Eén euro, mensen! Koopje

Het Ikea-ontbijt van één euro. Het bestaat uit onbeperkte koffie, een kaiserbol, een croissant, kaas, een ei, boter en jam. Foto Peter de Krom

In Ikea wordt niets aan het toeval overgelaten. De zoektocht naar de onvindbare uitgang, de ballenbak die kinderen stilhoudt terwijl ze vast kennismaken met de toekomstige inrichting van hun studentenkamer – alles is een katalysator voor koopgedrag. Dus toen in 2006 het spotgoedkope 1-euro-ontbijt in de restaurants werd geïntroduceerd, wist je: dit hoort bij een strategie. De precieze intentie is „bedrijfsgeheim”, maar marketinggoeroes zeggen dat het goedkope ontbijt nieuwe mensen naar de winkel moet lokken, die na het eten ongepland geld stukslaan met de aankoop van Billy-boekenkasten of andere huisraad. En nu verdwijnt het 1-euro-ontbijt bij filiaal Delft in het weekend. Beseften ze bij de meubelgigant wel dat de publiekstrekker de restaurants in huiskamers zou veranderen?

In de twaalf Nederlandse Ikea’s is, te midden van meanderende paden die klanten langs producten dwingen, een biotoop ontstaan. Deze nieuwe wereld speelt zich af in de restaurants en is van gepensioneerden met lege agenda’s, weinig geld en al lang gevulde woningen. Voor duizenden ouderen is het Ikea-restaurant sinds het 1-euro-ontbijt een tweede thuis.

Nel noemt het groepje mensen waar ze altijd mee ontbijt de Ikea-bastards, een variant op Benidorm Bastards – het populaire tv-programma waarin mensen op de hak worden genomen door ouderen. „Omdat we van geinen houden.” Jos is 36, zegt ze. Ze bedoelt 63. Grapje. Vandaag zit ze aan tafel met Nel Slangewal (69), Ada (66), Rob (66) en Truus (64). Ze hebben elkaar leren kennen vlak nadat Ikea Amersfoort opende, in 2006, en ze zijn in de loop der jaren een hechte ontbijtploeg geworden. De Ikea-bastards komen gemiddeld vier keer per week bij elkaar.

De vaste klanten zijn vooral miljonairs, zegt Jos. Ze schaterlacht. Geintje natuurlijk. „Allemaal gepensioneerden.” Jos schat dat er ongeveer honderd vaste klanten per dag komen, meestal zijn ze er meerdere keren per week. „Hier vind je gezelschap. Gezelligheid.” Toen Rob laatst een tumor had, kon hij er met zijn Ikea-vrienden op een luchtige manier over praten. Dat was prettig, want zijn familie maakte het allemaal zo zwaar. Jos: „Rob zou doodgaan en hij had nog maar één paar schoenen. Dus wij maakten daar altijd grappen over. Zo van: je hoeft nu niet meer te winkelen. Draag ze maar lekker af.” Rob ging toch niet dood en de groep werd hechter door de gedeelde zorgen. Laatst hadden ze een uitje naar Ikea Duiven.

Jannie Hop uit Nijkerk komt aan tafel staan. Zij kent de bastards uit Ikea. Normaal zit Hop aan een tafeltje in de buurt, maar vandaag eet ze aan de andere kant van het restaurant. „Ik trek die Chinezen niet. Niet dat ik iets tegen die mensen heb, maar ze praten zo hard.” ‘Die chinezen’ zijn vijf mannen die regelmatig naar de Amersfoortse vestiging komen. Niemand praat met ze. Jos: „Ze spreken geen Nederlands.”

Het Ikea-restaurant is als een veilige huiskamer waar iedereen zichzelf kan zijn, maar soms lijkt het op een dorpskroeg: mensen smoezen er graag. Roelie Willems (69) en Astrid van der Meer (67) van „tafeltje 1”, vlak naast de ingang van het restaurant, worden bijvoorbeeld „de kerstbomen” genoemd. Dat vingen ze eens op. Willems en Van der meer vinden het niet erg, zeggen ze, ze doen hun best om er mooi uit te zien, dus dat mag worden opgemerkt. De vriendinnen leerden elkaar vier jaar geleden kennen in de rij voor de kassa en deelden een verdrietige ervaring: beiden zijn weduwe. De dood wordt veel besproken tijdens de Ikea-ochtenden. Van der Meer: „De leeftijd. Er valt er hier geregeld eentje weg.” Zoals laatst de ‘krantenman’. Een paar keer in de week reed hij eerst langs het station waar hij een stapel exemplaren van Metro en Spits ophaalde. Die legde hij dan op zijn vaste tafel, de andere klanten mochten een krant bij hem ophalen. Na zijn begrafenis, die sommige Ikea-vrienden ook bezochten, nam een „vrouwtje van 70’” de taak over.

Recentelijk is er een nieuw favoriet gespreksonderwerp bijgekomen: het voortbestaan van het 1-euro-ontbijt. Sommigen zijn bang dat de afschaffing van het goedkope ontbijt in de weekends in Delft een soort proefballon is: dat het ontbijt binnenkort in meer vestigingen sneuvelt. Truus: „Als het 1-euro-ontbijt weggaat, verandert alles. Als het duurder wordt, komen veel mensen hier niet meer. Sinds de komst van de euro is alles ontzettend duur, maar hier waan je je nog in het verleden.” Een echt alternatief is er volgens Truus niet. „Steeds meer wijkcentra gaan dicht.” De Hema biedt ook ontbijt van een euro aan. Maar dat is voor veel ouderen geen optie: daar is de koffie niet onbeperkt.