De Mazda 3 is de zoveelste Golf

Foto Lars van den Brink

Een man wil een nieuwe auto, budget 25.000 euro. Onder geen beding wordt het zo’n pummelig cross-overding voor SBS-mensen. Hij is als degelijke Nederlander in de markt voor een compacte middenklasser, iets Golf-achtigs. Heb ik advies?

Wel een vraag. Geeft hij om auto’s? Nee? Dan is 25.000 euro weggegooid geld. Pragmatische alleenstaanden en kinderlozen stel ik voor de grens bij twaalf te trekken, voldoende voor een vorstelijke VW Up! of Hyundai i10. Gezin? Sla veertien stuk op een Dacia Logan MCV met airco, Renault-techniek in een Roemeense jas, gezegend met een ruimte waar geen kleine middenklasser aan kan tippen. Als het al nieuw moet zijn, dan zo. Wat je aan premium-allooi verliest, wordt met de besparing, ook op de afschrijving, ruimschoots gecompenseerd. Steek dat geld in een studieviool voor je zoon of een nu nog betaalbaar schilderij van de volgende Marlene Dumas. Zo maak je investeren van verkwisten. Auto’s zijn veel te duur en ze ontwaarden navenant. Maar bovenal zijn ze structureel overgekwalificeerd.

Niets ten nadele van Golfjes en soortgenoten, maar hun meerwaarde is nul voor de niet-autofiel die geen nood heeft aan een ‘lekker potje sturen’. Hij heeft geen hinder van de kennis dat de Golf strakker rijdt, stiller loopt en beter is afgewerkt dan zijn aanstaande Roemeen of Upje. Hij is de man die met een eersteklaskaartje in de tweedeklascoupé gaat zitten en niks merkt. Hij lijdt aan tevredenheid.

Wat als hij wel van auto’s houdt? Dan nog zou ik, op de controversiële Honda Civic na, niet weten welke Golf-achtige ik voor 25 mille zou moeten aanbevelen. Golf, Peugeot 308, Seat Leon, Renault Mégane en Ford Focus zijn op hoog niveau één pot nat met een overcomplete uitrusting, voorwielaandrijving en kleine, krachtige turbomotoren. De variaties in prijs, ruimteaanbod of rijdynamiek zijn te gering om het verschil te maken. Dissidenten als de Koreaanse prijspakkers en de enkele zwakke broeder in het veld zullen mettertijd naar dat gulden midden nivelleren. De Koreanen – Hyundai i30 en Kia Cee’d – zullen hun prijsvoordeel verliezen door stijgende loonkosten en onontkoombare investeringen in nieuwe benzinemotoren. De aanstaande Opel Astra zal zijn fatale overgewicht corrigeren. De volgende Toyota Auris Hybrid, door mijn druistige confrères nu als rijdend slaapmiddel bestempeld, zal sturen als een kart. Dan is de gelijkschakeling compleet. De stijlvol conformistische Mazda 3 is klaar voor de nullijn.

Zonder turbo

Maar onder de kap doet hij dwars. Tegen de downsize-mode in ligt daar een grote benzinemotor zonder turbo. Een tweeliterblok is in deze klasse vol veertien- en zestienhonderdjes iets uitzonderlijks. Vermogen (120 pk) en trekkracht (210 Newtonmeter) staan op het peil van een kleine turbo, dat valt niet tegen. De 3 erft van grotere Mazda’s het pakket van verbruiksbeperkende maatregelen die met de pronknaam SkyActiv Technology onder één noemer zijn gebracht, van gewichtsbesparing tot motorische hightech. Terecht claimt Mazda dat hij in verbruik niet voor de concurrentie onderdoet; ik rijd er 1 op 16 mee.

Mazda weet wat mannen willen. Mijn GT-M, de duurste, heeft twee uitlaatpijpen voor het stoer en echt leer voor het deftig. Op rijgedrag, zit- en bedieningscomfort is niets aan te merken. Hij stuurt ontzettend goed, snel en gemakkelijk. Maar steeds vergat ik dat ik Mazda reed. Hij is ondanks die gekke aandrijflijn als alle andere. Bijna: hij heeft een head-up display dat de mededingers missen, een systeem dat met een lens de snelheid op de voorruit projecteert, waardoor de blik op de weg gericht kan blijven. De vraag waarom je dan nog een gewone snelheidsmeter inbouwt is nog geen agendapunt. De volgende Golf heeft ook zo’n display.

Ziet niemand in hoe vreemd het is dat op de vrije markt een competitie woedt waarin je wint door gelijk te spelen? De kemphanen in de Golf-klasse ejaculeren aan de lopende band meer van hetzelfde. In de DDR was de volksauto de Trabant. Het was de staatsauto en bij gebrek aan competente tegenhangers bleef het rotzooi, maar in relatie tot de markt zag je een efficiënt gebruik van middelen. Het Golf-segment biedt tig uitwisselbare super-Trabants van een reeks huizen die hun eenheidsworst allemaal voor eigen rekening ontwikkelen. Dat kost wat hoor, en dan wil iedereen ze ook nog nieuw. Je zou er communist van worden.