Geheugen

Op de nieuwjaarsbijeenkomst voor senioren van het bedrijf waar ik vroeger werkte, ontmoet ik veel oude bekenden. Zij spreken mij aan met ‘meneer Diemel’ of ‘Hans’ al naar gelang de vroegere relatie in de organisatie. Ik begroet ook een bekend gezicht waarvan de bijbehorende naam mij niet te binnen wil schieten. Het is een opmerkzame

Op de nieuwjaarsbijeenkomst voor senioren van het bedrijf waar ik vroeger werkte, ontmoet ik veel oude bekenden. Zij spreken mij aan met ‘meneer Diemel’ of ‘Hans’ al naar gelang de vroegere relatie in de organisatie.

Ik begroet ook een bekend gezicht waarvan de bijbehorende naam mij niet te binnen wil schieten. Het is een opmerkzame man, want hij zegt: „Ik zie dat u zich mijn naam niet herinnert.”

Ik mompel iets over de werking van het geheugen op hogere leeftijd. Daarop zegt hij enigszins triomfantelijk: „Maar ik weet uw naam gelukkig nog heel goed, meneer Van de Bosch!” Het wordt weer een prima jaar.

Hans Diemel