Van de meer-dan-weergoden

‘Hebben jullie weer wat te klagen? Bevalt deze winter jullie niet? Oh, Nederlanders zeker! Vanaf onze donzige wolk hoog in de stratosfeer kunnen we dat kleine landje van jullie ternauwernood onderscheiden, maar we weten dat jullie maar al te gauw geneigd zijn jezelf als middelpunt van de wereld te zien. Jullie zeuren erover dat de vrieskoude uitblijft, dat wij weergoden er niets meer van kunnen, maar kijk eens wat wij hebben aangericht aan de overkant van de oceaan! IJspegels van recordlengtes, nooit eerder gemeten lage temperaturen, 200 miljoen mensen bereikt, allemaal dankzij een slim polair front.

Beticht ons niet van inconsistent beleid omdat we dit jaar Europa niet aangedaan hebben, nadat we in eerdere jaren een flinke koudegolf hebben gestuurd. Integendeel, wij moeten tactisch en nauwkeurig opereren. Te warm – en we spelen de klimaatdoemdenkers in de kaart die triomfantelijk beweren dat het allemaal de schuld van de mens is. Te koud – en de sceptici voelen zich gesterkt in hun opvatting dat klimaatbeleid er niets toe doet.

Jarenlang hebben jullie Europeanen je in bochten gewrongen om fossiele brandstoffen te vervangen door groene energie. Fossiel raakt op en fossiel vervuilt, beweren jullie. Maar zo simpel ligt het niet. Fossiele voorraden zijn nog lang niet op, fossiel wordt minder vervuilend en alternatieven zijn bijna allemaal duur. Jullie Nederlanders gaan 18 miljard besteden aan windmolens op zee, jullie oosterburen besteden een veelvoud daarvan aan alternatieve energie. Resultaat: overproductie van groene energie, met perverse gevolgen. Omdat gesubsidieerde groene energie voorrang heeft op het elektriciteitsnet, moeten kerncentrales, die je niet kunt stilleggen, betalen om energie te mogen leveren op piekmomenten van wind- en zonne-energie. Ondertussen wordt fossiel ook nog steeds met miljarden gesubsidieerd, want tegenstrijdigheid behoort tot jullie menselijke aard. Vandaar dat rare Europese klimaatplan: energie is te duur, de recessie eist haar tol en dus worden nationale doelstellingen vanaf 2020 afgeschaft en vervangen door een streng Europees doel (40 procent minder CO2 in 2030) waar niemand zich verantwoordelijk voor voelt.

De waarheid is: het energiebeleid is een puinhoop en Kyoto is dood door gebrek aan realisme (voor de jonge lezertjes: ooit dachten alle landen dat ze samen het klimaat konden veranderen). Geen enkel land met een serieuze industrie haalt de gewenste CO2-reductie, en vele zoals Japan, stoten zelfs meer uit dan in het ijkjaar. Wereldwijd neemt de uitstoot nog steeds toe. De uitstoot van CO2 verminderen bleek niet veel beter dan het spreekwoordelijk rechtzetten van de fauteuils op het dek van de zinkende Titanic. De klimaatconferentie in Parijs in 2015 waar een nieuw akkoord moet worden gesloten, zal ten onder gaan aan goede bedoelingen. Alsof vergaderen ooit leidt tot vermindering van broeikasgassen! Terwijl de klimaatdebatten vastliepen, begreep een aantal slimmeriken dat CO2 verminderen ook kan door efficiënter te produceren en dus zo min mogelijk grondstoffen te gebruiken. Dat is precies wat wij ook doen hierboven: we blazen wat wolken rond, als er regen uitvalt dan zorgen we dat elders weer water verdampt en zo gaat het in een eeuwige kringloop rond.

Klimaat is uit, lang leve de circulaire economie, waar energie en grondstoffen worden rondgepompt en nooit afval ontstaat. Alles moet opnieuw gebruikt worden. Efficiëntie dus, of het nu voedsel, huizen, elektriciteit of water betreft. Verder: lokaal doen wat kan, centraal doen wat moet. Voor de 1,4 miljard mensen die nog geen elektriciteit hebben, zet je geen vervuilende centrales neer, maar zonnepanelen.

Wij zijn dus tevreden over deze winter: onze weergoddelijke portefeuille omvat nu de hele economie. Onderschat ons meer-dan-weergoden niet, ons werk is nog niet af!”