De anderen bestaan veel meer dan ik

Gisteren vierde Facebook zijn tiende verjaardag. Ilja Leonard Pfeijffer schreef een gedicht over de wens om in de ogen van anderen een leuk leven te leiden.

Illustratie Jenna Arts

De cursor staart. De anderen zijn allemaal

de mooiste mensen op de aarde. Ik zit vaal

mijn leven uit te dienen als commies met uren

dat ik in mijn verstelde regenjas moet turen

naar vrienden die in kleur op al hun foto’s staan

Ik weet dat ik moet typen wat ik heb gedaan,

maar ik heb niets gedaan. Ik heb mijn blouse gestreken

en naar een show op de tv gekeken. Weken

bestaan uit zeven dagen. Dertig in een maand.

De echte mensen surfen treinen, rechtop staand,

terwijl ze met inheemse mutsjes vrolijk zwaaien.

Als ik bij Lingo was en ooit een bal mocht graaien,

dan pakte ik beslist de rode bal van af.

Mijn leven is een stilte tussen wieg en graf.

Ik kook vanavond grutten met een boekweitpap.

Zal ik dat typen met een smiley als een grap?

Een blieb. Een goede vriend oogst barrevoets papaya.

Een ander post een selfie op de Himalaya.

Een ander hangt met vingers aan een hoog gebouw.

Een ander balanceert op een gespannen touw

en vraagt de camera met hem te trouwen. Braaf

klik ik erop dat ik het leuk vind. Ik typ ‘Gaaf!’

in een reactie. En ik meen het ook. Voor hem.

Maar ik ben iemand die ik immer minder ken,

omdat ik blijkbaar niemand ben. Dat blijkt steeds weer.

Dat blijkt steeds meer. Omdat de anderen veel meer

dan ik bestaan. Ik ruik een brandlucht. Iets brandt aan.

Mijn hele boekweitpap met grutten naar de maan.

Ik kan het zo de volle biobak in mikken.

Ik maak een foto, load hem up. Met één keer klikken

kan ik ook eindelijk een goed verhaal vertellen.

Terwijl de mooie mensen schuimend bijval tellen

als klatergoud van likes voor al hun avonturen,

zoals dat zij in Griekenland twee ezels huren

voor leuke foto’s op de boot, een kat op schoot,

een yak in Tibet in een sloot, een heel erg groot

bananenblad als surfboard in een drukke stad,

met alligators in de Nijl best lol gehad

en nu een nieuw contract in fucking Hollywood,

ook met de wederhelftjes gaat het apegoed,

Monique is net bevallen van haar tiende kind,

vandaag leidt zij de conferentie over wind-

en zonne-energie voor de VN, Obama

heeft haar gevraagd en morgen komt de Dalai Lama,

bij ons om haar gevulde kaviaar te eten,

ik moet de foto’s in de Playboy niet vergeten,

in Nigaragua met tieten op een rots,

ik kan maar één ding zeggen: ‘ik ben apetrots!’ ---

Terwijl ik zie hoe alle mooie mensen leven,

is bijval voor mijn eigen leven uitgebleven.

De foto van mijn biobak vindt niemand leuk.

Mijn nikkelen vertrouwen krijgt een nieuwe deuk

zoals een chocolademunt, kapot gebeten

voordat je wat er in zit op kunt eten. Weten

is altijd al geweten hebben. Cursor staart.

Hij wil dat ik het leven typ dat mij bezwaart.

Ik haal diep adem. ‘Hebben jullie dat nou ook?’

Ik wacht nog. Nul reacties. Niemand heeft dat ook.