Van Es: Krijg eerst maar eens de feiten op een rij

Beste Alexander,

We zijn beiden journalist; de feiten moeten heilig voor ons zijn. En áls we feiten melden, moeten we de bron erbij geven – toch?

Daarom blijf ik hier bij de feiten. Jij sprak over een vrouw die haar uitkering kwijtraakte, omdat ze bij Albert Heijn méér Excellent-biefstuk kocht dan ze met haar uitkering kon betalen. Ze zou daarom straf hebben gekregen, nadat dit was gebleken uit een uitdraai van haar bonuskaart.

Je deed deze uitspraak zonder bronvermelding. De enige bron die we nu hebben, is één zin uit een boek van Rudie Kagie. In die zin gaat het over een officier van justitie (niet over een rechter), het gaat over een man (jij hebt het over een vrouw), het woord biefstuk komt er niet in voor (laat staan Excellent-biefstuk; ik denk voorlopig dat jij dit hebt verzonnen om je verhaal aan te dikken) en de zaak zou spelen in het jaar 2001 (en dus is het ook maar de vraag of het nu nog relevant is, want de wetgeving is veranderd).

Ik hoop dat de lezer een beetje abstract wil meedenken. Het gáát hier niet zozeer om die losse feitjes, maar om de manier waarop jij in dit kwestietje met de feiten omgaat. Op tv praat je over een officier van justitie en nu opeens over een rechter – en dat is géén detail. Stel dat werkelijk is gebeurd wat Kagie schrijft (nog steeds is dat onduidelijk), dan zou het – in theorie – heel goed zo kunnen zijn dat die officier van justitie met z’n bonuskaartuitdraai enorm op z’n flikker heeft gekregen van de rechter en dat de verdachte man à vrouw gewoon is vrijgesproken.

Ik vind dat je als journalist nooit krasse uitspraken zou moeten doen zonder je bron erbij te vermelden. En dat je dan eerst moet checken of die bron klopt.

De rest van je reactie vind ik bijzaak, bliksemafleiders. Zoals de kop die je boven je reactie hebt getikt: ‘broddelwerk.’ Dat heet: ‘framen’ – alvast nadrukkelijk je eigen, gekleurde licht over de werkelijkheid laten schijnen.

Ik volg een juridische redenering

Je verweer dat je aanvankelijk in ons sms-contact niet begreep dat mijn vraag betrekking had op de rubriek next.checkt kan ik op zich billijken. Weliswaar had ik in mijn eerste sms geschreven ‘Ik heb een vraag voor nrc.next’ en in mijn tweede ‘ik check een uitspraak van jou...’, maar ik snap nu dat jij niet direct de link tussen beide legde. Daarover heb ik je de volgende dag excuus gemaakt. ‘De manier waarop’ had beter gekund, maar dit staat los van ‘het feit dat’ ...

Terug naar de hoofdzaak, tot slot. Ik heb tot dusver niet zomaar geroepen dat jij een onwaarheid verteld hebt, ik volgde een zuivere juridische redenering: een strafbaar feit is niet gepleegd totdat het tegendeel bewezen is, en de bewijslast ligt bij de aanklager.

Ik geef een taart aan degene die de volgende feiten levert: is er ooit een strafzaak geweest, mét veroordeling, waarin een bonuskaartuitdraai als bewijsstuk is aanvaard om iemand (m/v) z’n uitkering te ontnemen?

Taart winnen, Alexander? Doe je best!

En overigens ben ik het met je eens dat zowel burgers als opsporingsdiensten uiterst zorgvuldig moeten omgaan met ieders privacy, ook digitaal. Maar dat is een ander onderwerp.