Shanghai Tower zal de hemel boven China aanraken

Orkanen en stijgend grondwater vormen de grootste bedreiging voor ’s werelds op een na hoogste wolkenkrabber. Nog geen vierkante meter is verhuurd, maar niemand is bezorgd.

Noem de Shanghai Toren een architectonische egotrip en ontwerper Jun Xia begint hartelijk te lachen. „Natuurlijk is dat zo. Voor architecten is China nu eenmaal het mooiste speelterrein ter wereld. Alles kan als het maar gloednieuw, hoog en groen is. De Shanghai Toren is een uitstalkast van Chinese ambities”, zegt de Amerikaanse Chinees op het kantoor van Gensler, het Amerikaanse architectenbureau.

Binnenkort wordt de top van 632 meter bereikt van dit straks hoogste gebouw in Azië. Jun: „Een gebouw dat past bij de meest futuristische stad van China, een land dat na 150 slechte jaren weer een hoofdrol in de wereld speelt en dat ook wil laten zien.”

Juns superlatieven en zijn New Yorkse accent verraden een lang verblijf in de VS waar hij in de leer ging bij zijn beroemde landgenoot I.M. Pei. Vanuit zijn kantoor in het mondaine centrum van Shanghai kijkt hij nu uit op een replica van het huis waar begin vorige eeuw de Communistische Partij van China (CPC) werd opgericht, die nog altijd stevig in het zadel zit.

Op Burj Khalifa in Dubai (828 meter) na wordt de Shanghai Toren de hoogste wolkenkrabber ter wereld. Met 1,76 miljard euro (inclusief de grond) is het mondiaal ook een van de duurste fallussymbolen. Of in het perspectief van de CPC: een symbool van socialistisch staatskapitalisme. De nieuwste aanwinst van de toch al spectaculaire skyline van Shanghai wordt volledig door de staat gefinancierd.

Maar noem de Shanghai Toren in aanbouw een voorbeeld van verspilling, van de Chinese obsessie met alles wat hoog, groot en duur is en Jun maakt een wegwerpgebaar. Hij reageert ongeduldig gesticulerend: „Grondprijzen zijn spectaculair gestegen, je moet wel omhoog om het het financieel rendabel te maken. Middelhoog of laag bouwen is geen optie meer. Bouwgrond is zeer schaars. Dit is toch meer een land van woestijnen, bergen en valleien en je kan niet zonder de voedselvoorziening in gevaar te brengen oneindig landbouwgrond volbouwen.”

Inderdaad, in Shanghai en wijde omgeving – denk aan een gebied zo groot als Nederland, België en Luxemburg samen – is geen vierkante millimeter meer onbebouwd. Pas honderden kilometers zuid- en westwaarts begint het China van de bamboebossen, de theeplantages en de frisse lucht, bij gunstige wind althans.

Groene techniek

We moeten ook goed begrijpen, vindt Jun, dat het hier gaat om „een van de groenste, zo niet dé groenste, superhoge wolkenkrabber ter wereld”. Op het dak worden windturbines geplaatst die voor de buitenverlichting gaan zorgen. De generatoren draaien op gas en aardwarmte. De binnenverlichting en de luchtkoeling in de atriums worden op „intelligente wijze” gecontroleerd. Alle wanden zijn van speciaal lichtregulerend glas, ze kleuren met de zon mee, zoals Italiaanse zonnebrillen. Lampen hoeven hierdoor pas later aan. In totaal zijn er 43 „groene” technieken verwerkt om het energieverbruik en de C02-uitstoot zo laag mogelijk te houden. De constructie met twee „gordijnen” van glas lijkt op die van een elegante thermosfles, of om Juns beeldspraak te gebruiken, „een luchtig zittende pyjama van zijde”.

Vanaf de 53ste verdieping wordt in één oogopslag duidelijk dat de Chinese fascinatie met alles wat „groen” genoemd kan worden ook gerelativeerd moet worden. Rondom de naburige wolkenkrabbers, de Jin Mao Toren en het Shanghai World Financial Center („de flesopener”) hangt een blauwgrijze sluier. De „mist”, zoals de luchtvervuiling in de politiek correcte media wordt genoemd, beneemt het zicht op de met 23,8 miljoen inwoners grootste metropool van China, het epicentrum van China’s industriële revolutie.

„Niets bouwen is natuurlijk het meest duurzaam, net als niet leven, niet wonen en niet werken het milieu het minst belasten”, riposteert de architect. „Zoals een lange, grote of dikke man of vrouw meer energie verbrandt dan een klein, slank mens, zo verbruikt een gebouw als dit meer grondstoffen en energie dan een klein kantoor.” De bouwers van de Shanghai Toren streven naar de „gouden standaard” van het Amerikaanse LEED (Leadership in Energy and Environmental Design), de norm voor duurzaam bouwen.

Architecten die werkzaam zijn in China laten zich graag inspireren door de traditionele Chinese buurten, de hutongs in Beijing of de shikumen in Shanghai. De in Shanghai geboren en getogen Jun Xia is geen uitzondering. De 121 verdiepingen, die zijn opgedeeld in negen zones met verschillende functies, kunnen ingericht worden als shikumen, de oude Shanghaise huizen met binnenplaatsen en stegen die uitkomen op brede straten. „Maar dan inderdaad zonder rokende en kaartende mannen, breiende vrouwen en zonder drogende vis of was aan de lijn”, grijnst hij.

Dat concept wordt pas echt duidelijk als je met de bouwlift vanuit de diepste spelonken langzaam, piepend en krakend richting top klimt. De hoogste etages, waar arbeiders aan lange veiligheidsriemen de glazen „gordijnen” monteren, zijn vanwege de stevige wind nog ontoegankelijk voor bezoekers. Maar iets lager wordt snel duidelijk wat de architect bedoelt, tenminste als je het bouwstof, de verflucht en de stank van de mobiele toiletten wegdenkt. De ruimtes tussen de glazen wanden vormen brede wandelgebieden met restaurants, koffieshops en – straks – ook parkjes die je kan associëren met oud-Shanghai. De toekomstige winkels op de 53ste verdieping, dus ongeveer halverwege, worden nu nog gebruikt door de 2.300 arbeiders om te schaften of een tukje te doen.

Het leger van tanige, gehelmde mannen en opvallend veel vrouwen woont in blauwgrijze bouwketens op de begane grond, maar overnacht soms ook „boven”. Zo hoog ligt het bouwtempo.

Aardbeving

Terwijl de bouw van de Shanghai Toren aanzienlijk ingewikkelder is dan die van voetbalstadions in Qatar hebben zich hier, voor zover bekend, nog geen dodelijke ongelukken voorgedaan. In het arbeidersdorp, op internet en bij families buiten Shanghai wordt de officiële lezing bevestigd dat er geen doden zijn gevallen. Zelfs tijdens de hevige zomerstormen en orkanen die in het hete seizoen over de stad trekken, hebben zich geen noemenswaardige incidenten voorgedaan.

Die orkanen vormen samen met het stijgende grondwater de grootste bedreiging voor dit soort superconstructies. De Shanghai Toren rust op 831 diep in de drassige grond geheide pijlers en een mat van 61.000 kubieke meter beton.

De asymmetrische spiraalvorm is geboren in het laboratorium van Gensler tijdens proeven om de wolkenkrabber orkaan- en aardbevingsbestendig (tot 7.5 op de schaal van Richter) te maken. „Het is een gebouw waar de wind en de regen langs glijden want hoeken en vlakken ontbreken”, legt Jun uit.

Op één vraag heeft de praatgrage, aimabele architect geen antwoord. Wie gaat straks de Shanghai Toren, die een grote rol speelt in de ambities van de CPC om van Shanghai een financieel wereldcentrum te maken, gebruiken? De Chinese economische groei zwakt wat af (van rond de 10 procent naar 7,7) Alle internationale topbedrijven, zoals Goldman Sachs, J.P. Morgan, Unilever, Philips of DSM zijn al meer dan keurig gehuisvest in Shanghai en in het internationale bedrijfsleven groeien de twijfels over hoe welkom buitenlandse ondernemingen werkelijk zijn in China. De financiële sector en de telecommunicatie blijven gesloten voor buitenlanders.

Tot nu toe is nog geen enkele van de 220.000 vierkante meters kantoorruimte verhuurd. De Chinese overheid, die in dit project de gedaante heeft aangenomen van drie investeringsmaatschappijen, is – en dat is zeer ongebruikelijk – dan ook op zoek naar een internationale makelaar.

„Ach”, zegt Jun, „dat komt wel goed, want er is in Shanghai bijna geen leegstand en de wereldeconomie trekt al weer aan.” Bovendien, zegt hij, denkt de Chinese overheid niet in jaren maar in decennia. „Na dertig jaar is de investering terugverdiend. Als het veertig jaar duurt is het ook goed.”

Het enige waar de Shanghaise overheid zich zorgen over maakt is hoe lang Shanghai Tower zich het hoogste gebouw van China mag noemen. Want in het zuidwestelijke Chengdu en Changsha hebben ambitieuze partijfunctionarissen al toestemming voor de constructie van nog hogere „gebouwen die de hemel aanraken.”