Opeens ben je even een Bekende Indonesiër

‘Buitenlandse journalist steelt in ziekenhuis aandacht van gouverneur Jokowi.’ Ik ben net thuis als het bericht van de internetredactie van Kompas, de grootste krant van Indonesië, binnenkomt. Inderdaad, eerder op de dag was ik op pad met Joko ‘Jokowi’ Widodo, de gouverneur van Jakarta en de populairste politicus van Indonesië. En inderdaad, ik moest poseren voor de foto met een groepje patiënten. Maar zulke sessies maak ik ook mee als ik ga wandelen in de botanische tuin van Bogor of nieuwe onderbroeken koop in de buurt. Dat lange blanke mannen bij Indonesiërs (man, vrouw, jong en oud) bezienswaardigheden zijn, is mij al lang duidelijk.

Heel vreemd is dat niet. Vergeleken met metropolen als Singapore, Bangkok en Shanghai zijn er veel minder blanke buitenlanders. Een groot deel van de buitenlanders die er zijn, laat zich van kantoor of beveiligde internationale school naar ommuurd huis rijden in auto’s met geblindeerde ramen. Maar dat alleen mijn aanwezigheid in hetzelfde ziekenhuis als Jokowi nieuws zou zijn, vond ik ver gaan.

Totdat ik stilstond bij de dagelijkse werkzaamheden van een journalist die onderdeel is van het reizende circus dat Jokowi op de voet volgt. Ze moeten elke dag ettelijke berichten schrijven over het doen en laten van de sterpoliticus. Waarover? Dat maakt weinig uit. Als verslaggevers van Kompas, maar hun collega’s van MetroTV voor zijn. En de jonge honden van Detik.com eerder hun verhaal online hebben dan mannen van BerituSatu.

Als je het Jokowi vraagt trekt hij de vitrage opzij. Hij aanschouwt de verslaggeversploeg die voor zijn kantoor kampeert. „Elke dag dezelfde vragen, elke dag komen ze opnieuw. Zo hijgerig”, zegt hij. Ongelijk kan je hem niet geven. Als op Sumatra 30.000 mensen worden geëvacueerd omdat de Sinabung-vulkaan as en lava spuwt, gaan de berichten over de dure reistent waar president Susilo Bambang Yudhoyono in slaapt. Hij wilde zich een met de vluchtelingen tonen, maar besefte niet dat een Gadaffi-achtige tent de plank mis zou slaan. Als zware regenval Jakarta teistert, gaat het nieuws niet over rampenbestrijding maar over een opmerking van Ani, de vrouw van de president. Op de vraag waarom ze foto’s van kleinkinderen op Instagram zette in plaats van slachtoffers van overstromingen te helpen, antwoordde ze dat ook zij recht heeft op een vrije dag. Dat Jakarta jaarlijks overstroomt omdat de rivieren verstopt zitten met afval ondergaan Indonesiërs gelaten. Maar stuntelig optreden van de president en zijn vouw zijn goed voor dagenlange mediarellen.

Jokowi volgen is voor de journalisten niet makkelijk. „Ik ben gemiddeld maar een uur of twee per dag op kantoor”, zegt hij. Hij trekt door de stad. Van vuilnisbelt naar markthallen en van scholen naar prostitutiegebieden. Altijd is hij onderweg en zijn agenda kan elk moment gewijzigd worden. Voor zijn eigen staf is dat al een opgave, voor de journalisten die geen politie-escorte hebben, is het bijna niet te doen. Ze moeten weten waar Jokowi heen gaat en zich een weg door de file banen. Ze hebben al honderden bezoeken van Jokowi gezien. Bij het zien van iets abnormaals, zoals de aanwezigheid van een buitenlandse journalist, zijn ze tevreden. Eindelijk, een verhaal. Dan kunnen ze schrijven over de lange journalist „in een zeeblauw slimfit shirt, met zwarte broek en instappers”. Dan kunnen ze melden dat de journalist , tot hilariteit van iedereen, vrouwen glazig aankeek omdat hij geen Indonesisch sprak.

Dat mijn broek groen was en mijn schoenen veters hadden, was niet aan de verslaggevers besteed. En dat de blanke man buiten wel degelijk met de vrouwen sprak, konden de journalisten niet zien. Zij waren alweer naar de uitgang gerend. Het was nog maar drie uur ’s middags en Jokowi had een druk programma voor de boeg.