Verbale loopgravenstrijd over Syrië

Haitham al-Maleh, vooraanstaand lid van de Syrische Nationale Coalitie, in de verlaten banken van de oppositie gisteren op de eerste dag van de Syrische vredesconferentie in het Zwitserse Montreux. Foto AP

„Genoeg is genoeg. De tijd is gekomen om te onderhandelen”, zei VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon gisteravond na een lange dag van bittere verwijten. De opening van de vredesconferentie in het Zwitserse Montreux liep uit op een verbale loopgravenstrijd; beide kampen hebben zich ingegraven in hun eigen gelijk.

Vertegenwoordigers van het Syrische regime en de politieke oppositie bevonden zich gisteren wel in dezelfde vergaderzaal, maar van onderhandelen was geen sprake. Tussen de boze toespraken door probeerden Ban en andere prominente diplomaten de partijen eraan te herinneren dat het doel van de conferentie is om te zoeken naar een oplossing voor het conflict.

De woordenstrijd spitste zich toe op de toekomst van president Bashar al-Assad. „We moeten echt de realiteit onder ogen zien”, zei de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry bij de opening. „Er is geen sprake van – het is onvoorstelbaar zelfs – dat de man die de brute repressie op zijn bevolking leidt, zijn legitimiteit om te regeren kan behouden.”

In een felle reactie zei de Syrische minister van Buitenlandse Zaken Wallid al-Moallem dat terroristen en buitenlandse mogendheden zijn land aan stukken hebben gescheurd. Hij weigerde het spreekgestoelte te verlaten, ondanks herhaaldelijke verzoeken van Ban Ki-moon. „U woont in New York. Ik in Syrië”, beet Moallem hem toe. „Ik heb het recht om de Syrische versie te geven in dit forum.”

Ook de diepe verdeeldheid tussen de VS en Rusland werd nog eens duidelijk. De Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergei Lavrov riep de oppositie en haar westerse bondgenoten op zich niet te concentreren op de positie van Assad, aangezien hij toch niet zal opstappen.

Hoeveel vijandigheid het drie jaar durende conflict heeft ontketend bleek ook uit de manier waarop de Syrische staatstelevisie verslag deed van de conferentie. De toespraak van Ahmad al-Jarba van de Syrische Nationale Coalitie werd uitgezonden met splitscreen: aan de ene kant de oppositieleider met als kop ‘Montreux, Zwitserland’, daarnaast beelden van de oorlog met als kop ‘Terreurdaden in Syrië’.

De burgeroorlog in Syrië gaat gewoon door, ondanks de vredespoging in Zwitserland. Gisteren werd gevochten tussen het regeringsleger en rebellengroepen in de buitenwijken van Damascus, in de provincie Deraa in het zuiden, in de steden Idlib en Aleppo in het noorden en in de centraal gelegen provincie Homs, zo maakte het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten in Londen bekend.

Het diplomatieke circus verhuist nu naar Genève, waar de onderhandelingen morgen verder zullen gaan. Maar de sfeer is grimmig. Speciaal VN-gezant voor Syrië Lakhdar Brahimi, die de gesprekken leidt, weet niet zeker of hij de twee kampen wel in dezelfde kamer krijgt, zoals gepland is. „Het echte harde werk begint vrijdag”, zei Ban Ki-moon. „We hadden geen doorbraken verwacht. Niemand heeft onderschat hoe moeilijk het zou worden.”

Diplomaten klampen zich vast aan de kleinste lichtpuntjes. Vooralsnog is geen van de deelnemers weggelopen. Brahimi zei gisteren: „We hebben een paar vrij duidelijke aanwijzingen gekregen dat de partijen bereid zijn om te praten over de toegang van humanitaire hulp, de vrijlating van gevangenen en lokale wapenstilstanden.”