Stedelijk zet in op de jonge Amsterdamse mecenas

Staren naar Rietveld, buiten de openingstijden; netwerken voor Appel, zonder kluwen dagjesmensen. Het Stedelijk Museum lanceerde afgelopen weekend ‘Young Stedelijk’, een netwerkclub voor jonge kunstliefhebbers tussen de 25 en 40 jaar.

Dit soort ‘cirkels’ bestonden al in verschillende topmusea wereldwijd: onder andere het MoMA in New York, het Tate Modern in Londen en het Louvre in Parijs kennen er één. Het Stedelijk is het eerste grote Amsterdamse museum dat het introduceert. Wel zijn er in Het Concertgebouw en FOAM soortgelijke initiatieven.

Leden van Young Stedelijk krijgen bepaalde privileges, zoals privérondleidingen, atelierbezoeken en invitaties voor openingen. Daar zit wel een prijskaartje aan vast: inleg voor de cirkel kost tussen de 300 en 800 euro per jaar. Kunstenaars krijgen een korting van 75 procent.

Dat het Stedelijk niet per se mikt op starving artists werd duidelijk tijdens de lancering vorige week; vooral invloedrijke en welvarende acteurs, schrijvers, bankiers, advocaten en pr-meisjes stonden op de gastenlijst. De weken voor het evenement zette het Stedelijk voor de promotie dertig ‘ambassadeurs’ in: jonge Amsterdammers met een groot netwerk. Het geld dat de leden van Young Stedelijk doneren gaat voor 70 procent naar kunstaankopen, educatie- en publieksprojecten. Het overige deel vloeit naar activiteiten van de cirkel.

Met de club experimenteert het Stedelijk met een nieuwe vorm van mecenaat. Waar te veel afhankelijkheid van subsidies toe kan leiden, bleek in 2012: na heropening moest het museum tientallen banen schrappen omdat de bijdrage van de gemeente onverwacht lager uit viel. Daarnaast kan het museum binding met de doelgroep goed gebruiken; door de acht jaar durende verbouwing ontbreekt het museum in de culturele rijping van velen. Tot nu toe schreven 170 leden zich in.