Voor Zwitsers is vrede big business

Maanden geleden reisde Lakhdar Brahimi, speciaal gezant van de Verenigde Naties voor Syrië, stilletjes naar Zwitserland. In Bern, de hoofdstad, legde hij een dringend verzoek neer: konden de Zwitsers de Syrische oppositie vast trainen in onderhandelingstechnieken?

Vroeg of laat, zei Brahimi, zouden de Syrische regering en oppositie om de tafel moeten. Oppositiegroepen hadden daar totaal geen ervaring mee. Enige voorbereiding zou de kans op succes vergroten.

Misschien is het aan die trainingen te danken dat de Syrië-conferentie in Genève, die vorige week begon en die vandaag afliep, tenminste niet voortijdig werd afgebroken. In de herfst vonden in het geheim Zwitserse trainingen voor de Syrische oppositie plaats, in Istanbul en Montreux.

Murezi Michael, coördinator Bemiddeling bij Vredesonderhandelingen in het ministerie van Buitenlandse Zaken in Bern, wilde laatst in de krant Tages Anzeiger geen namen van deelnemers geven. Het lag gevoelig: „Velen wilden twee maanden geleden niet bekendmaken dat ze mee zouden doen aan gesprekken in Genève.”

Wat de Zwitsers hen vooral wilden bijbrengen, was volgens Michael dat „je je nooit op één positie moet vastpinnen maar altijd meerdere opties moet ontwikkelen, zodat je kunt ingaan op voorstellen van de tegenpartij”. Wie eist dat alle gevangenen tegelijk worden vrijgelaten, komt bijvoorbeeld niet ver. Wie zegt dat vrouwen en kinderen eerst vrij mogen, heeft meer kans op een oplossing.

Dat Brahimi zich tot de Zwitsers wendde, is geen toeval. Zwitserland is een nadrukkelijk neutraal land. Het is geen lid van de Europese Unie en – anders dan Noorwegen, dat ook veel vredesbemiddeling doet – evenmin van de NAVO. Het heeft geen geopolitieke agenda en mengt zich nooit in gewapende conflicten, waar ook ter wereld. Uit opiniepeilingen blijkt al jaren dat tussen de 80 en 90 procent van de Zwitsers akkoord is met de neutraliteit. En voor de buitenwereld is Zwitserland een ideale bemiddelaar tussen strijdende partijen.

„Al sinds de negentiende eeuw, toen internationaal recht oorlogvoeren nog niet verbood, is de neutraliteit de hoeksteen van onze buitenlandse politiek”, zegt Laurent Goetschel, hoogleraar politieke wetenschappen aan de universiteit van van Bazel en directeur van Swisspeace in Bern, een instituut voor de analyse van vredesvraagstukken. „Wij deden niet mee aan oorlogen om ons heen, maar probeerden altijd te bemiddelen.”

Tijdens de Koude Oorlog onderhandelden de Sovjet-Unie en de VS in Genève over ontwapening. Israeli’s en Palestijnen en de kemphanen in Sri Lanka en Soedan wisten elkaar in Genève te vinden. Russen en Georgiërs onderhandelen er sinds het staakt-het-vuren in 2008 nog elke paar maanden.

Zwitserse diplomaten hebben decennialang gependeld tussen Iran en de VS, die geen ambassades in elkaars land hebben, en andere gebrouilleerde landen. Nu de dooi intreedt tussen Iran en de VS, vinden de onderhandelingen over Irans nucleaire programma ook in Genève plaats.

Ook het Russisch-Amerikaanse akkoord over de vernietiging van chemische wapens in Syrië werd vorige zomer hier gesmeed. En wie weet wat er nog komt: nu de relaties tussen Rusland en het Westen weer verslechteren, schreef de Neue Zürcher Zeitung gisteren, „groeit de behoefte aan ontmoetingen op neutraal terrein weer”.

In de loop der jaren is de promotie van vrede en vredesonderhandelingen big business geworden voor de Zwitsers. Dat is goed voor het Zwitserse imago en houdt alleen al in en om Genève circa 42.000 mensen (VN’ers, vredesinstituten, ngo’s) aan het werk. Het kanton Genève schat dat 9 procent van zijn bbp wordt gegenereerd door internationale organisaties en diplomatieke vertegenwoordigingen.

De Zwitsers trekken er hard aan dit op peil te houden. Het ministerie van Buitenlandse Zaken stelt vaak mensen ter beschikking voor vredesinitiatieven. De Zwitsers wilden zo graag de Syrië-conferentie te organiseren, dat het tijdstip hun niet uitmaakte. Hotels in Genève zaten vorige week volgeboekt vanwege de jaarlijkse horlogebeurs – horloges zijn zeker zo’n belangrijk Zwitsers exportproduct als vredesbemiddeling. Daarom werden de eerste dagen van de conferentie verplaatst naar Montreux.