Verwondering over het alledaagse

Morgen is het Gedichtendag, en daarmee begint de Poëzieweek 2014. Het thema van deze week is ‘Verwondering’. Logisch dus dat het CPNB K. Schippers als auteur van de Gedichtendagbundel koos. Schippers is immers bij uitstek de dichter van verwondering over het alledaagse.

In elf, steeds verrassende gedichten onderzoekt hij in Buiten beeld hoe de dingen niet alleen onze blik, maar ook het ogenblik bepalen. „Ik stoot een glas om en het water blijft/ liggen. Je ziet het niet verdampen”, schrijft hij. En dat, concludeert hij dan, terwijl het ondergoed boven het hotelbad na één nacht droog is. Als lezer moet je je wel meeverbazen, ook doordat Schippers van regel tot regel desoriënteert. Typerend zijn de eerste twee coupletten van Papieren zakdoekjes. De trechter, zakdoekjes en de telefoon die hij samen op tafel ziet hebben niets met elkaar te maken, stelt hij. „Moet ik ze onderbrengen in een zin?” vraagt hij dan. „Net/ al gedaan, zie boven. Laten we iets/ anders nemen.”

Buiten beeld is een 14 pagina’s dun bundeltje, maar het staat boordevol indrukken. Schippers’ kracht is zijn onbevooroordeelde blik. Hij kijkt zoals een kind dat alles voor het eerst onder ogen krijgt. En dat advies geeft hij ook aan zijn lezers. Zie van deze letters, maant hij in Zwart, heel even alleen maar het zwart. „Bekijk ze/ als een vijfjarig kind/ dat nog nooit/ iets heeft gelezen.” Voor wie dit recept ter harte neemt is Buiten beeld een verrijkend cadeau.