De machteloosheid van de machtigste man ter wereld

De president van de Verenigde Staten wordt vaak de machtigste man ter wereld genoemd, maar Barack Obama weet hoe beperkt zijn macht is. Zo heeft hij het afgelopen jaar vrijwel niets van zijn plannen kunnen verwezenlijken, vooral door de uitgesproken vijandige opstelling van de Republikeinen in het Congres.

Een president kan in z’n eentje de samenleving niet vernieuwen, erkende Obama vorige week deemoedig in een veel besproken interview in The New Yorker. En hij voegde daaraan toe: „En dat is waarschijnlijk maar goed ook. Nee, het is zéker maar goed ook.”

Toch heeft Obama vannacht in zijn State of the Union laten zien dat hij nog steeds de ambitie heeft om zijn stempel op Amerika te drukken. Vooral de grote en groeiende economische ongelijkheid in de Amerikaanse samenleving wil hij aanpakken – liefst mét het Congres, maar als het niet anders kan buiten het Congres om.

De president herinnerde eraan dat de dochter van een fabrieksarbeider nu de baas is van General Motors, dat de zoon van een kroegbaas voorzitter is van het Huis van Afgevaardigden en dat de zoon van een alleenstaande moeder president van de Verenigde Staten kan zijn. „Die belofte moeten we herstellen.”

Daarbij gaat het Obama om veel meer dan de bereikbaarheid van de hoogste posities voor iedereen. Hij beloofde zich hard te zullen maken voor alle Amerikanen, de armere groepen zowel als de middenklasse, die in de hedendaagse economie niet of nauwelijks kunnen meekomen. „Als je maaltijden voor onze manschappen kookt of hun borden afwast, zou je niet in armoede moeten leven.”

Daarom kondigde hij een verhoging aan van het minimumloon, althans: bedrijven die door de overheid worden ingehuurd moeten hun personeel dat nieuwe loon betalen. Een mooi gebaar, waartoe Obama per decreet kan besluiten. Maar er zullen hooguit twee miljoen mensen van profiteren. In het beste geval zullen andere werkgevers het voorbeeld volgen of zal de politieke steun voor een bredere verhoging van het minimumloon nu toenemen.

Het is illustratief voor de geringe mogelijkheden die de president heeft om buiten het Congres om zijn zin door te drijven. Ook zijn nieuwe aankondiging dat Guantánamo Bay dit jaar toch écht gesloten moet worden, vestigde aandacht op zijn machteloosheid.

Obama wil een eindsprint inzetten, om inhoud te geven aan zijn laatste drie jaar in het Witte Huis. Maar het is noodgedwongen een sprint in kleine stapjes. De president kan wel iets ánders, en daar is hij gisteren ook mee begonnen: zichzelf en zijn partij profileren voor de belangrijke Congresverkiezingen van november. Weten de Democraten hun meerderheid in Senaat te behouden en die in het Huis terug te winnen, dan is er nog hoop voor Obama’s ambities.