‘Eenvoud is het allermoeilijkste’

Arbor (Conner Chapman) steelt met gevaar voor eigen leven koper langs spoorwegen en van elektriciteitsmasten

Een sprookje van Oscar Wilde over een reus die een muur bouwt om zijn tuin omdat hij die niet wil delen met kinderen, en het sociaal-realisme waar de Britse cinema beroemd om is, dat is geen voor de hand liggende combinatie.

Juist daarom wilde regisseur Clio Barnard The Selfish Giant graag maken. „Uiteindelijk is er niet meer zoveel van het oorspronkelijke verhaal van Wilde in de film overgebleven, maar het was wel mijn vertrekpunt. Juist omdat die twee elementen zo contrasteren, wilde ik ze bij elkaar brengen. Ik heb een verhaal genomen uit de negentiende eeuw dat kinderen tot op zekere hoogte idealiseert, maar dat vervolgens laten gaan over kinderen aan de onderkant van de samenleving, die vaak juist worden gedemoniseerd en alleen als criminelen worden gezien.”

The Selfish Giant gaat over twee vrienden, de hyperactieve Arbor (Conner Chapman) en zijn wat oudere kameraad Swifty (Shaun Thomas) in Bradford, in het noorden van Engeland. Liever dan naar school gaan zoeken ze koper en andere metalen, die ze kunnen stelen en verkopen aan schroothandelaar Kitten (Sean Gilder). Kitten heeft een renpaard waarmee hij straatraces doet. Als blijkt dat Arbor goed met paarden overweg kan, neemt hij hem aan als jockey.

Het verhaal lijkt zo weggelopen uit een roman van Charles Dickens, met kinderen die in grote armoede opgroeien en een volwassen wereld die hen probeert uit te buiten. „Het verhaal is gebaseerd op de verhalen van een jongen die ik leerde kennen toen ik aan mijn vorige film werkte, The Arbour, die zich ook in Bradford afspeelde. Hij werkte als kind voor een schroothandelaar in de buurt, en daar hing iets dubbelzinnigs omheen. Sommige mensen vonden dat hij werd uitgebuit, anderen dat hij juist een kans kreeg van de man. Dat deed me meteen heel sterk aan Dickens denken.”

Is Dickens nog steeds zo invloedrijk, omdat zijn verbeelding zo sterk is of omdat Engeland nog altijd vergelijkbare sociale problemen heeft?

„Misschien een combinatie. Maar toen Dickens schreef was de industrialisering in het noorden van Engeland in volle gang. Nu is de industrie daar grotendeels verdwenen. Ik wilde dat de film een tijdloos aspect zou hebben dat teruggrijpt op het verleden, maar dat misschien ook een beeld geeft van de toekomst. Als de economie zo blijft haperen, zal er misschien een tijd komen waarin iedereen weer op zoek moet gaan naar oude materialen die nog wat geld opleveren.”

Vrouwen hebben geen grote rol. De film draait helemaal om jongens en mannen.

„Mijn vorige film ging over moeders en dochters. Daarna wilde ik heel graag een film maken over jongens en mannen. Waarom weet ik ook niet precies. Dat heeft er misschien gewoon mee te maken dat ik zelf twee zoons heb van twaalf en negen. Ik denk ook dat jongens aan de onderkant van de samenleving hun eigen, specifieke problemen hebben, die anders zijn dan de problemen van meisjes. Ze hebben heel weinig mannelijke rolmodellen, terwijl er nog wel sterke vrouwelijke rolmodellen zijn in hun omgeving. De moeder is de matriarch die alles bij elkaar houdt. Zulke vaders zijn er vaak niet. In de film is de rol van de moeders weliswaar klein wat betreft de omvang, maar wel heel belangrijk.”

Uw vorige film was meer experimenteel, maar dit verhaal is eigenlijk heel eenvoudig.

„Mijn ambitie was om het verhaal zo simpel mogelijk te houden, maar de betekenis ervan heel complex. Ik hou van de films van de Dardennes, omdat hun films vaak zo bedrieglijk simpel lijken. Dat wilde ik ook, maar dat is heel moeilijk voor elkaar te krijgen.”

Hoewel u met het materiaal aan de haal ging heeft u toch de titel van het verhaal van Wilde behouden.

„De eerste versie van het script was helemaal geschreven vanuit het perspectief van de schroothandelaar, Kitten. Maar toen kwam ik erachter dat ik eigenlijk het meest geïnteresseerd was in de twee jongens en hun vriendschap. Ik heb toch de titel gehandhaafd, omdat ik de verbinding met het sprookje in stand wilde houden. In de film is Kitten nog steeds de zelfzuchtige reus, maar de titel heeft ook met een hele ideologie van zelfzuchtigheid te maken, die veel breder is.

„Die ideologie kwam met Margaret Thatcher aan de macht. Ineens waren inhaligheid en egoïsme positieve waarden. Ideeën van mensen aan de bovenkant van de samenleving werken door in de hele maatschappij, ook als dat juist tegen de belangen van mensen aan de onderkant ingaat. Dat zie je aan Kitten in de film, maar ook aan Arbor, die hem nadoet en snel veel geld wil verdienen door koper te stelen. De zelfzuchtige reus is eigenlijk de hele samenleving.”