Bolkestein zit fout, Westen laat zich door Israël gijzelen

Frits Bolkesteins opinie Het Westen laat zich ringeloren door Arabische propaganda tegen Israël (NRC, 18 januari) wekt verwondering. Zijn artikel bevat een reeks van pro-Israëlische clichés, propaganda uit de oude doos. De oud-VVD-leider lijkt decennialang stil gestaan te hebben in zijn kennis van het Israëlisch-Arabische conflict. Tekenend is dat hij denkt dat de Jordaanse koning Hoessein nog leeft. Die overleed in 1999.

Is Israël werkelijk zo’n florerende democratie, zoals Bolkestein stelt? Alleen voor Joden, want Palestijns-Arabische burgers, bijna een kwart van Israëls bevolking, worden op tal van manieren gediscrimineerd en benadeeld. Dat Israël eist te worden erkend als ‘Joodse staat’ bevestigt dat het geen democratische samenleving wenst te zijn, waarin Joden en Palestijnse Arabieren elkaars gelijken zijn.

Voeg daarbij dat Israël in de bezette Palestijnse gebieden een dictatoriaal bewind voert, dat miljoenen Palestijnen hun vrijheid ontneemt en ernstige schendingen van de mensenrechten en het oorlogsrecht veroorzaakt. Israël voelt zich een onderdeel van het Westen, merkt Bolkestein op. Maar het hanteert geen Westerse normen.

Bolkestein verwijst naar de Balfour Declaration uit 1917. Van het zelfbeschikkingsrecht der volkeren, gepropageerd door de toenmalige Amerikaanse president Woodrow Wilson, maakt hij geen gewag. Toen de joodse immigratie naar Historisch Palestina begon, polsten Westerse missies de mening van de inheemse Palestijns-Arabische bewoners, in die tijd de overgrote meerderheid. Steeds was hun boodschap: ‘Wij willen ons land behouden, niet door immigranten onder de voet worden gelopen’. Is er een volk dat anders gereageerd zou hebben?

In de aanloop naar en tijdens de Israëlisch-Arabische oorlog van 1948 sloegen honderdduizenden Palestijnen op de vlucht. Velen zijn via een gerichte terreurcampagne verdreven. Dat hebben Israëlische historici aangetoond. Volgens het internationaal recht mogen de vluchtelingen terugkeren. Dat wijst Israël af. Elke Jood kan zich daarentegen in Israël vestigen, ook als hij/zij geen band met Israël heeft. Het is een fundamentele ongelijkheid die Bolkestein niet lijkt te storen. Voor hem zijn Palestijnse vluchtelingen pionnen in een politiek schaakspel.

Bolkestein roept het beeld op van het kwetsbare Israël dat door zijn buurlanden wordt bedreigd. Het is eerder omgekeerd. Israël kan ongestraft bombardementen uitvoeren op Syrië en Libanon. Zijn atoomwapencapaciteit vormt juist een bedreiging voor Iran. Met twee andere buurlanden, Egypte en Jordanië, heeft Israël vredesverdragen. Militante groeperingen voeren soms beschietingen uit, maar van een strategische dreiging is geen sprake.

Anders dan Bolkestein wil doen geloven heeft de groeiende kritiek op Israël niets met demografische verhoudingen, olie- en gasbelangen, of antiamerikanisme te maken. De kritiek is de directe consequentie van de onrechtmatigheid en ernstige gevolgen van Israëls eigen beleid. Het dringt door dat Israël keer op keer de internationale gemeenschap schoffeert en provoceert, vooral met de constante bouw in nederzettingen. Israëls pr-campagnes kunnen niet meer camoufleren dat de Israëlische regering vrede blokkeert.

Een andere bewering uit de pro-Israëlische trukendoos is dat de status van de Westoever ‘betwist’ zou zijn. Daarmee onttrekt Bolkestein zich aan de internationale consensus dat de Westoever, net als Oost-Jeruzalem en de Gazastrook, ‘bezet’ is en onderdeel is van de ‘Palestijnse gebieden’. Indien Israël aanspraak kan maken op (delen van) de Westoever, dan zouden Palestijnen ook delen van Israël moeten kunnen claimen, zoals gebieden die volgens het VN-Verdelingsplan (1947) tot de Arabische staat zouden gaan behoren. Steunt Bolkestein dat? Ook hem zou moeten verontrusten dat Israël sinds 1948 nooit zijn grenzen heeft willen vastleggen. Welke staat weigert dat?

Een wel erg oude koe die Bolkestein uit de sloot haalt zijn de drie Arabische ‘Nee’s’ van Khartoem, uit 1967: geen vrede, geen onderhandelingen en geen erkenning van Israël. Is hem ontgaan dat de Arabische Liga Israël sinds 2002 herhaaldelijk erkenning, normalisering van betrekkingen en vrede heeft aangeboden, indien Israël zich uit de gebieden bezet in 1967 terugtrekt? Israël heeft dat historische aanbod compleet genegeerd. Het hecht meer waarde aan nederzettingen dan aan vrede.

Onder de Israëlische premier Olmert kwam een vredesovereenkomst dichterbij. Dat die niet tot stand kwam, is niet primair aan aarzelingen van de Palestijnse president Abbas te wijten. Het was vooral het voortijdig aftreden van Olmert wegens beschuldigingen van corruptie, dat de onderhandelingen deed stoppen voordat alle elementen van een alomvattend akkoord waren uitgewerkt. Daarna kwam Netanyahu.

Voor de oplossing van het Israëlisch-Palestijnse conflict noemt Bolkestein een aantal scenario’s, waaronder de tweestatenoplossing. Israël maakt die oplossing onmogelijk, niet de Palestijnen. Nu al wonen meer dan een half miljoen kolonisten op de Westoever. Sinds het begin van de lopende onderhandelingen heeft de Israëlische regering duizenden nieuwe huizen goedgekeurd. Toch laat Bolkestein na dit desastreuze beleid te veroordelen.

Zo glijdt de situatie steeds verder af naar een éénstaatoplossing. Als de huidige trends doorzetten, zal daarin een versterkte vorm van geïnstitutionaliseerde discriminatie gelden, waarbij Joden meer rechten hebben dan Palestijnen. In Zuid-Afrika heette dat Apartheid.

Van het rapport Tussen Woord en Daad van de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV), waaraan ik ook heb meegewerkt, maakt Bolkestein een karikatuur. De kernboodschap van dat rapport is dat de principes en standpunten die we al lang huldigen in maatregelen vertaald moeten worden. Wanneer Israël volhardt in schendingen van het internationaal recht, moet dat gevolgen hebben. Dat wil Bolkestein niet inzien. In de meer dan tweeduizend woorden die zijn betoog telt, wordt het internationaal recht één keer zijdelings genoemd.

Het Westen heeft zich juist te lang laten ringeloren door Israëlische propaganda. Dat is nu aan het veranderen. Israël heeft daar grote moeite mee. Frits Bolkestein evenzeer.