Het land leeft van horloges én praten over vrede

Zwitserland beschikt over veel chique locaties voor conferenties, zoals het Palace Hotel in Montreux, waar de Syriëconferentie vorige week begon. Foto AFP

Maanden geleden reisde Lakhdar Brahimi, speciaal gezant van de Verenigde Naties voor Syrië, stilletjes naar Zwitserland. In Bern, de hoofdstad, legde hij bij het ministerie van Buitenlandse Zaken een dringend verzoek neer: konden de Zwitsers de Syrische oppositie vast trainen in onderhandelingstechnieken?

Vroeg of laat, zei Brahimi, zouden de Syrische regering en oppositie om de tafel moeten. Oppositiegroepen hadden daar totaal geen ervaring mee. Enige voorbereiding zou de kans op succes van zo’n conferentie vergroten. Goed voor Syrië, goed voor Zwitserland.

Misschien is het aan die trainingen te danken dat de Syrië-conferentie in Genève, die vorige week begon, nog voortduurt en concrete gesprekken heeft voorgebracht, over het toelaten van humanitaire hulp in Homs. Want na Brahimi’s bezoek hebben de Zwitsers er geen gras over laten groeien. In de herfst hebben er, zonder enige ruchtbaarheid, in Istanbul en Montreux vierdaagse trainingen voor de Syrische oppositie plaatsgevonden.

Het is een klein én neutraal landje

Dat Brahimi zich tot de Zwitsers wendde, is geen toeval. Zwitserland is een nadrukkelijk neutraal land. Het is geen lid van de Europese Unie en – anders dan Noorwegen, dat ook veel vredesbemiddeling doet – evenmin van de NAVO. Het heeft geen geopolitieke agenda en mengt zich nooit in gewapende conflicten, waar ook ter wereld. Uit opiniepeilingen blijkt al jaren dat tussen de 80 en 90 procent van de Zwitsers akkoord is met de neutraliteit. En voor de buitenwereld is Zwitserland al sinds jaar en dag een ideale bemiddelaar tussen strijdende partijen.

„Al sinds de negentiende eeuw, toen internationaal recht oorlogvoeren nog niet verbood, is de neutraliteit de hoeksteen van onze buitenlandse politiek”, zegt Laurent Goetschel, hoogleraar politieke wetenschappen aan de universiteit van Bazel en directeur van Swisspeace in Bern, een instituut voor de analyse van vredesvraagstukken. „Wij deden niet mee aan oorlogen om ons heen, maar probeerden altijd te bemiddelen.”

Tijdens de Koude Oorlog hielden de Sovjet-Unie en de Verenigde Staten in Genève onderhandelingen over ontwapening. Israëliërs en Palestijnen en de kemphanen in Sri Lanka en Soedan wisten elkaar op ministerieel niveau wel geregeld in Genève te vinden. Russen en Georgiërs onderhandelen er sinds het staakt-het-vuren in 2008 nog elke paar maanden.

Zwitserse diplomaten hebben decennialang gependeld tussen Iran en de VS, die geen ambassades in elkaars land hebben, en andere gebrouilleerde landen. Nu de dooi intreedt tussen Iran en de VS, vinden de onderhandelingen over Irans nucleaire programma ook in Genève plaats.

Ook het Russisch-Amerikaanse akkoord over de vernietiging van chemische wapens in Syrië werd vorige zomer hier gesmeed. En wie weet wat er nog komt: nu de relaties tussen Rusland en het Westen weer verslechteren, schreef de Neue Zürcher Zeitung gisteren, ‘groeit de behoefte aan ontmoetingen op neutraal terrein weer’.

‘Vrede’ geeft aan 42.000 mensen werk

In de loop der jaren is de promotie van vrede en vredesonderhandelingen big business geworden voor de Zwitsers. Dat is goed voor het Zwitserse imago en houdt alleen al in en om Genève circa 42.000 mensen (VN’ers, vredesinstituten, ngo’s) aan het werk.

De Zwitsers trekken er hard aan om dit op peil te houden. Het ministerie van Buitenlandse Zaken stelt vaak mensen en expertise ter beschikking voor vredesinitiatieven. Ook in het team van Brahimi werken Zwitsers.

De Zwitsers waren zo eager om de Syrië-conferentie te organiseren, dat het tijdstip hen niet uitmaakte. Hotels in Genève zaten vorige week volgeboekt vanwege de jaarlijkse horlogebeurs – horloges zijn minstens zo’n belangrijk Zwitsers exportproduct als vredesbemiddeling. Daarom werden de eerste dagen van de conferentie verplaatst naar Montreux.

Van de kant van de oppositie werden twee van de drie deelnemers aan de Syrische vredesconferentie in november door de Zwitsers getraind. Murezi Michael, coördinator Bemiddeling bij Vredesonderhandelingen in het ministerie in Bern, wilde laatst in de krant Tages Anzeiger geen namen van deelnemers geven. Het lag gevoelig: „Velen wilden twee maanden geleden niet bekendmaken dat ze mee zouden doen aan gesprekken in Genève.” Er deden voormalige politici mee, diplomaten die vroeger voor de regering hadden gewerkt, en strijders zonder enige diplomatieke ervaring.

Wat de Zwitsers hun vooral wilden bijbrengen, was volgens Michael dat „je je nooit op één positie moet vastpinnen”.Wie eist dat alle gevangenen tegelijk worden vrijgelaten, komt bijvoorbeeld niet ver.

Wie zegt dat vrouwen en kinderen eerst vrij mogen, heeft meer kans op een oplossing. Uit het afgelopen weekend gesloten, voorlopige akkoordje over Homs blijkt dat de deelnemers goed geluisterd hebben: vrouwen en kinderen komen eerst vrij.