Kardinaal negeert wens Poolse paus

Voor de kardinaal van Kraków, Stanislaw Dziwisz was het een onmogelijk dilemma, een keuze tussen twee kwaden. Ongehoorzaam zijn aan de in 2005 overleden paus Johannes Paulus II, de man die hij jarenlang als secretaris had gediend, of alle notities van de paus verbranden, zoals die hem had opgedragen.

Dat laatste kon Dziwisz niet over zijn hart verkrijgen. Het zou „een misdaad” zijn geweest, zei hij naar aanleiding van de presentatie in Kraków van het dagboek van de overleden paus, getiteld: Ik ben zeer in Gods handen, dat vanaf vandaag in de winkel ligt.

Het dagboek telt zo’n zeshonderd pagina’s met notities die Karol Wojtyla schreef tussen 1962, toen hij nog bisschop van de Zuid-Poolse stad Kraków was en 2003, twee jaar voor zijn dood. Dziwisz zegt dat hij „alles waarvan hij vond dat het vernietigd moest worden, heeft vernietigd”. Wat overbleef vond hij te waardevol om te verbranden. De paus zou in zijn notities „een deel van zijn ziel, van zijn ontmoetingen met God” hebben weergegeven. De tekst kwam volgens Dziwisz goed van pas bij het besluit over de aanstaande heiligverklaring van Wojtyla.

Niet iedereen is blij met Dziwisz besluit. De prior van het Dominicanenklooster in Kraków, waarmee Wojtyla een nauwe band had, zegt „zeer verbaasd” te zijn.