Egypte viert revolutie met dodelijke rellen

Op de derde verjaardag van de opstand tegen de oud-president Mubarak in 2011 zijn zaterdag in Kairo honderdduizenden mensen de straat op gegaan om hun steun te betuigen aan legerleider Abdel Fattah Al-Sisi. Terwijl er feest werd gevierd op het Tahrirplein, vielen elders in de stad minstens 49 doden bij botsingen tussen betogers en de oproerpolitie. Meer dan duizend mensen werden gearresteerd.

Gisteren kondigde interim-president Adly Mansour aan dat er eerst presidentsverkiezingen worden gehouden in Egypte, en daarna pas parlementsverkiezingen. In de politieke routekaart die het leger na de afzetting van president Morsi op 3 juli uitstippelde, was de volgorde omgekeerd. De koerswijziging heeft vermoedelijk te maken met de populariteit van Al-Sisi. Wanneer die zich, zoals verwacht, kandidaat stelt voor het presidentschap, ligt de uitslag bijna bij voorbaat vast. Parlementsverkiezingen zijn veel minder voorspelbaar en hun verloop zou tot meer chaos kunnen leiden.

Dat de president eerst wordt gekozen wil ook zeggen dat de winnaar de wetgevende macht zal hebben in afwachting van parlementsverkiezingen. Wel moeten wetten die de president afkondigt, later worden goedgekeurd door het parlement.

In ieder geval zal de nieuwe president veel invloed hebben op het verdere verloop van het politieke proces. Een datum voor de presidentsverkiezingen is er nog niet. Maar volgens een gisteren uitgevaardigd decreet moeten die plaatsvinden tussen 30 en 90 dagen na de inwerkingtreding van de nieuwe grondwet op 18 januari. Dat wil zeggen: ten vroegste op 17 februari, ten laatste op 18 april.

Vrijdag werd Kairo nog opgeschrikt door vier bomaanslagen, waarvan de eerste bij het politiehoofdkwartier in het centrum. Daarbij vielen zes doden. Zaterdag werd in de Sinaïwoestijn een legerhelikopter neergeschoten met een luchtdoelraket; de vijf inzittenden kwamen om het leven. De aanslagen zijn opgeëist door Ansar Beit al-Maqdis, een jihadistische groepering in de Sinaïwoestijn die in 2011 opdook en die vooral na de omverwerping van Morsi actief is geworden.

In de Egyptische media worden de aanslagen doorgaans aan de Moslimbroederschap zelf toegeschreven. De interim-regering zegt dat Ansar Beit al-Maqdis orders krijgt van de Moslimbroederschap. Die ontkent dat.

Interim-president Mansour kondigde zondag „buitengewone” maatregelen aan om terrorisme te bestrijden. Tegelijk riep hij de procureur-generaal op om betogers die zonder aanklacht vastzitten, vrij te laten, in het bijzonder de studenten. De voorbije maanden waren de universiteiten het terrein bij uitstek voor het protest door de aanhangers van Morsi.

De meeste doden zaterdag vielen bij botsingen tussen aanhangers van Morsi en de politie. De Moslimbroederschap heeft aangekondigd dat zij doorgaat met betogen. Tegelijk werd hard opgetreden tegen linkse activisten die wilden betogen tegen de politieke inlijving van ‘hun’ revolutie door aanhangers van legerleider Al-Sisi.

In 2011 was 25 januari, de Nationale Politiedag, uitgekozen om te protesteren tegen politiegeweld. Drie jaar later is het minister van Binnenlandse Zaken, Mohamed Ibrahim, het hoofd van diezelfde politie, die opriep om massaal de ‘revolutie’ te vieren.