Hoge inflatie maakt prijskaartjes zinloos

Een geldwisselkantoor in Buenos Aires was vrijdag dicht in afwachting van meer duidelijkheid van de overheid over de regels voor het kopen van dollars. Foto AP

Maria Alvordos (48) staat te treuzelen voor de etalage van een kledingzaak in Palermo, een goede wijk in Buenos Aires. „Zullen we hier naar binnen?”, vraagt haar 16-jarige zoon voorzichtig. Haar bedrukte gezicht spreekt boekdelen. „Te duur”, mompelt ze en slentert verder.

Het is dat haar zoon uit al zijn kleren groeit, maar liever winkelde Alvordos helemaal niet in deze dagen van onzekerheid. De prijzen stijgen met de dag. „Gisteren kostte die nog 4500 peso”, zegt in een elektronicazaak verkoper Enrique, wijzend naar een breedbeeldtelevisie. „Vandaag verkopen wij hem voor 5600 peso.” Dat is een prijsstijging van bijna 25 procent.

Argentijnen zijn gewend aan stijgende prijzen, met een inflatie die het afgelopen jaar opliep tot ruim 28 procent, een van de hoogste inflatiecijfers ter wereld. Maar zo extreem was het niet eerder. Witgoed- en elektronicawinkels in Buenos Aires haalden dit weekend de prijskaartjes weg. De werkelijke waarde kunnen ze niet bijhouden.

De oorzaak is een devaluatie van de peso afgelopen, donderdag. De officiële koers kelderde tot het laagste niveau ten opzichte van de dollar in ruim een decennium. Argentinië balanceert op de rand van een valutacrisis. Een dollar kost nu acht peso, vorige maand nog zes.

De regering garandeerde dat de geldontwaarding geen invloed zouden hebben op de prijzen van levensmiddelen, die bijna een jaar geleden werden bevroren. Maar die belofte lijkt niet houdbaar. Zaterdag zei Alfredo Coto, eigenaar van een van de grootste supermarktketens van het land dat de stijgende dollar de prijsafspraak „zal doen schuiven”.

Het is een opmerkelijk besluit van de links-socialistische regering van president Cristina Kirchner, die zich altijd tegen devaluatie verzette en deze officieel ook ontkent. De populistische Kirchner, die de hoge grondstoffenprijzen al jaren gebruikte als benzine voor de economie, verscheen vorige week voor het eerst in het openbaar sinds ze in de herfst een hersenoperatie onderging. Over de economie zei ze niets.

Devaluatie is nodig om de internationale reserves van de Centrale Bank te beschermen. Die daalden in de afgelopen twee jaar van 48 tot 29 miljard dollar. Argentinië loopt daarmee het risico zijn schulden niet meer te kunnen aflossen. In 2002 leidde een schuldencrisis tot het faillissement van het land. De Argentijnen maken zich ernstige zorgen. Devaluatie van de peso – die jarenlang één-op-één aan de dollar was gekoppeld – leidde er in 2002 toe dat gespaarde dollars plotseling alleen nog van de bank te halen waren als pesos met fors minder waarde.

„Mijn spaargeld verdampte”, zegt Juan Carlos Alsina (65), een oud-militair die met zijn dochter winkels kijkt, maar niets koopt. „Dat gaat nu opnieuw gebeuren. De overheid neemt zulke halfslachtige maatregelen, niemand weet waar hij aan toe is.”

Een van die maatregelen was de verrassende aankondiging dat burgers vanaf vandaag (in beperkte mate) dollars mogen kopen. De hoeveelheid wordt bepaald op basis van hun inkomen. Sinds twee jaar gelden voor burgers en bedrijven zware restricties bij het kopen van buitenlandse valuta.

De maatregel was bedoeld om de bankreserves te beschermen tegen kapitaalvlucht van burgers uit angst voor groeiende inflatie.

Deze maatregel is bedoeld om het verschil tussen de officiële koers en de florerende zwarte markt, waar wordt gehandeld met de zogenaamde ‘blauwe dollar’, te minimaliseren. Ten opzichte van deze, internationaal gestaafde koers, daalde de peso nog sterker. Voor het weekend kostte een dollar dertien peso.

Het is afwachten of Argentijnen vandaag massaal naar de bank gaan om dollars te kopen. De schommelende economie veroorzaakt al langer sociale onrust in het land. Een landelijke politiestaking in december mondde uit in plunderingen. Daarbij vielen achttien doden.

In de tussentijd vertrok president Kirchner naar Havana waar ze lunchte met de Cubaanse oud-president Fidel Castro, tijdens een top van Latijns-Amerikaanse en Caribische landen. Ze twittterde er als vanouds lustig op los. Over de dreigende economische crisis: geen woord.