Natuurlijk is de islam debet aan het falen van Ibn Ghaldoun

Ibn Ghaldoun was een volledig ontspoorde school. Dat blijkt uit berichtgeving van het AD over het strafdossier. Wat er dezer dagen tijdens de rechtszaak bekend is geworden, tart elke beschrijving. Iedereen heeft intussen kennis genomen van de examenfraude, maar dat leerlingen en schoolleiding in een monsterverbond aanstuurden op het oppimpen van resultaten en het bedreigen en treiteren van leraren die wél volgens de regels werken, is het échte schandaal. Het dossier geeft blijk van een schoolcultuur die indruist tegen waarden die wij in de samenleving hoog achten. Genoeg reden dus om vraagtekens te zetten bij de wenselijkheid van islamitisch onderwijs.

Wat stelt een onderwijsinspectie nog voor als dit soort zaken door de vingers worden gezien? De realiteit is dat de autoriteiten het dossier behandelen als een bedrijfsongeluk. Ze zoeken snel naar een zogenaamde ‘oplossing’, zodat de vervelende en confronterende vragen buiten beeld blijven. De Rotterdamse PvdA en D66 hebben nota bene tot het laatst toe geprobeerd Ibn Ghaldoun open te houden. Wat voor waarden zijn er in het Nederlandse onderwijs nog te verdedigen als we onze schouders ophalen over Ibn Ghaldoun en de kwestie reduceren tot ‘waar de leerlingen nu ondergebracht moeten worden’?

Wij durven, net als Pim Fortuyn destijds, de analyse wel te maken en te zeggen: natuurlijk is de islam een belangrijke factor in het falen van Ibn Ghaldoun. Of het nu om de ontkenning van de Holocaust gaat, het spugen op de Nederlandse taal of de invloed van imams: in bijna alles heeft de school zich gedragen als een bende die boven de wet staat. Ondertussen wordt het verkiezingsprogramma van Leefbaar Rotterdam onder een vergrootglas gelegd en slaan gevestigde partijen ons met grondwetsartikel 23, de vrijheid van onderwijs, om de oren. Wij schrikken niet van die principeargumenten, wij kijken naar de praktijk: zolang die islamscholen zich gedragen als kennishatende instituten, die voorrang geven aan de eigen rituelen en de Nederlandse cultuur in een kwaad daglicht stellen, verdienen zij het etiket ‘onderwijs’ niet. Onderwijs moet kinderen voorbereiden op een zelfstandig leven in Nederland. Wat op Ibn Ghaldoun gebeurde, was precies het tegenovergestelde. Daarom zeggen wij: geen islamitische zuil in het Nederlandse onderwijs. Bied moslimkinderen maar, als ze religieus onderwijs willen, gewoon onderdak bij christelijke of katholieke scholen.