Werkdruk zet kwaliteit van de rechtspraak op het spel

Werken rechters en officieren te hard? En is het risico op fouten en dwalingen daardoor te groot? Na de publicatie van een onderzoek naar de ondervonden werkdruk, lijkt het antwoord bevestigend. Vooral in de strafsector zijn er nijpende problemen en dan in het bijzonder bij het Openbaar Ministerie. De werklast neemt toe doordat de zaken zwaarder worden. Wat trouwens ook de bedoeling was: eenvoudige zaken worden steeds meer buiten de rechtspraak om afgedaan.

De kwaliteit van de organisatie, vooral van de planning en de IT, is onvoldoende tot deerniswekkend. Velen hebben geen tijd meer om nieuwe wetgeving en uitspraken te lezen. Zeker niet op hun werk. Men leunt inhoudelijk te veel op secretarissen van wisselend gewicht, komt met half uitgezochte zaken ter zitting, waar de steeds minder voorbereide rechter dan maar een lichtere straf voor geeft.

Eigenlijk is bijlage 3 bij het onderzoek het meest interessant. Daar doen rechters en officieren een boekje open over de hindernisbaan met tijdklem waarop velen zich bevinden. Vooral de gesignaleerde ‘e-mailziekte’ zal herkenbaar zijn. Het ‘dumpen en duiken’, door mét de gemailde informatie ook de verantwoordelijkheid ervoor over de schutting te gooien. En de bereikbaarheidsdwang: zaterdagavond om elf uur nog snel een e-mailrondje. De rechter als ‘afvalputje’ voor wat de organisatie niet meer kan. Of de officier als maatschappelijk werker die eindeloos bezig is met slachtoffers. In plaats van nieuwe strafbare feiten aan te pakken.

Het is geen verrassing na de commotie vorig jaar rond het Manifest van protesterende rechters, gesteund door de Hoge Raad. De Hogeschool Utrecht en de Radboud Universiteit kregen opdracht het eens écht uit te zoeken, met een verantwoorde enquête. Dat is nu gebeurd, maar is die ook representatief? Slechts een op de vier leden van de beroepsvereniging deden mee. De drie overigen, die niets invulden, hadden het wellicht óf te druk met hun echte werk of ze vonden ‘werkdruk’ helemaal geen issue. Wat best zou kunnen – we weten het niet. In totaal zijn er in Nederland 3.200 magistraten. 2.661 werden aangeschreven. 600 dus niet, want geen lid. Daarmee neemt de dekking van het onderzoek nog verder af.

Alles afwegende is het onderzoek vooral indicatief: het geeft een beeld van wat er speelt, vermoedelijk bij een minderheid, van onbekende grootte. Maar die zitten evengoed op sleutelposities in de rechtsstaat en dienen serieus te worden genomen. De kwaliteit van de rechtspraak staat op het spel.