Schuifelen op moeilijk schoeisel

Ontwerp uit de collectie van Edwin Oudshoorn Foto Peter Stigter

Winde Rienstra is een modeontwerper die ook graag schoenen ontwerpt. Dat wil zeggen: ze maakt objecten om voeten heen, maar op die ‘schoenen’ valt niet noodzakelijkerwijs te lopen. De modellen die haar nieuwe collectie toonden tijdens Amsterdam Fashion Week konden niet anders dan schuifelen op hun torenhoge, uit tientallen laagjes multiplex opgebouwde hoeven.

Behalve een zeer onprettig schouwspel, maakte het geschuifel Rienstra’s show ook veel te lang; een half uur voor negen matige outfits: gebreide kledingstukken van dikke wol, lange jurken met puntige houtconstructies erom.

Zeker zo lang was de de eerste grote catwalkshow van Dorhout Mees, het label van Esther Dorhout Mees. Na een film van modellen in een bos volgde een eindeloze stoet bosnimfjes in nogal identieke jurken met asymmetrische halslijnen en rechte broeken met gazen uitsparingen aan de achterkant. En ook hier waren er moeilijke, zelfgemaakte schoenen; kunststof met houtnerf uit de 3D-printer.

Dit soort trage, pseudodiepzinnige presentaties doet afbreuk aan de Amsterdam Fashion Week, die in tien jaar is uitgegroeid tot een goed platform voor Nederlands talent.

Dankzij de modeweek leeft mode veel meer in Nederland, en hebben beginnende ontwerpers een kans zich op de kaart zetten. Er zijn merken die elk seizoen terugkomen, zoals Sis, de op Nederland gerichte commerciële tweede lijn van Spijkers en Spijkers. Maar de meeste labels laten zich niet lang niet elke editie zien. Geeft niks, zolang het gebodene maar kwaliteit heeft; de week trekt nauwelijks inkopers die elk seizoen alle collecties weer op de catwalk willen zien.

Kwaliteit kwam deze twintigste editie vooral van de ervaren modemakers. De meeslepende show met straat- en feestmode van Aziz Bekkaoui op de openingsavond was het hoogtepunt van de week. Sterk was ook de eerste show van Atelier MariaLux, het drie jaar oude label van Lilian Driessen, die jarenlang verbonden was aan Viktor & Rolf en Diesel. Haar pakjes en jurken vallen nonchalant los en vallen op door het vouw- en borduurwerk.

De show van mannenmodeontwerper Francisco van Benthum, sinds vorig seizoen na jaren afwezigheid terug op de modeweek, werd ondanks supportersjaals, graffitiprints en een oproep Amnesty International te steunen nooit fel. Maar zijn op het Russische constructivisme gebaseerde kleren waren goed van snit en modieus; met name met bedrukte sweatshirts van wit leer zit Van Benthum midden in de internationale trend voor najaar 2014.

Couturier Edwin Oudshoorn zette z’n gasten aan tafel met een glaasje champagne en liet zien hoezeer hij afgelopen jaar is gegroeid. Zijn ‘kunstschaatsjurken’, beborduurde Schotse ruiten en korsetcreaties waren niet perse heel vernieuwend, maar wel opvallend en mooi gemaakt.

Als er meer zulke mode te zien zou zijn in minder dan de vijf dagen die de modeweek nu telt, zou de Amsterdam Fashion Week een hoop winnen aan energie en overtuigingskracht.