Scorende Israëliër voelt zich niet achtergelaten bij Vitesse

Dan Mori trainde in de winter thuis. Foto ANP

De oefeningen op spelhervattingen heeft hij gemist in Abu Dhabi, maar niettemin bewoog Dan Mori het slimst van iedereen toen hij zich vrijmaakte bij de corner van Christian Atsu en Vitesse na een half uur spelen in de Gelredome op een 1-0 voorsprong zette. Hij werd geen matchwinner, doordat NEC via Michael Higdon een van zijn vele kansen benutte. Maar toch: bijna held van de Gelderse derby.

Mori dus, de reservespeler van Vitesse die eerder deze maand – als Israëliër – niet mee kon op trainingskamp naar de Verenigde Arabische Emiraten. De verdediger, die op de plaats stond van de geschorste Guram Kashia, doorbrak na de wedstrijd zijn stilzwijgen – maar wilde over ‘Abu Dhabi’ weinig kwijt. „Ik weet dat iedereen het erover heeft gehad. Maar ik probeer erbuiten te blijven en mijn werk hier te doen en dat is voetballen”, zei hij. „Deze kwestie is groter dan Vitesse en Dan Mori.”

Of Mori excuses heeft ontvangen van Vitesse, wilde hij niet zeggen. „Wat er tussen mij en de club gezegd is, blijft tussen ons. Dat moet iedereen respecteren. Geloof me, ik ben gelukkig.”

Het College voor de Rechten van de Mens (voorheen Commissie Gelijke Behandeling) buigt zich nog over de ontvankelijkheid van een klacht van Federatief Joods Nederland, dat Vitesse van discriminatie beschuldigt. Eén van de voorwaarden is of Mori zelf akkoord gaat dat er een principezaak over de affaire gevoerd wordt.

Mori lijkt geen wroeging richting zijn club te hebben. „Het is fijn dat ik steun kreeg van veel mensen. En het belangrijkste is dat ik van de club steun heb gekregen. Ze hebben veel met me gepraat, me gezegd dat ik belangrijk ben. Dat ze me niet achterlieten om dat ze dat wilden, maar vanwege een ongelukkige samenloop van omstandigheden.”