Wreedheden verdringen vrede verder uit beeld

Foto uit het deze week gepubliceerde rapport over martelingen in Syrië. Foto Reuters

Ineens gaat het toch weer over wreedheden in plaats van vrede. De vredesconferentie over Syrië, die gisteren begon in het Zwitserse Montreux, wordt overschaduwd door de publicatie van een rapport. Daarin staan foto’s van zo’n 11.000 schijnbaar gemartelde en geëxecuteerde gevangenen in Syrië. Internationaal is met afschuw gereageerd op het rapport. Als de authenticiteit van de foto’s wordt bevestigd, vormen ze bewijs van systematische misdaden tegen de mensheid door het regime.

Het rapport verschijnt op het moment dat het regime weer enige internationale legitimiteit leek te krijgen door het vredesberaad. De foto’s vestigen de aandacht op vermeende gruweldaden, waardoor president Assad in de ogen van het Westen elk recht om te regeren is kwijtgeraakt.

Het maakt van de conferentie een verbale loopgravenstrijd. „We moeten echt de realiteit onder ogen zien”, zei de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry gisteren bij de opening. „Er is geen sprake van – het is onvoorstelbaar zelfs – dat de man die de brute reactie op zijn bevolking leidt, zijn legitimiteit om te regeren kan behouden.”

In een felle reactie zei de Syrische minister van Buitenlandse Zaken Wallid al-Moallem dat terroristen en buitenlandse mogendheden zijn land aan stukken hebben gescheurd. Hij weigerde het spreekgestoelte te verlaten, ondanks verzoeken van VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon. „U woont in New York. Ik in Syrië”, beet Moallem hem toe. „Ik heb het recht om de Syrische versie te geven in dit forum.”

Internationaal Strafhof

De foto’s wakkeren de discussie aan over de vraag waarom president Assad en leden van zijn regime nog niet ter verantwoording zijn geroepen. Volgens minister Frans Timmermans (Buitenlandse Zaken, PvdA) bevestigen de foto’s nog eens dat president Assad een oorlogsmisdadiger is die voor het Internationaal Strafhof moet verschijnen.

Maar Syrië is geen partij bij het Strafhof, waardoor alleen de VN-Veiligheidsraad ervoor kan zorgen dat het hof een onderzoek begint naar misdaden in het land. Rusland en China beschermen het Syrische regime echter consequent tegen iedere vorm van actie door de VN, of het nu gaat om een expliciete veroordeling van geweld tegen burgers, het instellen van een wapenembargo, of verwijzing naar het Strafhof.

Volgens Human Rights Watch (HRW) zijn ook de Verenigde Staten tegen een proces voor het in Den Haag gevestigde hof. Daar hebben de VS hun ‘eigen redenen voor’, schreef de mensenrechtenorganisatie in zijn World Report 2014 dat dinsdag in Berlijn werd gepresenteerd. Tot die redenen behoren zorgen dat een proces juridische implicaties kan hebben voor hun bondgenoot Israël.

„Tot dusverre is de enige reactie van Kerry op de misdaden: ‘We proberen vrede te bewerkstelligen, als er vrede is zullen de misdaden stoppen’”, zei Kenneth Roth, de directeur van HRW, in Berlijn. „Maar we kunnen niet wachten op een vredesakkoord voordat er een einde komt aan het vermoorden van 5.000 burgers per maand. Zo'n akkoord is nog een ver vooruitzicht.”

Op de 55.000 digitale foto’s, die Syrië uit zijn gesmokkeld door een vermeende overgelopen fotograaf van de militaire politie (hij wordt aangeduid met de codenaam ‘Caesar’), zijn lichamen te zien met tekenen van marteling. Het rapport is opgesteld door drie vooraanstaande mensenrechtenadvocaten, die zijn ingehuurd door Qatar, dat de rebellen steunt. Om die reden heeft het Syrische regime de authenticiteit van het rapport in twijfel getrokken. „Als Qatar het heeft gefinancierd dan is het totaal niet geloofwaardig, want Qatar is één van de staten die terrorisme financieren en moordenaars naar Syrië sturen.”

Eilandenrijk van foltercentra

Maar de Britse mensenrechtenadvocaat Geoffrey Nice, een van de opstellers van het rapport, zegt grondig, integer en onafhankelijk te hebben gewerkt. „Advocaten hebben de getuige uitgebreid ondervraagd. De foto’s zijn door een forensisch patholoog en een professor in de forensische antropologie onderzocht op manipulatie.”

Daarbij sluit het rapport aan op eerdere bewijzen van martelingen en executies in gevangenissen. HRW publiceerde in 2012 een rapport over een ‘eilandenrijk van foltercentra’ verspreid over het land. Op basis van ruim 200 vraaggesprekken met vrijgelaten gedetineerden en met deserteurs uit het leger en de inlichtingendiensten lokaliseerde HRW 27 gevangenissen, waar gedetineerden met kabels of stokken werden geslagen, elektrische schokken kregen en seksueel werden misbruikt. Die gevangenissen worden geleid door geheime eenheden van de militaire politie en inlichtingendiensten, die waarschijnlijk meerdere fotografen zoals Caesar in dienst hebben.

Dit kan erop duiden dat er in Syrië veel meer gevangenen zijn vermoord dan de 11.000 die Caesar heeft gedocumenteerd. Syrische activisten schatten dat ongeveer 50.000 gedetineerden zijn vermist.