Limburgse rechters weigeren hun auto met chauffeur op te geven

De president van de rechtbank Limburg en een collega blijven, ondanks een negatief advies van de Raad voor de rechtspraak, gebruik maken van een dienstauto met chauffeur voor hun woon-werkverkeer.

De Raad concludeerde in een advies van 13 maart vorig jaar dat „niet goed [kan] worden uitgelegd” dat op kosten van de rechtbank een chauffeur tussen Gelderland en Limburg rijdt om het duo op te halen en terug te brengen.

De Raad, het overkoepelend bestuur van de rechtspraak, vindt dat er geen zodanige omstandigheden zijn waardoor het gebruik van een auto met chauffeur „kan worden gerechtvaardigd”. De Raad vindt dat president Peter Pulles en zijn collega-bestuurder Fred van Gulik zelf naar hun nieuwe functies hebben gesolliciteerd en die hebben aanvaard „wetende dat de respectieve woonplaatsen niet zijn gelegen in het werkgebied van de rechtbank Limburg en dat de reistijden, zowel per auto als per openbaar vervoer, aanzienlijk zijn.”

Hoewel het samen reizen van de bestuurders in één auto met chauffeur „een creatieve oplossing” is, zijn volgens de Raad de kosten per jaar nog steeds „aanzienlijk hoger dan bijvoorbeeld een pied-à-terre voor elk van de bestuursleden.” De Raad zegt het te betreuren dat de rechtbank pas het wettelijk verplichte advies heeft gevraagd nádat het gebruik van de dienstauto met chauffeur al was begonnen.

De rechtbank volgde het advies niet en ook een negatief advies van de ondernemingsraad leidde niet tot het terugdraaien van het besluit. De rechtbank wijkt daarmee af van richtlijnen van de Raad, die uitgaan van soberheid bij het toekennen van voorzieningen.

Volgens het derde lid van het rechtbankbestuur, plaatsvervangend-president Leo Gruiters, kost het vervoer 66.500 euro per jaar. Hij benadrukt dat zijn twee collega’s niet betrokken waren bij het besluit, en dat hijzelf heeft besloten het advies niet te volgen. Gruiters: „Men wilde goede mensen hebben en daar is iets tegenover gesteld. Voordeel is dat ze in de auto kunnen overleggen en doorwerken. Met het openbaar vervoer is het niet te bereizen. Vanuit Angerlo in Gelderland is het drie uur per trein. Een pied-à-terre, OV-kaart eerste klas en andere uitgaven hadden het maar iets goedkoper gemaakt. Ik moet wel toegeven dat ik de mogelijke imagoschade onvoldoende heb betrokken in mijn afwegingen.”

De Raad voor de rechtspraak heeft vorig jaar drie andere adviesaanvragen voor een auto met chauffeur wel positief beoordeeld. Het gaat om de presidenten van Amsterdam (verworven recht), Arnhem-Leeuwarden (grote afstand) en Gelderland (persoonlijke omstandigheden, voor één jaar).