Philips verkoopt geen lampen, maar licht

Een gewone gloeilamp geeft 1.000 uur licht (gemiddeld een jaar), een spaarlamp brandt 10.000 uur (gemiddeld 10 jaar) en een ledlamp gaat 25.000 uur mee (gemiddeld 25 jaar).

Het succes van de ledlamp – een omzetstijging van bijna 50 procent in het vierde kwartaal van 2013 – levert direct ook een probleem op voor elektronicaconcern Philips. De omloopsnelheid van de ledlamp is immers beduidend lager. Philips past daarom de strategie aan – het concern verkoopt meer licht dan lampen.

„We willen een projectgerichte firma zijn voor bijvoorbeeld ziekenhuizen en gemeenten die op zoek zijn naar energiezuinige verlichting”, zei Philips-topman Frans van Houten gisteren tijdens een toelichting op de jaarcijfers. Verlichting wordt aan de gemeenten verkocht „als service”, zei Van Houten. Philips levert de ledverlichting en wordt in jaarlijkse termijnen betaald uit de besparing op de gemeentelijke energierekening.

Afgelopen jaar daalde de omzet van het elektronicaconcern met 1 procent naar 23,3 miljard euro, als gevolg van lagere wisselkoersen. Zonder het wisselkoerseffect ligt de omzet 3 procent hoger. Bij de afdeling licht steeg de omzet in het vierde kwartaal van 2013 met 8 procent, eenzelfde groeipercentage boekte consumentenelektronica. De medisch tak bleef steken op 4 procent groei. Ook in deze markt streeft Philips naar langdurige contracten. Zo tekende Philips vorige week in Davos een meerjarig contract met Medsi, het grootste netwerk van privéklinieken in Rusland. Gezondheidszorg is wereldwijd een groeimarkt. De gezondheidstak maakt inmiddels 42 procent uit van de bedrijfsactiviteiten, consumentenelektronica, 21 procent, en licht 34 procent (de resterende 3 procent is dienstverlening).

De nettowinst kwam in 2013 uit op 1,2 miljard euro terwijl het jaar ervoor nog werd afgesloten met een verlies van 30 miljoen euro. Concurrent Siemens boekte in het afgelopen boekjaar een winst van 4,4 miljard, maar de omzet van dat bedrijf is ruim drie keer hoger dan die van Philips. Het Duitse concern telt 362.000 werknemers, tegen ruim 114.600 bij Philips – waarbij de werkgelegenheid afgelopen jaar met 1,2 procent daalde.

Siemens boekte afgelopen kwartaal een stijging van de winst met 21 procent tot 1,4 miljard euro, de omzet daalde met 3 procent naar 17,3 miljard. Bij de presentatie van de kwartaalcijfers – het concern heeft een gebroken boekjaar dat begint op 1 oktober – maakte topman Joe Kaeser bekend dat Siemens stopt met de notering aan de New York Stock Exchange. Daarmee wil het bedrijf kosten verminderen en de financiële verslaggeving vereenvoudigen.