Geen kiosken, geen zondagskranten

Bijna duizend zondagskranten telt de VS. Ruim 270 dagbladen in Duitsland hebben een zondagseditie. En Nederland? Nul. Eind 2009 verscheen de laatste editie van De Telegraaf op Zondag. „We hebben er alles aan gedaan om van Zondag een succes te maken, maar dat is ons helaas niet gelukt”, stelde uitgever Frank Volmer destijds. Een jaar eerder was Twentsche Courant Tubantia al gestopt op zondag.

Maar nul wordt binnenkort weer één. Vier jaar en vier maanden na het einde van De Telegraaf op Zondag keert de zondagskrant terug. De Telegraaf herintroduceert op 27 april de vernieuwde editie van de zondagskrant. Maar niet langer op papier. „De kosten van druk en distributie waren destijds veel te hoog”, stelt Volmer nu in zijn krant. De nieuwe Telegraaf op Zondag verschijnt louter in digitale vorm – voor iPad en andere tablets.

Waarom komt De Telegraaf opnieuw met een zondagskrant? En waarom is een betaald dagblad op zondag in Nederland nooit een succes geworden? In de VS, Groot-Brittannië en Duitsland is zondag de belangrijkste krantendag van de week.

Toenmalig Wegener-topman Jan Houwert wist het zeker, begin 2004. „Zondagskranten in Nederland zijn over twee jaar een normaal verschijnsel.” Maar Houwert en andere uitgevers hadden zich verkeken op de productiekosten en de advertentiemarkt. „De kosten voor bezorgen en drukken op zondag waren enorm, terwijl de toestroom van abonnementen en advertenties tegenviel”, stelde de directeur van TC Tubantia. Zowel De Telegraaf als TC Tubantia probeerde te overleven op het moment dat de crisis en de dip op de advertentiemarkt in volle hevigheid losbarstten.

Voor de Tweede Wereldoorlog kende Nederland veel zondagsedities. Sterker, sommige dagbladen kwamen destijds uit met ochtend- en avondedities. Dat waren twaalf of dertien edities per week. In en na de oorlog zorgde papierschaarste dat de kranten moesten inkrimpen. Door de verzuiling werd zondagsrust bovendien belangrijker. Drukken op zaterdagavond was altijd al duur; zeker toen er nog tientallen grafici nodig waren om een krant te produceren. Drukkers krijgen extra salaris voor werk ’s avonds of in het weekend.

De Nederlandse uitgevers kozen daarom voor zaterdag als dikste krant van de week. Hun collega’s in het buitenland legden de nadruk op zondag. The New York Times en Bild Zeitung op zaterdag zijn flinterdun vergeleken met de pakken papier op zondag.

Bijna overal in de wereld moet de zondagkrant het hebben van de losse verkoop. De krantenjongen en de postbode hebben ’s zondags ook vrij. In Vlaanderen ligt De Zondag bij de bakker. Een vers broodje met een vers krantje. De Zondag (Roularta) is gratis. De betaalde zondagkrant van Het Nieuwsblad kon daar niet tegenop. Anders dan de VS, Duitsland en Groot-Brittannië is Nederland geen kioskenland. De dagbladen worden maar voor een klein deel verspreid in de losse verkoop. Veruit het grootste gedeelte wordt thuisbezorgd bij abonnees.

De nieuwe Telegraaf op Zondag heeft daar allemaal geen last van. De productie verloopt volledig geautomatiseerd; het downloaden van een nieuwe editie vervangt de krantenjongen. Het belang van de tabletversie is groter dan de zondag. Groter dan het verlangen de lezers ook op de zevende dag nieuws, sport en entertainment te kunnen brengen.

De Telegraaf op Zondag moet nieuwe lezers die bijvoorbeeld een zevendaags actieabonnement nemen tijdens het WK voetbal, verleiden een langer digitaal abonnement te nemen. Juist digitale abonnees houden de oplagecijfers op peil, blijkt uit cijfers van de kwaliteitskranten. De zondagse Telegraaf moet helpen die digitale achterstand in te halen.