Twitteren vanuit de stal over een pasgeboren kalf

De farmer-selfie, ofwel felfie, is een hit. Boeren zetten sociale media in bij het publieke debat.

Een kiekje bij de kalfjes in de stal, een big met een zonnebril op – geef de boer een podium en hij kruipt volledig uit z’n schulp. Enkele weken geleden dook de felfie ineens overal op: een selfie, maar dan gemaakt door een boer (‘farmer-selfies’ dus). De trend begon in Ierland, maar waaide al snel over naar andere landen. Voor de ‘twitterboeren’ betekent het een directe verbinding met de publieke opinie.

Boerin Elly Michiels-Fleuren (@elly_emf38) zit sinds 2,5 jaar op Twitter. Samen met haar man heeft ze een boerenbedrijf met vleesvarkens, bloembollen en akkerbouw. Toen ze dat bedrijf in 2011 wilden uitbreiden, kregen ze te maken met veel weerstand uit de buurt. „Mensen denken bij uitbreiding meteen aan megastallen en maken zich zorgen. Om hen gerust te stellen en hun vragen te beantwoorden, ben ik begonnen met Twitter en Facebook.”

Inmiddels is Michiels-Fleuren een fervent gebruiker van sociale media: op drukke dagen stuurt ze zo twintig tweets de wereld in. „Ik gebruik Twitter niet om alleen maar te zenden – het gaat mij vooral om de open dialoog. Toen Zembla vorig jaar een uitzending had over sjoemelen met vlees, heb ik journalisten uitgenodigd om in onze stallen te komen kijken. Wij hebben niks te verbergen.”

Ook melkveehouder Dirk Bruins (@DirkBruins) gebruikt sociale media om de beeldvorming te beïnvloeden. „Via Twitter en Facebook kunnen boeren zelf bepalen hoe mensen ze zien en ze laten weten dat ze niet ergens in een afgelegen stal zijn weggestopt.” Zelf merkt hij dat het ook andersom werkt. „Ik ben naast boer ook gemeenteraadslid en ik heb een bestuurlijke functie bij Land- en Tuinbouw Organisatie Nederland. Dan vormt zich al snel het beeld van een grote boer die niks meer met z’n dieren heeft. Als ik dan een foto van mezelf met een pasgeboren kalfje post, merk ik dat mensen hun ideeën bijstellen.”

In sommige gevallen helpen sociale media zelfs om de publieke opinie te doen kantelen. Zoals eind vorig jaar, toen Wakker Dier een discussie probeerde aan te zwengelen over de geboortekrik – een apparaat om kalveren mee ter wereld te helpen. De geboortekrik was nooit bij wet gelegaliseerd, maar werd gedoogd. Bruins: „Wakker Dier schiep het beeld dat het verlosapparaat, dat overigens alleen bij moeilijke geboortes wordt gebruikt, leidt tot veel dode kalfjes en gebroken ruggen en poten. Veel boeren waren verschrikkelijk boos en gekwetst. Dankzij sociale media konden zij nu massaal hun verhaal doen. En we zagen dat staatssecretaris Sharon Dijksma (Economische Zaken) besloot het verlosapparaat te legaliseren onder bepaalde voorwaarden.” Het was niet de eerste keer dat Dijksma contact had met boeren via sociale media. Eind 2013 nodigde ze veertien ‘twitterboeren’, zoals ze zichzelf noemen, uit in Den Haag voor de #boerentweetmeet. En afgelopen maand mocht de club op bezoek bij het Europees Parlement.

Nadelen van Twitter zijn er ook, vindt Michiels-Fleuren. Zo zijn er nogal eens extreem-linkse dierenactivisten die haar het licht niet in de ogen gunnen. „Doodsbedreigingen krijgen, dat is niet leuk. Vroeger liet ik de poort bijvoorbeeld open, die gaat nu op slot. En de hond laat ik loslopen op het erf ’s nachts.” ”

Bij koeienboer Nils den Besten (@NilsdenBesten) is dit gelukkig niet aan de orde. „Mijn droom is dat elke Nederlander twee boeren in z’n timeline heeft – pas dan kunnen we een compleet beeld laten zien van onze sector.”