Van staken word je niet rijk

Bij Philip Morris in Bergen op Zoom gaf de directie deze maand toe aan de eisen van de vakbonden na een24-uurs staking. Van de 1.400 werknemers in de sigarettenfabriek staakten er 800 niet. Foto ANP

Als de collega’s in het land solidair zijn met het personeel van AkzoNobel in Deventer, staken binnenkort alle vijfduizend werknemers van het verf- en chemieconcern. „Maar we zijn nog niet zover dat volgende week de fabrieken in Rotterdam platliggen”, zegt actieleider Ton Schaap.

Uit protest tegen de sluiting van de fabriek legden de 225 werknemers in Deventer afgelopen weekend de productie stil. FNV Bondgenoten wil peilen of ook andere vestigingen bereid zijn tot actie. Zo ja, dan wordt er samen gestaakt voor meer baanbehoud. Zo nee, dan gaat Deventer alleen verder voor een goed sociaal plan.

De crisis en de bezuinigingen voeren de spanningen tussen werkgevers en werknemers overal op. Bij Philip Morris in Bergen op Zoom staakte het personeel deze maand voor betere arbeidsvoorwaarden. In Wekerom protesteerde het personeel van skelterfabriek Berg Toys tegen verplaatsing van de productie naar China. Schoonmakers voeren juist actie met extra krachten om te laten zien dat goed schoonmaken meer tijd en meer geld kost – „omgekeerd staken” noemen ze dat.

Maar de meeste mensen hebben nog nooit gestaakt en zullen waarschijnlijk ook nooit staken, want Nederland is geen stakingsland. Voor hen: een stakingswijzer.

1 Staken is het uiterste middel

Nederland kent geen nationale stakingswet. „Het stakingsrecht, de femme fatale van het arbeidsrecht, luistert naar zowel nationale als internationale normen en jurisprudentie”, zegt Paul van der Heijden, hoogleraar internationaal arbeidsrecht. Leidraad is het recht op collectieve acties uit het Europees Sociaal Handvest.

Rechters moeten terughoudend zijn, maar mogen een staking wel verbieden. Een staking moet het uiterste middel zijn en het doel moet in verhouding staan tot de schade. Zo mochten werknemers van Equens, dat jaarlijks miljarden pinbetalingen verwerkt voor banken, in 2012 het werk niet neerleggen. De rechter vreesde chaos in het Europese betalingsverkeer.

De meeste stakingen zijn te kort om een schadevergoeding te kunnen krijgen, zegt Jan Mathies, juridisch adviseur van werkgeversvereniging AWVN. „Het is voor werkgevers ook niet handig om te snel naar de rechter te stappen. Als de vakbonden winnen, staan ze sterker.”

2 Niet rellen, maar overleggen

‘Wilde stakingen’ komen niet veel voor in Nederland. Staken is een bureaucratische dans tussen werkgevers en werknemers. Als het overleg vastloopt, kan het nog weken duren, minimaal één, voordat „de boel platgaat”, vertelt Henk van Beers, bestuurder bij CNV Vakmensen.

De bonden openen de dans doorgaans met kleine acties, zoals een ‘poortactie’: een stoere naam voor wat flyeren en yellen bij de slagboom. Serieus wordt het pas als de onderhandelingen klappen of de bonden een eindbod afwijzen. Als de werkgever niet meer wil onderhandelen, beleggen de bonden een ‘driekwartvergadering’ (driekwart van de aanwezige leden moet instemmen met acties). Komt er actie, dan stellen de bonden een ultimatum.

Het overleg tussen bonden en bazen gaat vaak gewoon door, bijvoorbeeld over veiligheid. Bij AkzoNobel dreigde de directie zelf de fabriek stil te leggen toen het personeel elke nacht wilde staken. „De productie stoppen en opstarten is het meest risicovol”, zegt een woordvoerder.

Stakersrellen zijn zeldzaam. In 25 vakbondsjaren heeft CNV’er Van Beers alleen meegemaakt hoe ze bij Philips in Terneuzen voor de poort pallets opstookten – en dat waren de Belgische werknemers.

Voor bedrijfsbezettingen zijn bonden ook wat huiverig. FNV Bondgenoten bezette in 1992 een machinefabriek die na twee weken failliet ging. De eigenaar stelde de bond aansprakelijk voor 41 miljoen euro. In 2007 moest de bond van de rechter uiteindelijk 16 miljoen euro betalen.

3 Neem vrij als je niet staakt

Niemand wil er een zijn, maar stakingbrekers zijn er altijd. Van de 1.400 Philip Morris-medewerkers bijvoorbeeld staakten er 800 níet. Het protest leefde vooral bij de sigarettenmakers, minder bij de tabaksverwerkers. „En Bergen op Zoom ligt bij het Zeeuwse Tholen, een protestants bolwerk waar ze ook niet graag staken”, zegt CNV-onderhandelaar Piet Verburg.

Werknemers die niet staken nemen vaak een dagje verlof. Verhoudingen op de werkvloer kunnen blijvend beschadigd raken. Sjaak van der Velden, gepromoveerd op de Nederlandse stakingsgeschiedenis, beschrijft in Werknemers in actie bijvoorbeeld een grote FNV-staking van buschauffeurs in 1995. Leden van het CNV, dat niet mee staakte, werden geïntimideerd door FNV’ers. Eén lid werd uitgescholden voor ‘vuile, vieze CNV-kankerhoer’, schreef de Volkskrant destijds. „Haar vaste kanomaat zei dat hij haar op het jaarlijkse bedrijfsuitje in de Ardennen zou verzuipen.”

4 Let op je suikerspiegel

„Waar je goed voor moet zorgen”, zegt havencoördinator Niek Stam van FNV Bondgenoten, „is de inwendige mens. Is je suikerspiegel te laag, heb je honger of dorst, dan word je knorrig en emotioneel. Moet je niet hebben.” Bij grotere stakingen in de havens laat de bond catering aanrukken. „Voor koffie, thee, koeken, een patatje of een broodje hamburger. Vroeger mochten stakers nog in de kantine wachten, nu moeten ze direct de terminal af.”

Zowel stakers als onderhandelaars moeten hun emoties van de inhoud kunnen scheiden. „Je leeft toch mee met de leden en de kaders”, zegt FNV’er Stam. „Iedereen is moe”, zegt Van Beers van CNV. „Je moet tussen de onderhandelingen door echt proberen te slapen of te ontspannen. Ik zeg altijd: ik pas de ‘JBF’ toe. Dat is de strategie van Jan Boeren Fluitjes.”

5 Van staken word je niet rijk

De oorlogskassen van bonden zijn de stakingskassen. Wie lid is en zich laat registreren als staker, kan een ‘stakersuitkering’ krijgen. Denk aan 60 euro voor een gestaakte dienst, net genoeg om het moreel op peil te houden.

Van de drie vakcentrales in Nederland heeft alleen de MHP geen centrale stakingskas. Hoeveel er in de kassen van de FNV en CNV zit, is strikt geheim. „Daar zullen we nóóit iets over zeggen”, zegt een CNV-woordvoerder. „Dan kunnen werkgevers onze stakingen breken.”

Een lange staking is duur. Bij de grote bouwstaking in 1995 legden 25.000 werknemers het werk neer. Dat kostte de bonden 2,7 miljoen gulden per dag.

Het jaar 2012 was ook een duur stakingsjaar voor bonden. Er gingen 219.000 arbeidsdagen verloren, met name door de staking van schoonmakers en leraren. Datzelfde jaar berichtte deze krant dat de stakingskas van de FNV bijna leeg was. De vakcentrale wilde bezuinigen op uitkeringen bij stakingen van langer dan een week en de contributie voor het fonds verhogen. „Geen zorgen”, zegt cao-coördinator Mariëtte Patijn van de FNV desgevraagd. „De stakingskas is goed gevuld.”

6 De kans op succes is één op drie

Historicus Van der Velden heeft een onlinedatabase met vijftienduizend stakingen sinds 1372. Opvallend is dat bijna evenveel acties zijn gewonnen als verloren of geschikt. „Statistisch geldt: hoe langer een staking duurt, des te groter de kans op verlies”, zegt Van der Velden. De langste staking in Nederland ooit was bij de zagerij van de gebroeders Loos in Blokzijl in 1924. Na 843 dagen werden alle 87 stakers ontslagen.

Soms hebben acties snel resultaat. Bij Philip Morris was een staking van een etmaal (productieverlies 250 tot 300 miljoen sigaretten) plus de dreiging van een staking van twee etmalen voldoende voor de directie om toe te geven.

Maar stakingen om de sluiting van een bedrijf te voorkomen, zoals bij AkzoNobel in Deventer, zijn moeilijk, zegt Mathies van de AWVN. „En soms zorgt een buitenlands moederbedrijf voor complicaties. Leg Amerikaanse aandeelhouders maar eens uit wat een sociaal plan is.”

FNV’er Patijn: „Waneer heb je gewonnen? Voor ons is het winst als we er meer uitslepen dan zonder staking. Als onze leden het gevoel hebben dat ze hebben gewonnen. Als de machtsverhouding met de werkgever weer enigszins hersteld is.”