissen uitbetalen. De salarissen in de sector zijn nog steeds bovengemiddeld hoog. Ook zouden ze nieuw kapitaal kunnen ophalen door bijvoorbeeld (nieuwe) aandelen uit te geven.

Het Sustainable Finance Lab, een denktank van wetenschappers die zich inzet voor een duurzame financiële sector, vindt de 4 procenteis royaal tekort schieten. „Verschillende internationale studies hebben laten zien dat vanuit het maatschappelijk perspectief het aandeel van eigen vermogen in de financiering van banken aanmerkelijk hoger zou moeten zijn”, schreef de denktank in een brief aan de Tweede Kamer vorige week. Het percentage zou eerder richting de 10 moeten. Of de Kamer daaraan wil, zal binnenkort moeten blijken.