Koningin Wilhelmina ging in 1928 ook niet

Nederland is nog niet uitgepraat over „de loodzware delegatie” die het kabinet naar de Winterspelen in en bij het Russische Sotsji stuurt, zoals een D66-Kamerlid het noemde. Loodzwaar, dat zijn: het koninklijk echtpaar, premier Rutte en minister Schippers van Sport. Europees Commissaris Neelie Kroes, voormalig VVD-minister, zei dat het met die Nederlandse afvaardiging „wel een onsje minder had gekund”, en ook zij bedoelde daar dus niet mee dat er wel een pondje af mag bij de koning.

Het roept de vraag op wanneer een delegatie licht genoeg is om er zo van te getuigen dat Nederland het echt wel erg vindt, dat anti-homobeleid van Rusland. Had Mark Rutte alleen met Máxima moeten gaan? Of Willem-Alexander met Edith Schippers? Zou Poetin dan schrikken? Of gebeurt dat pas als de de koning had gezegd: ik ga niet naar de openingsceremonie, maar bezoek een paar wedstrijden. Diplomatiek verkeer – het is een ragfijn spel met ingewikkelde regels.

Niet iedereen beheerst dat.

Het is waar dat er nog nooit een Nederlands staatshoofd naar de opening van de Olympische Spelen is geweest. Maar er was óók nog nooit eerder een Nederlands staatshoofd erelid van het IOC, zoals Willem-Alexander nu.

Hij had in de voetsporen kunnen treden van zijn overgrootmoeder.

Koningin Wilhelmina ontbrak in 1928 bij de opening van de Spelen die nota bene in Amsterdam werden gehouden. Wilhelmina was gekwetst omdat het IOC in 1927 niet had geïnformeerd of de voorgenomen openingsdatum, 28 juli, haar wel uitkwam. Weliswaar kón ze die dag wel, maar, hoewel ze beschermvrouwe was van de Spelen in Amsterdam, besloot ze, beledigd en al, juist in juli op vakantie te gaan. Zo werd de opening een klus voor prins Hendrik.

Willem-Alexander was eerder beschermheer van het NOC*NSF – je vraagt je weleens af tegen wie of wat zo’n heer (of vrouwe) bescherming biedt. Toen hij in 1998 lid werd van het IOC was het met het beschermen gedaan wegens onverenigbaarheid van functies. En onverenigbaar was het IOC-lidmaatschap eigenlijk ook met de rol van kroonprins, wiens daden en woorden onder de ministeriële verantwoordelijkheid vielen. Premier Wim Kok en de staatssecretaris van Sport Erica Terpstra moesten een list bedenken toen bleek dat Willem-Alexander door IOC-president Antonio Samaranch was benaderd voor het lidmaatschap. Verrassend was het ja-woord van de kroonprins wel, omdat hij in 1994 nog had laten weten geen IOC-functie te ambiëren. En omstreden was zijn nominatie ook. Bij GroenLinks klonk gemor over Samaranch, ooit een dienaar van de Spaanse dictator Franco, die op dat verleden nog trots was ook. En bij de SGP, een partij die vanouds niets van die goddeloze Spelen wilde weten, vonden ze het ook niets.

Het kabinet sprak af dat de kroonprins de minister van Buitenlandse Zaken zou raadplegen als er bij het IOC heikele politieke kwesties speelden. Dat was in strijd met de reglementen van het IOC, die bepalen dat de leden zonder last of ruggespraak besluiten. Maar Samaranch pikte het.

En zo werd Willem-Alexander een gewaardeerd IOC-lid, dat in 2007 mee stemde over de toewijzing van de Spelen aan Sotsji. Hij nam zelfs plaats in de coördinatiecommissie voor deze Spelen. Over de aanvangsdatum heeft hij vermoedelijk ook met zichzelf overlegd. Dus dat voorbeeld van moeders oma kan hij niet eens volgen.