Ik verwachtte ’s avonds in de gevangenis te zitten

Schiphol, 13.32 uur. Na een uur wachten slaat in aankomsthal 4 de twijfel toe. Alle passagiers van vlucht EK147 uit Dubai zijn nu wel door de matglazen schuifdeuren naar buiten gekomen. Publiek met ballonnen ‘welkom thuis’ heeft zijn dierbaren in de armen gesloten en is vertrokken. Alleen de journalisten, twaalf op een rij, staan er nog, camera’s op de schouder. Er wordt gesmoesd. Zou ze toch een andere uitgang hebben genomen?

Het wachten is op collega Rena Netjes, correspondent in Egypte voor onder meer BNR en Het Parool. Sinds donderdag zat Netjes ondergedoken, nadat de Egyptische autoriteiten haar op een lijst hadden geplaatst van journalisten die worden verdacht van terrorisme. Net op tijd wist ze het land te verlaten. Netjes ontloopt daarmee naar eigen zeggen mogelijk drie jaar celstraf in de beruchte Toragevangenis. Het verlossende bericht twitterde ze gisterochtend kwart over één: „I am out! Ik ben net aangekomen in Dubai, vlieg om 8u.20 naar Amsterdam.”

Rond 14.00 uur schuiven de deuren open en staat daar Netjes, keurig in roze manteljas. Ze heeft alleen een handtas, een kleine sporttas en een laptoptas meegenomen. Ze is overhaast vertrokken, vertelt ze. Geroutineerd staat Netjes alle media te woord. Afgevaardigden van Nieuwsuur en Pauw en Witteman bekvechten over wie haar exclusief mag hebben voor de late avond („Nee Jan, niet zo flauw, ze ís niet van de NOS”). Een hectisch uur later heeft Netjes even tijd voor koffie. Cappuccino met een extra shot espresso.

Waarom ze niet meteen door de schuifdeuren kwam? Netjes: „Ik dacht: eerst opmaken. Ik ben zo moe, ik heb de laatste dagen bijna niet geslapen. Puur adrenaline.”

Haar rush begon vorige week woensdag na een telefoontje van NRC-correspondent Gert van Langendonck – auteur van het stuk hiernaast. Er zouden twintig journalisten zijn aangeklaagd, onder meer wegens het verstrekken van valse informatie en het in gevaar brengen van de staatsveiligheid. Van de verdachten, het merendeel van nieuwszender Al Jazeera, werd er één omschreven als ‘een Nederlandse van de niet-schrijvende pers’. Netjes had contact met de Nederlandse ambassade maar dacht ook: dat ben ik niet, gelukkig niet.

De dag erna gonsde het in Egypte van de geruchten over wie ‘Johanna Ideniette’ kon zijn, de vrijgegeven naam voor de Nederlandse verdachte. De ambassade mailde meteen: ‘Kom hiernaartoe’. Netjes herkende haar doopnaam, verhaspeld, en haar sofinummer. Ze pakte haar spullen – niet te veel want dat is verdacht – en regelde binnen een uur een betrouwbare chauffeur. Drie minuten moest ze lopen naar de taxi, die kon niet dichterbij komen. En elk moment dacht ze: ik word opgepakt.

Ze kan maar één reden bedenken

Waarom Netjes werd gezocht? Ze kan maar één reden bedenken: haar ontmoeting in december met Mohammed Fahmy, medewerker van Al Jazeera English in Kairo en inmiddels de voornaamste aangeklaagde in de zaak tegen Al Jazeera. Die zender wordt gezien als de spreekbuis van de Moslimbroederschap – nu een terroristische organisatie volgens de Egyptische autoriteiten. Netjes wilde hem spreken voor een verhaal over jihadisten in de Sinaï-woestijn en bezocht hem in zijn kamer in het Marriott Hotel. De receptie vroeg om haar paspoort en maakte een kopie. „Fahmy stond toen al onder totale surveillance. Iedereen die bij hem langs kwam, was verdacht. Ik wist dat toen niet. Achteraf had ik misschien in de lobby moeten afspreken.”

Een dag na het mailtje van de ambassade was Netjes ondergebracht op een veilige plek. En na druk van de ambassade en onderhandelingen met de autoriteiten kreeg ze maandag toestemming het land te verlaten. Ze mag haar zaak vanuit Nederland verdedigen. Het bezoek van de Egyptische minister van Buitenlandse Zaken morgen aan Nederland heeft mogelijk in haar voordeel gewerkt.

Maar liefst gaat Netjes zodra het kan weer terug naar Egypte. Ze komt er al 25 jaar en wil er niet weg. Ook niet nadat ze vorig jaar, nog onder Morsi, werd gearresteerd en in een politiecel belandde. „Egypte is warm, goedkoop en ik heb een zwembad om de hoek. Ik hou van het land en van mijn werk.”

Zeker de laatste weken zag ze de onveiligheid op straat toenemen, vooral door intimiderend gedrag van agenten. Vorige maand nog werd Netjes door de politie ondervraagd nadat ze in een winkel in een politieke discussie was beland. „Ze kwamen met vijf man binnen.” En dat ze goed Arabisch spreekt, maakt haar nog meer verdacht, denkt ze. „Het betekent dat je met iedereen in gesprek kan komen. Daar houden de autoriteiten niet van.”

Ook haar angst groeide de laatste dagen, vertelt ze nu. Zeker na een gesprek dat ze had met Jeremy Hodge, een Amerikaanse vertaler die vorige week zonder duidelijke aanklacht werd opgepakt en weer vrijkwam. „Hij had 36 uur vastgezeten met handboeien om. Om hem heen werden verdachten geslagen en gemarteld. Medewerkers liepen langs alsof er niets aan de hand was.”

Dat angstbeeld had Netjes nog voor ogen toen ze donderdag hoorde over de aanklacht tegen haar. Welke spullen ze vervolgens in haar tas heeft gedaan? „Laptops, telefoons, en crèmetjes. Ik had me erop voorbereid dat ik ’s avonds in de gevangenis zou zitten. Ook dan wil je er wel mooi uitzien.”

Met medewerking van Gert van Langendonck.