De Boer overklast Koeman tactisch

Aanvaller Bojan Krkic van Ajax loopt weg na zijn doelpunt (de 2-1) in de bekerwedstrijd tegen Feyenoord. In blessuretijd maakte Thulani Serero nog de 3-1. Foto ANP

Zijn opmerking dat Ajax niet over een ‘plan B’ beschikt, zal Ronald Koeman de rest van zijn trainerschap bij Feyenoord nog wel worden nagedragen. Zeker nu de derde nederlaag tegen de aartsrivaal, in een jaar en drie dagen tijd, een feit is. In de kwartfinale van het bekertoernooi was Ajax gisteravond met 3-1 te sterk.

Koeman had wel een punt toen hij het zich februari vorig jaar liet ontvallen. Ajax had dat weekend in een wedstrijd tegen Roda JC maar weer eens een ontzagwekkend balbezitpercentage bij elkaar gevoetbald, maar kwam niet verder kwam dan een gelijkspel. Koeman bedoelde te zeggen: wat kan Ajax als het niet gaat zoals het moet?

De Boer heeft inderdaad geen allesomvattend ‘Masterplan Bèta’ voor de moeilijke momenten. Maar hij geeft dit seizoen wel blijk van een opvallend aanpassingsvermogen. Noem het: verschillende plannetjes B.

Bezinning

In de Arena, waar het ondanks de aanwezigheid van naar verluidt honderden Feyenoord-fans rustig bleef, had de vroege 1-0 van Feyenoord gisteravond een verlammend effect op Ajax moeten hebben. Maar tussen de onzuivere passes van de thuisclub door, behielden De Boer en zijn ploeg kalmte. Tactische bezinning was het gevolg.

Terwijl een kluwen spelers zich halverwege de eerste helft bemoeide met een overtreding, riep De Boer gelegenheidsaanvoerder Daley Blind naar de kant. Dat ging over hoe Ajax slimmer in de opbouw moest zijn, lichtte Blind na het bekerduel toe. Centrale verdedigers Joël Veltman en met name Stefano Denswil kregen veel vrijheid van Feyenoord, maar de goedbedoelde diagonale passes in de richting van de flanken zagen er het eerste half uur niet uit.

Lerin Duarte en Davy Klaassen, cruciale schakels in de distributieketen van Ajax, deden ogenschijnlijk niet mee. Centrale middenvelder Blind: „Ons middenveld stond nogal vast, ik kwam zelf ook amper de bal.”

Toen dus het onderonsje aan de zijlijn met zijn coach. „Dat ging met name over hoe we beter vrij konden lopen op het middenveld, omdat zij zo compact speelden. Dat is later in de rust nog een keer aangekaart. En je zag in de tweede helft steeds meer dat Duarte de vrije man werd”, aldus Blind.

Jordy Clasie, de kleine controleur van Feyenoord, raakte in de problemen. Blind: „Clasie kon het niet meer belopen. Steeds als Duarte naar de buitenkant trok, maakte hij ruimte voor zichzelf, waardoor Clasie moest kiezen. Zo kwamen we aan die linkerkant door. We maakten de ruimtes groter, waardoor hun middenveld uit elkaar getrokken werd.”

Tot zover het tactische verhaal. Even belangrijk was de technische uitvoering van Blinds assist bij Viktor Fischers gelijkmaker. En bij de 2-1 na rust was het Blind zelf die verwarring zaaide en op links doorbrak. Uit zijn voorzet kopte Lasse Schöne op Feyenoord-doelman Erwin Mulder, waarna Bojan Krkic de rebound voor het inknikken had. Clasie bleef roepend achter. Wedstrijd over, dat voorvoel je tegenwoordig in de Arena.

Blind is zelf misschien nog wel het beste voorbeeld van de creativiteit van De Boer. Als centrale middenvelder, met als doorbraak de gewonnen wedstrijd tegen FC Barcelona, kan hij bijna wekelijks tot man van de wedstrijd uitgeroepen worden. Ooit was hij een linksback die met zichzelf en het publiek in de clinch lag.

Elke aanpassing die een trainer doet, kan ook gezien worden als een aanvankelijke inschattingsfout. Zo bezien valt De Boer wel wat aan te rekenen, aangezien hij zijn ideale middenveld pas half november bedacht. Twee spelers, Klaassen en de gisteren als invaller scorende Thulani Serero, begonnen het seizoen bij Jong Ajax. „Dan heb ik het nu dus goed gezien”, zei De Boer toen hem deze poging tot kritiek onlangs werd voorgelegd.

Off-day

De voorhoede van Feyenoord bestaat uit de beste spits van Nederland en twee buitenspelers van het type waarnaar De Boer al jaren op zoek is: dribbelen, mannetje voorbij, voorzet. Als alles bij Feyenoord loopt zoals het moet, zoals zondag tegen FC Utrecht, vormen Pellè, Jean-Paul Boëtius en Ruben Schaken misschien wel de beste aanval van het land.

Maar wat als Pèlle, in het geval van een off-day van Lex Immers, noodgedwongen moet spelen als veredelde middenvelder om het spel van Feyenoord te verdelen? Hij kan dat nog uitstekend ook. Maar met hem uit de punt van de aanval miste Feyenoord stootkracht. Zo kwam Schaken niet verder dan een slap rollertje nadat hij door een mooie voetbeweging van Pellè de diepte in was gestuurd.

Koeman bracht de Zweedse aanvaller Samuel Armenteros voor Boëtius, die dit seizoen slechts in drie van zijn 21 wedstrijden elke minuut mocht meedoen. De negentienjarige linksbuiten mist nog de inhoud om zijn brille negentig minuten lang tentoon te spreiden. Maar Armenteros, die bij Heracles opviel als een flegmatieke balkunstenaar, deed niets goed. Op rechts is de situatie niet veel beter, met Wesley Verhoek als stand-in voor Schaken.

Anders dan De Boer heeft Koeman niet de middelen, of misschien ook niet het tactische vermogen, om zijn ploeg na een tegenslag op te richten. In bijna de helft van de wedstrijden die Feyenoord dit seizoen speelde – twaalf van de 25 – kwam de ploeg op achterstand. Slechts twee keer, thuis tegen PSV en afgelopen weekend bij FC Utrecht, wist het elftal van Koeman de wedstrijd vervolgens alsnog te winnen.

Ajax deed dit kunstje, winnen bij achterstand, nu al drie keer achtereen. Natuurlijk: het inbrengen van Jaïro Riedewald tegen Roda JC in de laatste wedstrijd voor de winterstop had gevolgen die niemand ooit kon voorzien – de debutant maakte twee doelpunten in tien minuten. Maar ook toen had de sterke, zeventienjarige linksback de opdacht gekregen om voor het doel van Roda op te duiken. Ontsproten aan het brein van De Boer, die Koeman gisteravond maar weer eens tactisch uitmanoeuvreerde.