Een veilige enclave

Stel, je woont in New Delhi, India. Je bent eind twintig, hebt een goede baan, een mooi huis en een clubje trouwe vrienden. Eindhoven? Nog nooit van gehoord. Totdat je als kenniswerker wordt uitgezonden naar de High Tech Campus, het technologiecentrum in het zuiden van de stad. Vol goede moed begin je aan het avontuur. Maar er worden nauwelijks Engelstalige activiteiten georganiseerd en je collega’s haasten zich elke dag om vijf uur naar huis, om pas de volgende ochtend weer naar buiten te komen. Hier een sociaal leven opbouwen lijkt onmogelijk.

Tot een paar jaar geleden was het dat ook, ervoer Joost van Dijck (49). Toen hij een appartement verhuurde aan een Australiër, ontdekte hij hoe lastig het was voor buitenlanders in zijn stad. Niet alleen het gebrek aan Engelstalige activiteiten, maar ook de ontoegankelijkheid van de locals deed hem verbazen. „Ik schrok toen ik zag hoe wij met internationals omgaan. Nederlanders denken misschien een open volk te zijn, maar dat valt in de praktijk vies tegen. Het is erg moeilijk om met ze in contact te komen.”

Een enquête van website Expat Explorer uit 2011 onderstreept Van Dijcks woorden: van de 25 deelnemende landen werd Nederland als expatonvriendelijkste land aangewezen. Gekeken werd onder andere naar de mogelijkheid een vriendschap op te bouwen met de lokale bevolking, het leren van de taal en het integreren in de samenleving in het algemeen.

Toen Van Dijck in 2008 stopte met zijn bedrijf, ging hij nadenken over hoe hij iets kon betekenen voor internationals in zijn stad. Samen met Lin Pender, de vrouw van een Schotse expat, richtte hij in 2011 The Hub op, een sociale netwerkclub voor internationale werknemers en studenten in Eindhoven. De stichting draait nu bijna twee jaar en de vele drukbezochte activiteiten bewijzen de behoefte aan zo’n club: quizzen, borrels, Nederlandse lessen, Bollywood-dansen, yogacursussen en gewoon gezellig samenzijn in het clubhuis.

De Engelsman Fraser Barret (30) is vanavond met zo’n honderd anderen in het café te vinden voor de wekelijkse pubquiz. Drie jaar geleden verhuisde hij van Londen naar Eindhoven om bij DAF als ingenieur aan de slag te gaan. The Hub kwam voor hem als geroepen. „Nederlanders zijn aan de oppervlakte heel open en sociaal, maar een echte vriendschap opbouwen is moeilijk.” Een groot verschil met bijvoorbeeld de Engelse cultuur, merkt Fraser op. „Mijn beste vriend in Engeland komt uit India en onze vriendenclub bestaat verder uit een Chinees, een Australiër en een Mexicaan.”

Een hoog nerdgehalte

Van de andere expats die Fraser bij The Hub ontmoette, heeft slechts een enkeling Nederlandse vrienden gemaakt. En heb je eenmaal zo’n zeldzaam exemplaar te pakken, dan kun je er maar beter zorgvuldig mee omgaan, weet hij. „Als iemand heeft afgesproken met een Nederlander, durft-ie z’n buitenlandse vrienden niet óók mee te nemen, uit angst dat de Nederlander dat niet leuk zal vinden.”

Karan Bhasin (31) – geboren in India, opgegroeid in Nigeria en later naar New York verhuisd – woont sinds twee jaar in Eindhoven en werkt bij logistiek dienstverlener Panalpina. Karan heeft wél een paar lokale vrienden. Zijn situatie verschilt met die van de gemiddelde expat in Eindhoven. Waar de meesten met andere buitenlanders in een team werken, is Karan de enige niet-Nederlander op zijn afdeling.

Ook de sector waarin Karan werkt, wijkt af van de Eindhovense standaard. Hij houdt zich bezig met marketing, terwijl het grootste deel als kenniswerker of technicus naar de stad komt. Dat komt vooral door bedrijven als de High Tech Campus, DAF, TU/e en ASML (in Veldhoven, vlakbij Eindhoven). Zij moeten hun personeel wel over de grens zoeken, omdat er in Nederland niet voldoende geschoolde technici rondlopen.

Het feit dat expats in Eindhoven grotendeels uit de bètahoek komen zegt niet alles, maar speelt wel degelijk een rol. Dat weet ook Joost van Dijck, al probeert hij zijn woorden zorgvuldig te kiezen. Na een lange stilte: „Oké dan, Eindhoven heeft nu eenmaal een hoog nerdgehalte.” En dan: „Het zijn niet de grootste feestbeesten, ze staan niet elke avond lallend in de kroeg. En ja, ze hebben over het algemeen wat meer moeite met het opdoen van sociale contacten.”

Hoewel er ook Nederlanders op de activiteiten van The Hub afkomen, zijn de expats altijd in de ruime meerderheid. Toch hoopt Van Dijck dat de buitenlanders en de locals in Eindhoven zich uiteindelijk echt gaan mengen. Werkt zo’n vereniging een scheiding niet juist in de hand? Ja, geeft de initiatiefnemer toe. „Maar door eerst een veilige enclave te ontwikkelen creëer je een comfortzone waarbinnen ze zichzelf kunnen zijn. Pas als zij zich hier thuis voelen zullen ze gelijkwaardig de integratie aangaan. Nu is die drempel nog te hoog.”