‘Splitsing Oekraïne is nu denkbaar’

Het tijdstip van de ontruiming van de Maidan stond vast. Woensdagavond 22 januari om half elf zou de oproerpolitie de barricades en tentenkampen in de Oekraïense hoofdstad Kiev bestormen en opruimen. Diplomaten werden gewaarschuwd dat de gendarmerie Berkoet (steenarend) gewapenderhand een eind ging maken aan het verzet tegen president Viktor Janoekovitsj: een tip uit de omgeving van Rinat Achmetov, de rijkste man van het land dankzij onder meer zijn kolenmijnen in Donetsk, de thuisbasis van Janoekovitsj. Het filiaal van koffiehuisketen Sjokoladnitsa aan de Chresjtsjatik Boulevard in het centrum van de hoofdstad sloot de deuren. Hotel en restaurants volgden. In Kiev waren al pantservoertuigen gesignaleerd, wisten bewoners van de buitenwijken te vertellen.

Maar er gebeurde om half elf niets. Berkoet bleef in falanx staan op de Groesjevski-straat bij het Lobanovski-stadion. Daar waren ’s morgens voor dag en dauw doden gevallen bij rellen met de jonge ‘autonome’ demonstranten die zondag uit ergernis over het ‘weke gedrag’ van de parlementaire oppositie op de Maidan hun eigen barricades hadden opgeworpen. Nota bene in de buurt van alle regeringsgebouwen.

Dat de regering woensdagavond kennelijk terugdeinsde voor harde actie was het laatste sleutelmoment van de afgelopen tien dagen. Het eerste keerpunt was donderdag en vrijdag een week geleden, toen parlement en president in een vloek en een zucht een reeks wetten afkondigden die de vrijheid van vereniging, meningsuiting en demonstratie nog drastischer aan banden legden dan in Rusland het geval is.

Deze noodwetgeving was voor radicale jongerengroepen het sein om de koers te verleggen naar harde actie. Zondag 19 januari scheidden deze clubs zich feitelijk af van de officiële Maidan. Ze zijn verenigd in tientallen ‘groepen’ en ‘bewegingen’. Ze luisteren naar namen als Rechtse Sector, Verenigde Hoofdstad en Derde Republiek. De eerste is ultranationalistisch met een fascistoïde sausje, de laatste streeft naar een Europese staatsvorm.

Al deze clubs zijn geen eenheid. Maar ze hebben gemeen dat hun geduld op is met de regering, die tot nu toe het protest negeerde en neersloeg. Ze willen ook geen politieke partij zijn. Maar samen zijn ze „de onzichtbare massa onder de ijsberg”, aldus ex-vicepremier Roman Bezsmertny, een historicus/politicus die in 2004 een cruciale rol speelde bij de overwinning van president elect Viktor Joesjtsjenko en diens latere premier Joelia Timosjenko.

De reguliere parlementaire oppositie – de partijen Vaderland van Timosjenko en haar waarnemer Arseni Jatsenjoek, Stoot van de bokser Vitali Klitsjko en Vrijheid van de rechtse nationalist Oleg Tjaginbok – is vanaf het begin van de protestbeweging op zoek geweest naar aansluiting met de studenten en jonge nationalisten die pro-Europese dan wel anti-Janoekovitsj zijn. Sinds het keerpunt van zondag raakten ze die nog meer kwijt dan ze al waren. Vandaar, aldus Bezsmertny, dat dit drietal parlementaire oppositieleiders donderdag na middernacht besloten om de breuk tussen ‘vreedzame’ en ‘autonomen’ te lijmen en Jatsenjoek opriep het „verzet te verbreden” door meer barricades te bouwen en overheidsgebouwen te bezetten. „De leiders zijn bang het volk te zeggen wat ze echt met de president hebben besproken. Of die twee kampen door deze vereniging ook echt synchroniseren, hangt af van het resultaat van het verzet”, denkt de voormalige vicepremier.

En dat hangt weer af van de vraag of Janoekovitsj de onderhandelingen met de parlementaire trojka gebruikt om de concessies te doen die hij afgelopen twee maanden hardnekkig heeft ontweken. „Iedereen staat onder zetdwang”, zegt Bezsmertny met een schaakmetafoor.

Slechts weinigen kunnen die druk weerstaan. De enige die tot nu toe levert, is bokskampioen Klitsjko. Hij werd donderdagnacht na het vijf uur durende gesprek met Janoekovitsj, die toen alleen beloofde de arrestanten van afgelopen week vrij te laten, gehoond toen hij bij de barricades voor stadion Lobanovski kwam zeggen dat de autonomen hun gewelddadige actie nog wat langer moesten staken. Maar het lukte hem wel. Klitsjko is in wezen de leider van de straat.

Daarmee is de zetdwang is niet afgenomen. Integendeel. In de westelijke en ook in de centrale delen van Oekraïne zijn donderdag en vrijdag her en der overheidsgebouwen bestormd en soms daadwerkelijk bezet. Vrijdagavond blokkeerden tweeduizend mensen het provinciegebouw in Tsjerkasi: een stad aan de westoever van de rivier Dnjepr in het hart van Oekraïne, in het centrum dat juist altijd probeert te laveren tussen het Russische Oosten en het Europese Westen. In al bijna tien van de 27 districten wordt de regering de facto niet meer erkend.

„De situatie escaleert. Een splitsing van de staat is denkbaar geworden. Ook intellectuelen zijn er steeds meer aanhangers van een verdeling van Oekraïne”, aldus Bezsmertny.

Onder dat gesternte heeft Janoekovitsj het parlement in spoedzitting bijeengeroepen. Dinsdag beslist de Verchovna Rada of en hoe de nieuwe ‘schandaalwetten’, die ruim een week geleden de stoot gaven tot de omslag van vreedzaam naar gewelddadig verzet, worden afgezwakt. Of kondigt Janoekovitsj’ parlement een staat van beleg af?

Afgelopen week heeft de ‘macht’ het niet aangedurfd de ‘noodtoestand’ en een ‘avondklok’ af te kondigen. Maar dat was voordat Janoekovitsj zijn greep op de staat ten westen van de Dnjepr verloor.