DNB: half miljoen gepensioneerden krijgt lager pensioen

Een gepensioneerde automonteur telt de muntjes uit zijn portemonee. Foto ANP / Roos Koole

Bij een half miljoen gepensioneerden wordt hun maandelijkse uitkering vanaf april verlaagd omdat hun pensioenfonds nog niet voldoende hersteld is van de financiële crisis. Bij een groep van 700.000 werkenden wordt de pensioenopbouw om diezelfde reden verlaagd. Dat blijkt uit voorlopige berekeningen van De Nederlandsche Bank (DNB), de toezichthouder op de sector.

Ook het pensioen van 1,3 miljoen ‘slapers’, werknemers die nog pensioen hebben uitstaan bij hun oude werkgever, wordt gekort, meldt DNB. Deze groep overlapt ten dele met de groep werkenden van wie de pensioenopbouw wordt verlaagd.

Korting van gemiddeld 1,1 procent

Het gaat om 38 van de ruim 400 pensioenfondsen in Nederland die nog niet voldoende financieel hersteld zijn. Hun dekkingsgraad, de verhouding tussen hun vermogen en hun huidige en toekomstige pensioenuitkeringen, is nog niet op het vereiste niveau van ongeveer 105 procent.

“De inkomensgevolgen van deze verwachte daling, bezien over alle pensioenfondsen, zijn relatief beperkt”, stelt DNB in een persbericht. De korting op de pensioenen verschilt van fonds tot fonds, maar zal gemiddeld 1,1 procent zijn. Vorig jaar dacht DNB ook dat 200.000 gepensioneerden meer zouden worden getroffen.

Dekkingsgraad nog net onder vereiste niveau

Alle pensioenfondsen die tijdens de financiële crisis in 2008 grote beleggingsverliezen leden, moesten na een vijfjarig herstelplan op oudjaarsdag weer een gezonde dekkingsgraad hebben. Een deel heeft de afgelopen jaren al op de pensioenen gekort om het herstelplan te blijven volgen.

Vier van de vijf grote fondsen, die vandaag alvast allemaal hun jaarcijfers bekendmaken, gaan niet korten. Alleen het bestuur van PME, het Pensioenfonds van de Metalektro met circa 630.000 deelnemers en een belegd vermogen van ruim 32 miljard euro, heeft nog geen definitief besluit genomen. PME zit met een dekkingsgraad van 103,4 procent bijna een procent onder de dekkingsraad die het fonds eigenlijk zou moeten hebben.

Ook het andere grote ‘metaalfonds’ PMT (1,2 miljoen deelnemers en 48 miljard euro aan belegd vermogen) zat eind vorig jaar met een dekkingsgraad van 103,8 procent net onder het vereiste niveau. Maar PMT heeft besloten niet te korten, onder meer omdat het fonds de pensioenpremies vorig jaar uiteindelijk niet heeft verlaagd en de verwachting is dat het vermogen dit jaar snel weer zal stijgen.

Indexeren ligt nog gevoelig

ABP, het grootste pensioenfonds van Nederland (2,8 miljoen deelnemers binnen de overheid en het onderwijs en 300 miljard euro vermogen), zit na vijf jaar op een dekkingsgraad van 105,9 procent. De verlaging van de pensioenen met 0,5 procent van vorig jaar wordt weer teruggedraaid.

“Daarmee staan de pensioenen dus weer op het oorspronkelijke niveau”, zegt ABP-voorzitter Henk Brouwer in een persbericht. Maar voor indexeren, het aanpassen van de pensioenen aan de loonstijging om de koopkracht op peil te houden, is het herstel nog “te pril”, zegt hij.

Nederlands op een na grootste pensioenfonds, Zorg en Welzijn (2,5 miljoen deelnemers en 137 miljard euro vermogen), ziet wel ruimte voor een indexatie van bijna 1 procent. Daarna zit het fonds alsnog op een veilige dekkingsgraad van 109 procent.

Het Bedrijfstakpensioenfonds voor de Bouwnijverheid, bpfBOUW (795.000 deelnemers en 39 miljard euro vermogen) had eind vorig jaar de hoogste dekkingsgraad van de vijf grote fondsen: 111,5 procent. Maar bpfBOUW blijft “voorzichtig”, aldus een persbericht, en indexeert niet om de lasten over huidige en toekomstige gepensioneerden te verdelen.