Hand in hand tussen het Ajax-publiek

Politieagenten gisteravond voor de bekerwedstrijd Ajax-Feyenoord. FOTO OLIVIER MIDDENDORP

Ondanks het verbod op uitsupporters bij de wedstrijden tussen Ajax en Feyenoord, bezochten gisteravond rond de 400 Feyenoord-aanhangers de Klassieker. Dat schatten de supportersverenigingen van de clubs. Daar zat minstens één supporter bij met een stadionverbod. In het programma NOS op 3 werd in beeld gebracht hoe eenvoudig hij het stadion binnenkwam. Ajax won de kwartfinale van het bekertoernooi met 3-1.

Het verbod op uitsupporters geldt sinds 2009. Toch slagen Feyenoorders er al jaren in de Amsterdam Arena binnen te komen. De afgelopen dagen verschenen op internet geruchten dat de wedstrijd massaal door Feyenoord-aanhangers zou worden bezocht – de schattingen liepen op tot 1.500 man. Op Twitter toonden Feyenoorders trots hun kaarten. Ajacieden reageerden: leden van de harde kern zouden bij de ingangen van het stadion controleren of er geen ‘kakkerlakken’ naar binnen zouden glippen.

De supportersvereniging van Feyenoord riep supporters op niet te gaan, uit vrees voor geweld. De Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb sloot zich daarbij aan. „Als je op een verkeerd moment applaudisseert, kan daar gedonder van komen”, sprak hij.

Het geeft een kick om er te zijn

Feyenoord-supporter R. trok zich daar niets van aan. Hij wil (net als andere supporters die deze krant sprak) niet met zijn naam in de krant, omdat wat hij doet niet mag volgens de regels van de KNVB. Hij bezoekt iedere wedstrijd van zijn club, als het niet anders kan zit hij in een vak van de thuisspelende ploeg. Als hij daar zit, mag hij niet laten merken dat hij voor Feyenoord is – niet juichen bij een doelpunt, niet klappen, niet zingen.

Waarom gaat hij, zelfs als het op een gewelddadige confrontatie uit kan lopen? „Ik wil mijn club steunen, ook al kan ik dat daar niet openlijk doen”, zegt hij. Een andere supporter: „Het geeft wel een kick om daar te zijn. Als ik dan foto’s online zet van bijvoorbeeld de Arena, dan maakt dat veel supporters trots. We zijn er tóch.”

R. miste alleen de eerste Ajax-Feyenoord die werd verboden voor uitsupporters. „We weten hoe we ons moeten gedragen op andermans grondgebied. We zorgen dat we niet opvallen. We gaan casual gekleed, we staan op bij een doelpunt van de tegenstander. Omdat de harde kern van Ajax ons zegt op te wachten, komen we in groepjes van twee of drie man het stadion binnen, dan is de kans dat we herkend worden kleiner.”

Hoeveel kaarten hij kocht wil hij niet zeggen, maar er was niet moeilijk aan te komen. Ook de verslaggever krijgt desgevraagd een e-ticket. Een kaartje voor het vak 415, voor 25 euro. De oorspronkelijke prijs: 20,45. „Om die kaarten te kopen moet je een clubcard van Ajax hebben. Die kan ik niet kopen, want ik heb een seizoenskaart voor Feyenoord. Maar je oma kan zo’n Ajax-clubcard wel aanvragen. En ik heb kennissen die één keer per jaar naar Ajax gaan, die willen best wel hun kaart uitlenen.”

Ajax meldde dinsdag een onbekend aantal ‘verdachte kaarten’ te hebben geblokkeerd.

De politie zit in alle vakken

R. voelt iets meer spanning dan normaal, zegt hij vier uur voor aanvang van de wedstrijd, als op de Dam in Amsterdam al vier ME-busjes paraat staan. Hij weet dan nog niet of zijn kaart geblokkeerd is. „Als het waar is dat er leden van de harde kern van Ajax door het stadion verspreid zitten, kunnen er gewonden vallen. De politie zit ook in alle vakken, maar is er nooit snel genoeg bij als er iets onverwachts gebeurt.”

Er zijn ook mensen die wel naar de supportersvereniging hebben geluisterd. M. blijft tóch thuis. Op dringend verzoek van zijn vrouw en drie kinderen. Iemand anders ziet ervan af wegens familieomstandigheden. Ook hij was er de laatste edities van de Klassieker in de Arena steeds bij. „Dat is geen pretje. Je moet de hele tijd op je hoede zijn. En als Feyenoord dan scoort, weet je dat Rotterdam ontploft van vreugde, maar jij kunt geen kant op.”

Hij denkt dat de strijd tussen de supporterskampen op internet wat is opgeblazen. „Het is heel veel bluf over en weer.” R. beaamt dat. Die foto van die kaarten, dat was allemaal photoshopwerk. „Gewoon om de boel een beetje op te naaien”, lacht R.

Oppassen voor Feyenoord-spotters

Eén ding wil R. benadrukken: zijn vrienden met wie hij dit doet komen niet om te vechten. „Maar ze laten zich ook de wet niet voorschrijven.” Al laten ze iedere keer subtiel merken dat ze er zijn. In de vorige ontmoeting met Ajax, in augustus, ontplofte een groene rookbom. Een verwijzing naar de groen-witte vlag van Rotterdam.

Het is woensdagavond, 20.30 uur. De supporter staat bij de ingang van de Arena. Hij heeft zijn telefoon in de aanslag, voor het geval er werkelijk Feyenoord-spotters op wacht staan, dan kan hij zijn vrienden inlichten.

Maar hij kan rustig doorlopen. Niemand die hem herkent.