De spits is bij Vitesse de grote dissonant

De titelaspirant levert tegen AZ een collectieve wanprestatie. Structureler is het probleem in de spits. Mike Havenaar scoorde vijf doelpunten en is toch onomstreden.

Vitesse-spits Mike Havenaar wint een kopduel van AZ-verdediger Jan Wuytens.
Vitesse-spits Mike Havenaar wint een kopduel van AZ-verdediger Jan Wuytens. Foto Hollandse Hoogte

Met zijn blik naar de grond gericht mompelt Vitesse-spits Mike Havenaar dat „scoren het doel van het spelletje is en dat deden we niet”. En hij ook weer niet.

AZ kwam gisteravond langs in de Gelredome en greep de thuisploeg naar de strot. Nog voor rust had Patrick van Aanholt de bal in eigen doel gelegd en profiteerde Aron Jóhannsson van een kolderiek misverstand in de Vitesse-verdediging. Eindstand: 2-0, geen koppositie. Titelaspiraties prima, maar dan nu weer op fluistertoon.

Volgens trainer Peter Bosz gingen er „wel tien spelers” door de ondergrens, alleen vleugelspits Renato Ibarra niet. Het was slap, onzeker, slordig en zo komt er een einde aan een reeks van twaalf duels zonder nederlaag. Van clubs uit de grote vijf Europese competities plus de eredivisie wisten alleen Juventus, Bayern München en Vitesse nog elke wedstrijd van dit seizoen te scoren. Ook dat is nu voorbij.

Mike Havenaar (26) weet het: zijn bijdrage aan die reeks was met vijf doelpunten toch al minimaal. ‘Hafuna Maiku’ in het Japans, geboren in Hiroshima. Zijn vader, de Nederlandse Japanner en oud-doelman Dido Havenaar, is hem vanuit Japan achterna gereisd en woont sinds deze winter in Den Haag. Of dat helpt? „Dat maakt geen verschil. Maar ik ben er wel heel blij mee.”

Hoe beoordeel je een spits? Kijk je puur naar het aantal doelpunten dan is het als een toets op school waarbij alleen goede antwoorden tellen. En dan krijgen sommige leerlingen, andere spitsen dus, meer vragen, of makkelijkere vragen. Of allebei. Havenaar is zo’n klasgenoot die meer en makkelijkere vragen krijgt – doelkansen dus – en dan toch een onvoldoende scoort.

De analogie is afkomstig van het voetbalstatistiekenblog 11tegen11, dat vorige maand een spitsenanalyse op de eredivisie losliet. In de gehanteerde methode wordt niet alleen gekeken naar de hoeveelheid kansen, maar ook naar de moeilijkheidsgraad van die kansen, afhankelijk van de positie voor het doel, type kans (met het hoofd? met je goede voet?), kwaliteit van de assist en nog enkele eigenschappen. Een soort gewogen doelkansgemiddelde.

Gemankeerd

Op basis van de kansen die Havenaar kreeg dit seizoen, of afdwong, had een gemiddelde spits 0,6 doelpunt per 90 minuten speeltijd moeten maken. Alleen Luc Castaignos (FC Twente) en Graziano Pellè (Feyenoord) stonden vaker zo kansrijk voor het doel. Maar met zijn vijf doelpunten blijft Havenaar hopeloos achter bij zijn collega’s. Sterker: van de vijftig eredivisiespelers met de meeste ‘doelrijpe’ kansen, had Havenaar volgens het voetbalstatistiekenblog veruit het laagste rendement.

Hier staat dus de meest gemankeerde afmaker van het lopende seizoen, maar om dat te constateren heb je eigenlijk geen statistiek nodig. „Ik weet niet wat er aan de hand is”, zegt Havenaar over zijn falen. Zijn standaardrondje met Japanse media zit er al op. Hij wil weg, naar huis, heeft zijn tas al over zijn schouders getild.

In de voetsporen treden van Wilfried Bony, topscorer van de eredivisie vorig seizoen met 31 goals, was natuurlijk een onmogelijke opgave. Vorig seizoen scoorde de Japanner als back-up van Bony nog wel elf keer. Nu is er geen afleiding in de punt van de spits. Van Chelsea, partner van Vitesse waar het gaat om spelers huren, kwam geen centrumaanvaller en de Braziliaan Jonathan Reis was te druk met zijn demonen. Zijn contract werd wegens een gebrek aan discipline dit seizoen ontbonden.

Alle ballen op Havenaar dus. Hij is zelfs zo hard nodig dat zijn schorsing voor een onbeholpen stamp op de enkel van PSV-speler Stijn Schaars begin december tot het uiterste werd aangevochten door Vitesse. „Zo'n jongen doet zoiets niet met opzet”, zei Bosz. Hij bedoelde: ik kan mijn spits niet missen. De schorsing kwam toch.

Opportunisme

De spits is dissonant in het seizoen waar Vitesse complimenten krijgt voor het dynamisch combinatiespel. Zo’n man, met een lengte van 1 meter 94, zou een plaag kunnen zijn voor de verdediging, maar daarvoor zijn zijn mogelijkheden aan de bal te beperkt. Zoals tegen AZ, waar gaandeweg de pogingen tot verzorgd voetbal plaatsmaken voor opportunisme. „In de tweede helft komen er steeds vaker lange ballen van achteruit. Hun centrale verdedigers hoeven dan alleen maar de ruimte achter mij te dekken en het duel aan te gaan”, zegt Havenaar.

Havenaar bindt continu de strijd aan met zijn bewakers van AZ. Een aantal keer legt hij met borst of hoofd de bal klaar voor betere voetballers in zijn team. Maar net zo vaak leidt zijn arbeid tot niets en dan klinkt het op de perstribune cynisch „echt een buitenkansje hoor van Ted van Leeuwen” – de voormalig technisch-directeur van Vitesse die Havenaar aantrok.

Het begint eigenlijk al in de eerste minuut, als een riskante bal door het midden van doelman Piet Velthuizen met een fijne voetbeweging van Marco Vejinovic wordt verlengd op Christian Atsu, die linksbuiten Lucas Piazón richting achterlijn stuurt. Over vier schijven wordt zo in een paar tellen tachtig meter overbrugd.

Maar het gaat zo snel dat Havenaar nog niet voor het doel van AZ is gearriveerd en Piazón gedwongen wordt om nog een actie te maken. De Braziliaan verliest de bal, kans om zeep geholpen. Het zou een lange avond worden.