‘Gesubsidieerde kunst is bron van inspiratie’

Wat spelen ze in Petersburg? Nieuwe Nederlandse muziek

Hans Waege, directeur van het Rotterdam Philharmonisch, zei donderdag 9 januari in NRC bezorgd te zijn over de ontwikkeling van de hedendaagse kunstproductie en dat dat bij hedendaagse muziek wel het meest problematisch is. Ik ben het met hem eens, maar wil hem erop attenderen dat het niet alleen aan de componisten ligt. Waege zegt: „Nieuwe muziek zou voelbaar en vakkundig de emoties van mensen moeten beroeren.” Echter zulk soort genietbare hedendaagse muziek wordt stelselmatig van de Nederlandse podia geweerd.

Ik ben zelf componist en nodig u uit een voorbeeld van mijn hand te beluisteren: de ouverture van mijn opera Ulrike Meinhof (3 minuten). Dit kan via website www.annabackerra.com, klik op ‘Meer over...’ en dan op de link in de tekst ‘Beluister hier de ouverture...’ Dit lijkt me het soort nieuwe muziek die u zou willen horen, maar die in Nederland nergens kan worden gespeeld. Waarom niet? Omdat het niet op de muziek van Louis Andriessen lijkt, geen improvisaties en geen elektronisch geluid bevat en niet voor een afwijkende ensemblevorm is geschreven. Dat wordt in ons land niet getolereerd; componisten als ik worden zelfs uit de club van componisten geweerd, want mijn werk zou niet vernieuwend zijn en daarmee is het in feite ‘verboden muziek’. Maar als u goed luistert, hoort u een nieuwe harmonische behandeling die een enorme verruiming van de emotionele zeggingskracht met zich meebrengt. Dat ik op die wijze een hele opera heb kunnen schrijven voor orkest, koor en solisten is revolutionair, maar dat wordt hier niet herkend omdat de expertise ontbreekt.

Gelukkig worden ‘afwijkende’ componisten als ik in Nederland niet doodgeschoten, zoals vroeger in de Sovjet Unie, alleen doodgezwegen, en de wereld is groter. Op 29 januari wordt in Sint Petersburg in de kleine zaal van de Filharmonie een deel van deze opera in concertante vorm uitgevoerd, samen met de première van mijn suite voor orkest A magic violin in Holland. Verder staan op het programma Boris Tishenko en Tsjaikovski. Ik word daar als de belangrijkste nieuwe componist van Nederland beschouwd.

Anna Backerra, componist, per e-mail

Wat dansen ze in Petersburg? Nieuwe Nederlandse dans

Topballet kun je ook uit Petersburg laten invliegen, stond op 7 december in NRC als kop boven een opiniestuk van Melle Daamen, directeur van de Amsterdamse Stadsschouwburg. Met domme opmerkingen en geraaskal (waarin de Nederlandse balletwereld wordt beledigd en met name Het Nationale Ballet) heeft het bestuurslid van de Raad voor Cultuur (hoe komt zo’n man in dat bestuur?) een opening willen ontlokken voor een zogenaamd kunstdebat. Wat beweerde het bestuurslid van de Raad voor de Cultuur in NRC? We laten hem nog even aan het woord: „Men kan zich afvragen of die eigenstandige ballettraditie per se in Nederland verankerd moet zijn, kan de ballettraditie, in ambachtelijke en museale zin, niet beter in bijvoorbeeld Parijs en Petersburg verankerd zijn?”

Enfin, we moeten het maar snel vergeten, want het zou achteraf toch prachtig zijn als Melle binnenkort het beroemde Mariinsky Ballet uit Sint Petersburg laat invliegen (uiteraard op kosten van de gemeenschap) en het gezelschap in zijn eigen theater laat optreden. Dan gaan hopelijk (en eindelijk) zijn ogen open en kan hij repertoire zien van wereldniveau dat al jaren op het programma staat van onder meer Het Nationale Ballet en het NDT. Er worden balletten uitgevoerd van de briljante Nederlandse choreograaf Hans van Manen, mogelijk heeft hij daar wel eens van gehoord. Het is een echte Amsterdammer die jaren in de straat heeft gewoond waar nu de artiesteningang is van de Stadsschouwburg.

Tonny Eyk, Badhoevedorp

Hoezo te veel kunst in Nederland?

Als er al sprake is van overproductie in de kunsten [zoals Melle Daamen 7 december in NRC beweert] dan wordt die niet veroorzaakt door het gesubsidieerde deel van de cultuur, maar door de commerciële cultuur die inspiratie opdoet in Melle Daamens Stadsschouwburgzaal, van [de gesubsidieerde kunstenaars] die daar werken en leven.[...]

Uit pamflet van Marc-Jan Trapman, toneelschrijver, uitgedeeld op cultuurdebat in Amsterdam 22 dec 2013.